De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
woensdag 25 april

Geloof & Kerkvrijdag, 23 december 2005

ZOA-Vluchtelingenzorg helpt kwetsbare groepen in Sri Lanka
Fragiel vredesproces onder druk na tsunami
Apeldoorn – Een jaar geleden werd de wereld getroffen door de tsunami. Daarna kwamen er vele giften binnen; in ons land liefst 200 miljoen euro. In een drieluik vertellen christelijke organisaties hoe zij het geld hebben besteed. Vandaag: de hulp van ZOA-Vluchtelingenzorg in Sri Lanka.
ELS SYTSMA
Het is al moeilijk genoeg, hulpverlenen in een situatie waar bijna alle huizen zijn verwoest, 35.000 mensen zijn omgekomen en ruim een half miljoen mensen ontheemd zijn geraakt door een metershoge vloedgolf. Maar het wordt een bijna onmogelijke opgave in een gebied waar een burgeroorlog diepe wonden heeft geslagen en sinds kort een kwetsbaar staakt-het-vuren heerst.
In Sri Lanka heeft vanaf begin jaren tachtig een burgeroorlog gewoed tussen de Singalezen die de grootste bevolkingsgroep vormen, en de Tamils die voornamelijk in het noorden wonen en graag meer zelfstandigheid willen. Het staakt-het-vuren van 2002 is onderdeel van een voorzichtig en moeilijk vredesproces.
Timmo Gaasbeek, ZOA-medewerker in Sri Lanka, vertelt dat na de tsunami het staakt-het-vuren onder druk is komen te staan. Omdat slachtoffers van de tsunami en slachtoffers van de burgeroorlog, die vaak even berooid zijn, door elkaar wonen, kan de vele hulp voor tsunamislachtoffers de onderlinge spanningen tussen de bevolkingsgroepen vergroten. Want jaloezie en boosheid zijn heel begrijpelijk als een oorlogsslachtoffer, die al jaren in een schamel optrekje woont, naast zich een mooi nieuw huis ziet verrijzen voor een slachtoffer van de tsunami.
Het uitgangspunt bij het werk door ZOA is dat het vredesproces juist gestimuleerd wordt door de hulpverlening, in plaats van onder druk gezet.

Toekomstgericht

ZOA-Vluchtelingenzorg werkt al vanaf 1995 in Sri Lanka voor de slachtoffers van de burgeroorlog in het land. Het team kon op tweede kerstdag 2004 snel in actie komen. Medewerkers, waarvan sommigen zelf ook familieleden hadden verloren, vervoerden gewonden naar ziekenhuizen en hielpen met het bergen van lichamen. In de weken daarna werden duizenden mensen van eten, drinkwater en kleren voorzien. Zeshonderd noodtoiletten verkleinden de kans op epidemieën en 32.000 muskietennetten beschermden tegen malaria.
Ruim zesduizend tijdelijke huizen werden gebouwd, een prestatie die in augustus door president Chandrika Kumaratunga werd beloond met een prijs.
Zo snel mogelijk richtte de hulpverlening zich op de toekomst. Boten werden - indien mogelijk - gerepareerd, nieuwe boten werden aangeschaft, visnetten, naaimachines en zaaigoed verschaften de slachtoffers van de tsunami voedsel en inkomen.
Ook Tothowfeek werd het afgelopen jaar door ZOA geholpen. Met zachte stem vertelt de dertigjarige visser over de tsunami. ,,Ik kon me nog maar net aan een kist vastklampen toen ik werd meegesleurd.’’
Toen het water zakte, ging hij meteen zijn vrouw zoeken. Tweehonderd meter landinwaarts vond hij haar lichaam. Hij verloor ook zijn bron van inkomsten, zijn boot was vernield. De eerste drie maanden durfde hij sowieso de zee niet op, maar toen moest hij noodgedwongen toch gaan vissen om geld te verdienen. ZOA heeft hem en zijn collega-vissers vier boten gegeven. Met de inkomsten daarvan kopen ze nieuwe boten en netten.
Het verhaal van Tothowfeek laat ook iets zien van het psychische leed waar de tsunami-slachtoffers mee leven: rouw om geliefden, het verlies van toekomstperspectief en de angst voor de zee. Daarom wordt ook psychologische hulp verleend, waarbij kinderen speciale aandacht krijgen. Veel kinderen in Sri Lanka hebben de tsunami of de burgeroorlog meegemaakt en leven met angst en trauma’s. Met behulp van ouders en docenten zijn al dertien speeltuinen gebouwd om kinderen een plek te bieden waar ze onbezorgd kunnen spelen. De docenten krijgen een speciale training hoe ze de sport- en speelattributen kunnen gebruiken als hulpmiddel bij traumaverwerking.
Inmiddels heeft ZOA een driejarenplan opgesteld, met als doel het verbeteren van de sociale, fysieke en economische leefsituatie van 25.000 families in het gebied. Het volledige driejarenplan van ZOA staat gepubliceerd op de website van de organisatie: www.zoa.nl.
In de hulpverlening wordt geen onderscheid gemaakt tussen directe tsunami-slachtoffers en andere inwoners van het - door de tsunami getroffen - gebied. Bovendien zijn de oorlogsslachtoffers indirect óók getroffen door de tsunami. De prijzen van bouwmaterialen zijn bijvoorbeeld zo gestegen, dat ze nauwelijks de mogelijkheid hebben hun eigen hutjes te verbeteren.
Geld voor de tsunami-slachtoffers stroomt binnen, maar voor bestaande projecten komt juist minder geld binnen. Als alleen directe tsunami-slachtoffers hulp krijgen, is dat niet alleen onrechtvaardig, het is ook een bron van nieuwe spanningen tussen de verschillende groepen. Uiteindelijk zou dat zelfs nieuwe uitbarstingen van geweld kunnen betekenen, waardoor de wederopbouw van na de tsunami teniet wordt gedaan.
Om het vredesproces te stimuleren is gemeenschapsopbouw een expliciete doelstelling van het programma. Inmiddels zijn al acht trainingen in traumaverwerking en conflicthantering gegeven en is gestart met de bouw van vier dorpshuizen. De komende jaren zullen nog tientallen psychosociale trainingen worden gegeven.
Naast de verbetering van de sociale leefsituatie, richt de hulp zich op verbetering van de infrastructuur, water en sanitair, inkomstenverwerving en onderwijs. Niet alleen de gevolgen van de vloedgolf vorig jaar worden zo aangepakt, de armoedebestrijding in de hele regio krijgt een impuls. ,,De aandacht is nu verschoven van tijdelijke oplossingen naar permanente oplossingen. We zijn begonnen met de bouw van een aantal nieuwe dorpen’’, vertelt Timmo Gaasbeek.
Daarbij worden wegen aangelegd, scholen gerestaureerd en waterputten schoongemaakt of gegraven. Tientallen metselaars en timmerlieden kregen het afgelopen jaar een starterspakket, zodat ze hun dorpen konden opbouwen en tegelijk hun eigen leven weer op de rails zetten.
De uitdaging voor de komende jaren is continu te bezien of de hulpverlening nog aansluit bij de behoeften van de bevolking. Zo overweegt ZOA om haar plannen voor permanente huizenbouw aan te passen aan de recente ontwikkelingen.
Vooraf had ZOA zich als doel gesteld om 3250 permanente huizen te bouwen. Maar gezien de stijgende prijzen, de hoeveelheid organisaties die al huizenbouw willen verzorgen en de eisen die aan de huizen worden gesteld, wil ZOA slechts huizen bouwen voor ‘vergeten’ doelgroepen of in gebieden waar dit nog niet gebeurt.
In Sri Lanka is de bouw van permanente huizen later gestart dan verwacht vanwege problemen omtrent grondrechten en bouwspecificaties.
Door deze verwachte wijziging in het ZOA-programma zal meer geld beschikbaar komen voor infrastructuur en afwatering, twee essentiële onderdelen die van belang zijn voor de duurzaamheid van de uitgevoerde hulpprogramma’s. Daarnaast zullen gezinnen door kleine leningen in staat worden gesteld weer hun eigen inkomen te verdienen, bijvoorbeeld door een winkel op te zetten of een klein restaurantje te beginnen.
Tothowfeek, de visser met angst voor de zee, die de tsunami ternauwernood overleefde maar alles wat hij had verloor, heeft weer perspectief. ,,Ik durf weer met hoop naar de toekomst te kijken’’, zegt hij.

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

Geloof & Kerk
Familieberichten
Advertenties