De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
zaterdag 18 november

Hoofdartikelmaandag, 25 september 2006

De Armeense kwestie...
De ‘Armeense kwestie’ staat plotseling op de agenda van Nederlandse politieke partijen. Nu eens niet in verband met de heikele vraag naar de voorwaarden voor toetreding van Turkije in Europa, maar ‘gewoon’ in verband met de geloofwaardigheid van bijvoorbeeld de PvdA en het CDA.
Wat blijkt? Enkele kandidaat-Kamerleden voor beide partijen, van Turkse afkomst, steunen het Turkse standpunt dat er geen genocide heeft plaatsgevonden onder de Armeniërs, in 1915. De kwestie: wel of geen genocide, houdt historici en politici al jaren bezig. Ondanks overtuigende aanwijzingen dat de moord op Armeniërs wél plaatsvond, past het niet in de Turkse doctrine om die misdaad te erkennen. De kwestie ligt in Turkije behoorlijk gevoelig: wie de genocide erkent en zich daarover publiekelijk uitlaat, is strafbaar. Vorige week bleek hoe Nederlands-Turkse politici zich houden aan de officiele Turkse geschiedschrijving; er was geen genocide. Onder druk van het CDA verklaarden betrokken kandidaat-Kamerleden voor deze partij dat ze het eens zijn met het partijstandpunt dat zegt dat er wél sprake is geweest van genocide. Nu blijkt ook een kandidaat-Kamerlid van de PvdA van Turkse afkomst de regering te volgen in de Armeense kwestie. Volgens dagblad Trouw is de betreffende man, Erdinc Sacan, zelfs een van de aanvoerders van Nederlands-Turkse politici die de genocide ontkennen. Hij is een van de leiders van een discussie op internet, voor Turks-Nederlandse politici. Ook de PvdA-kandidaat heeft inmiddels bekendgemaakt dat hij zich aansluit bij zijn CDA-collega’s.
De draai in de opvattingen van de aspirant-Kamerleden is opmerkelijk. Hoe kan het, dat een opvatting die van harte wordt gedeeld, plotseling, onder druk van het Kamerlidmaatschap, wordt losgelaten? In gewone omstandigheden zou die ommezwaai verdacht zijn, in het geval van de Nederlandse Turken is ze dat helemaal. Het standpunt betreffende de Armeense kwestie is immers een belangrijke kwestie voor de Turken én voor de minderheden in Turkije. Het standpunt over de genocide is zo ongeveer een toetssteen voor goed Turks burgerschap - ook voor de Nederlandse Turken. Volgens Trouw nodigden de discussianten op de website een Turkse hoogleraar uit die zo ongeveer het boegbeeld is van de ontkenning van de genocide.
...en de integratie
Volgens een motie van de ChristenUnie is in ons land de ontkenning van de genocide op de Armeniërs verboden. De aspirant-Kamerleden waren, voordat ze zich bekeerden tot het Nederlandse standpunt, dus in overtreding. Die omstandigheid geeft aan hoe het CDA en de PvdA slordig zijn geweest met betrekking tot de Nederlandse Turken. De kandidaten zijn mede geworven vanuit de overtuiging dat hun kandidatuur stemmen zal trekken vanuit de minderheden, maar de prijs die de partijen daarvoor betalen is redelijk hoog: een pijnlijke confrontatie met Turks-nationalistische opvattingen van de kandidaten.
Het aanvankelijke standpunt van de kandidaten en dat van na hun ommezwaai geeft aan hoe zeer de kandidaten verbonden zijn met Turkije. Daar is op zichzelf niets mis mee, maar het wordt iets anders als die standpunten tegengesteld zijn aan wat in Nederland als historisch én politiek feit wordt gezien.
De kwestie met de kandidaat-Kamerleden maakt ook duidelijk dat het werven van kandidaten van buitenlandse afkomst meer betekent dan het strategisch inzetten van de kandidaten om stemmen te halen uit de bevolkingsgroep waaruit die kandidaten voortkomen. Die werving lijkt onschuldig, maar is het allerminst. De kandidaten nemen een Turks probleem mee de Kamer in en maken van de genocide ruilwaar: wij ontkennen niet langer de genocide en jullie laten ons toe in het Nederlands parlement. Er zijn mooiere vormen van integratie denkbaar.

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

hoofdartikel
Familieberichten
Advertenties