De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.

zaterdag 16 december

Regiozaterdag, 8 april 2006

‘Zandsuppletie redt het wad’
Leeuwarden – Het waddengebied is ook in 2046 nog een boeiend natuurgebied, waar mens en dier veel plezier aan kunnen beleven. Er moet wel veel gebeuren, vooral op het gebied van zandsuppletie en het toelaten van water op plekken waar dat eerst bestreden werd, zoals op de oostpunt van de eilanden.
Die boodschap klonk gistermiddag in It Aljemint in Leeuwarden, op het jubileumcongres van de Waddenvereniging, die veertig jaar bestaat. Onder de titel ‘Mama, wat waren de wadden?’ probeerden vier sprekers de vraag te beantwoorden hoe het gebied er in 2046 bijligt. Is het gebied ingenomen door de industrie? Staan de wadplaten vol met windmolens? En zijn die platen er überhaupt nog, of verliezen de wadden de strijd tegen de klimaatverandering en de bijbehorende zeespiegelstijging?
Om met dat laatste te beginnen: A. Oost, fysisch geograaf bij de Universiteit Utrecht en het Rijkinstituut voor Kust en Zee (RIKZ) denk van niet. Zeker, de zeespiegel stijgt - volgens de gunstigste schattingen zo’n 60 centimeter per eeuw – maar het wad is altijd in staat gebleken dat te compenseren. ,,Het wad trekt zand aan vanuit de Noordzeekustzone. Dat zand wordt via de geulen verspreid over de wadplaten.”
Het is de kunst, aldus Oost, om dat systeem niet helemaal vrij te laten: dan zou er namelijk vooral zand afslaan van de eilanden en de Hollandse kust. ,,Er moet op grote schaal suppletie plaatsvinden met zand uit diepere wateren. Dat spuiten we op voor de eilandkust, zodat het zich gelijkmatig over het wad kan verspreiden.”
Daarnaast kunnen er op strategische plaatsen ‘zanddammen’ worden neergelegd, die verdere afslag aan de (bewoonde) westkant van de eilanden voorkomen, maar aan de andere kant juist overstromingen op de oostpunten bevorderen. ,,Op die manier ontstaan wash-overs , waar een rijk mozaïek van verschillende natuurwaarden kan ontstaan.”
Oost kreeg wel vragen uit de zaal of al die zandsuppleties uit de Noordzee geen schadelijke effecten op de ecologie zullen hebben. ,,Daar is tot nu toe weinig onderzoek naar gedaan. Zeker, daar waar je een put slaat, gaan beesten dood en daar waar je het zand neergooit ook. Maar echt grootschalige effecten zijn nog nooit waargenomen.”
Ervan uitgaande dat het waddengebied in 2046 nog steeds als zodanig herkenbaar is, rijst de vraag wat we er precies mee moeten doen.
H. van der Windt, universitair docent aan de Rijksuniversiteit Groningen, schetste de mogelijkheid om er een echte wildernis van te maken. ,,Dus zonder visserij, zonder energiewinning, met geen of beperkt ecotoerisme en het water mag overal stromen waar het wil. Hoever we daarmee kunnen komen? Als we willen heel ver. Maar het zal er wel op neerkomen dat het een ‘gebouwde wildernis wordt’, met van alles een beetje. Een beetje saai, eigenlijk.”

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

regio
Familieberichten
Advertenties