De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
zondag 25 februari

Geloof & Kerkwoensdag, 20 oktober 2004

Onderzoek Kaski:
‘Parttime-predikant werkt structureel over’
Leeuwarden – Parttime-predikanten werken structureel veel meer uren dan waarvoor ze op papier staan bij hun kerkelijke gemeente. Van de hervormde parttimers werkt 74 procent over, bij de gereformeerden zelfs 90 procent. Dat blijkt uit het onderzoek Te veel van het goede dat is uitgevoerd door Kaski.
LODEWIJK BORN
Het onderzoeksbureau, dat zich richt op vraagstukken rond kerk, godsdienst en levensbeschouwing, heeft in opdracht van de gezamenlijke besturen van de Bond van Nederlandse Predikanten (BNP) en de Stichting H.O.C. Ruimzicht enquête- en literatuuronderzoek gedaan naar hoe parttime-predikanten invulling geven aan hun ambt. Centraal in het onderzoek stond het beschrijven van beperkingen en mogelijkheden van het parttime predikantschap. Het is voor het eerst dat deze thematiek in kaart is gebracht.
Er werden voor het onderzoek 640 predikanten aangeschreven uit de Protestantse Kerk in Nederland (hervormd, gereformeerd, luthers), de Doopsgezinde Broederschap, de Remonstrantse Broederschap en de Bond van Vrije Evangelische Gemeenten. 59 procent van de voorgangers stuurde de enquête retour. Die respons is opvallend hoog, aldus Kaski.
Uit het onderzoek blijkt dat over de hele linie parttimers te veel uren maken. ‘Via omrekening naar de hele groep van parttime predikant kan worden gesteld dat zij met elkaar overwerk maken die in formatie gelijk is aan 62 fulltime predikanten’, aldus het Kaski-rapport.
Volgens het Kaski is de belangrijkste reden van het structurele overwerken de onduidelijke taakomschrijving. ‘Predikanten lijken namelijk niet goed te weten wat van hen verwacht wordt. In hun werk hebben zij geen concrete doelen en geen heldere taakomschrijving. Het werk wordt dan voor een groot deel door ‘de omstandigheden’ bepaald. En dat maakt dat het werk versnipperd en nooit af is’, aldus het rapport.
Een van de redenen waarom de situatie van overwerk voortduurt, is dat in veel gemeenten een functioneringsgesprek tussen kerkenraad en voorganger ontbreekt, blijkt uit het onderzoek.

Vrije tijd

Het bewaken van de vrije tijd is iets wat als moeilijk wordt ervaren. Voor veel parttimers is vrije tijd ‘een reservetank aan tijd, voor als het werk niet afkomt’, zo is een van de conclusies.
Uit de literatuurstudie die Kaski deed, blijkt dat nergens vrije tijd wordt omschreven als iets dat ook heilzaam zou kunnen zijn, bijvoorbeeld als moment van rust, of als afleiding, of als gelegenheid om andere ervaringen op te doen die de inhoud van het werk verijken. ‘En juist dit heilzame aspect van de vrije tijd zou tot de mogelijkheden kunnen behoren die het parttime predikantschap meer biedt dan het fulltimerschap’, aldus Kaski. Vrije tijd wordt ervaren als iets dat ‘bewaakt’ moet worden en niet als ‘iets dat vruchtbaar kan worden ingezet’.
Opvallend is volgens Kaski dat de meeste predikanten wel plezier beleven aan hun ambt. ‘Het is geen kommer en kwel’. De meeste respondenten (68 procent) willen als predikant blijven werken, 15 procent aarzelt. 18 procent van de respondenten geeft aan wel in de kerk te willen blijven werken, maar níet als predikant.
Bijna de helft (45 procent) van de respondenten geeft aan ooit wel in een andere gemeente te willen gaan werken. Reden is dat de predikanten het als ‘benauwend’ ervaren om altijd in hun huidige gemeente te moeten blijven werken. ‘Blijkbaar is het predikantschap voor de meeste parttimers een aantrekkelijk beroep, waarbij ze af en toe wel graag binnen een nieuwe situatie willen werken’, schrijft Kaski.
25 procent van de parttimers bezuinigt op bovenplaatselijke activiteiten, zoals bijvoorbeeld vergaderingen, studiebijeenkomsten en de afvaardiging naar bovenplaatselijke organen. Een op de vijf parttimers maakt vóórdat het dienstverband wordt aangegaan al afspraken over de invulling van het bovenplaatselijk werk. ‘Het zou wel eens zo kunnen zijn dat parttimers naar verhouding ondervertegenwoordigd zijn in bovenplaatselijke organen en synodes’, aldus het rapport. ‘Daarmee kan het ook mogelijk zijn dat daar hun specifieke geluid te weinig wordt gehoord’.
Op woensdag 10 november worden de bevindingen uit het Kaski-rapport officieel gepresenteerd tijdens een minisymposium op Theologische Seminarium Hydepark in Doorn. Op die middag zullen de Bond van Nederlandse Predikanten en de Stichting H.O.C. Ruimzicht het rapport aanbieden aan de leiding van de kerken waarin de geënquêteerde predikanten werkzaam zijn. De BNP voert op dit moment een discussie over een zogenaamde normjaartaak van 1680 uur per jaar (40-urige werkweek) voor predikanten. Onder andere dit Kaski-rapport zal daarbij als discussienota worden gebruikt.

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

Geloof & Kerk
Familieberichten
Advertenties