De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
vrijdag 22 september

Dossierdonderdag, 1 april 2004

Hoe laat is het?
CLAZIEN VERHEUL
Zoals het hoort bij echte verhalen, spelen ook de verhalen in de bijbel zich af op een bepaalde plaats en in een bepaalde tijd. Maar de tijdsaanduidingen plaatsen bijbelvertalers soms wel voor problemen. In het verhaal over het lijden van Jezus in het Marcus-evangelie in 15:25 staat in de NBG-vertaling van 1951: ‘Het was het derde uur, toen zij Hem kruisigden.’ Dat lijkt een vreemde formulering die wil zeggen dat het 3 uur is. Maar wie de Groot Nieuwsbijbel leest ziet iets heel anders: ‘Het was negen uur in de ochtend toen ze hem kruisigden.’
In een ander bekend verhaal wijst Petrus de omstanders die spotten met het Pinksterwonder erop hoe laat het is: ‘deze mensen zijn niet dronken, zoals gij veronderstelt, want het is het derde uur van de dag’ (Handelingen 2:15). Het is duidelijk dat voor Petrus een andere tijdsindeling geldt dan wij nu hanteren.

Winter en zomer

Ook in het Nieuwe Testament rekent men met uren, en wel met twaalf uren in een dag en twaalf uren in een nacht: ‘Telt een dag niet twaalf uren?’ zegt Jezus in Johannes 11:9; in Openbaring 8:1 is zelfs sprake van ‘een half uur’. Maar het tijdstip waarop men met het tellen van de uren begint, verschilt van dat van ons nu. Wij tellen vanaf middernacht vierentwintig of twee keer twaalf uur; in de oudheid rekende men vanaf zonsopgang twaalf uur en vanaf zonsondergang weer twaalf uur. De dag begon zo niet altijd op dezelfde tijd; in Palestina gaat de zon op de langste dag ongeveer om 5 uur op, in de lente en de herfst om 6 uur en op de kortste dag om 7 uur. Toch hield men zich aan een dag van twaalf uur, met als gevolg dat de lengte van een uur varieerde, van vijftig tot zeventig minuten, en dat een zomerdag werkelijk langer duurde dan een winterdag.
Hoewel er in de oudheid zonnewijzers waren en zelfs zakzonnewijzers, was exacte tijdsberekening voorbehouden aan specialisten; in het dagelijks leven werkte men met een vrij globale tijdsaanduiding. Men hield daarbij vaste punten aan: zonsopgang, het middaguur en zonsondergang. Ook de uren halverwege de ochtend en de middag, het derde en het negende uur, waren gangbare oriëntatiepunten. Uit Handelingen 3:1 blijkt dat het middaggebed in de tempel op het negende uur plaatsvond. Het lijdensverhaal volgt deze vaste intervallen: ‘s morgens vroeg (Marcus 15:1), het derde uur (15:25), het zesde uur (15:33), het negende uur (15:34), en toen het avond geworden was (15:42). Hetzelfde patroon zien we in de gelijkenis van de arbeiders in de wijngaard in Matteüs 20:3-12, maar daar is ook nog sprake van ‘het elfde uur’.

Culturele eigenaardigheid

Een van de uitgangpunten van De Nieuwe Bijbelvertaling is dat culturele eigenaardigheden in de teksten zoveel mogelijk behouden blijven. Omrekenen van de tijdsaanduidingen naar onze huidige urentelling, zoals de Groot Nieuwsbijbel doet, is daarmee uitgesloten. ‘Letterlijk’ vertalen, zoals in de NBG-vertaling van 1951, leidt tot misverstanden: het derde uur is nu juist niet drie uur. Bij het project De Nieuwe Bijbelvertaling zijn we uitgegaan van de vaste tijdstippen - zonsopgang, middaguur en zonsondergang - en hebben we de andere uren zoveel mogelijk daaraan gerelateerd. Jezus ontmoet de Samaritaanse vrouw bij de Jakobsbron ‘rond het middaguur’ (Johannes 4:6) en wanneer twee leerlingen van Johannes de Doper met Jezus meegaan in Johannes 1:38, staat er in De Nieuwe Bijbelvertaling ‘het was ongeveer twee uur voor zonsondergang’. Ook de formulering ‘het negende uur’ komt nog wel voor, maar alleen als de context misverstand uitsluit. Zo staat nu in het lijdensverhaal: ‘Het was in het derde uur na zonsopgang toen ze hem kruisigden. (...) Op het middaguur viel er een duisternis over het hele land, die drie uur aanhield. Aan het einde daarvan, in het negende uur, riep Jezus met luide stem: ‘Eloď, Eloď, lema sabachtani?’.’ (Marcus 15:25-34).
Wie dat wil kan deze tijden doorrekenen naar onze klok, maar het exacte 9.00, 12.00 en 15.00 uur zou de antieke wereld geen recht doen. Met ‘in het derde uur na zonsopgang’ wordt weergegeven dat de tijdsbeleving vroeger niet zo precies was als wij nu gewend zijn. Het klinkt wat vreemd, maar het brengt goed de afstand in beeld die er is tussen de oudheid en het heden waarin het soms op minuten of seconden aankomt.
Reageren op deze column? Stuur een e-mailtje naar info@bijbelgenootschap.nl onder vermelding van ‘column’.
Clazien Verheul is wetenschappelijk coördinator neerlandistiek bij het Nederlands Bijbelgenootschap

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

dossier
Familieberichten
Advertenties