De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
zondag 19 november

Hoofdartikelwoensdag, 10 januari 2007

Meer troepen...
Vannacht zal de Amerikaanse Bush in een tv-toespraak aankondigen 20.000 man extra naar Irak te sturen. Met een grotere strijdmacht moet de opstand in Irak de doodsklap krijgen waarna de Amerikaanse troepen naar huis kunnen worden gehaald.
Met zijn voornemen dreigt de Republikein Bush in botsing te komen met de nieuwe Democratische meerderheid in het Congres, die juist wil dat er een begin wordt gemaakt met de terugtrekking van de Amerikaanse troepen uit Irak. Het is na vier jaar mooi geweest, vinden veel Democraten. De oorlog heeft tot nu toe meer dan 3000 Amerikaanse soldaten het leven gekost en 300 miljard dollar opgeslokt.
De Democraten zitten in een lastig parket. Sommige van hen zijn bang dat ze als verraders worden gezien van ‘onze jongens’ in Irak wanneer ze Bush dwarsbomen. Maar stemmen de Democraten in met het plan van Bush, dan worden ze medeverantwoordelijk gemaakt voor de oorlog. Een volgende, hoogstwaarschijnlijk Democratische, president zit dan na het opstappen van Bush in 2008 nog met de Irak-erfenis opgescheept.
Met het plan meer soldaten naar Irak te sturen, erkent Bush dat de 134.000 man die nu in Irak zitten een oorlog voeren die ze niet aan het winnen zijn. Dat inzicht komt te laat. Een troepenuitbreiding had drie jaar geleden nog iets uitgehaald, nu niet meer. Van meet af aan was duidelijk dat de Amerikaanse legermacht aan de kleine kant was om rust en orde te kunnen brengen. Dankzij harde repressie wist Saddam de soennieten, de sjiieten en de Koerden in het kunstmatig gecreëerde Irak bijeen te houden. Het wankele tribale en religieuze evenwicht werd door de Amerikanen wreed verstoord, zonder er een levensvatbaar alternatief voor te bieden.
De chaos in Irak die heeft geleid tot de bloedige wraakcyclus waar soennieten en sjiieten nu in zijn verwikkeld, begon met een Amerikaanse politieke blunder. De Amerikaanse bewindvoerder Paul Bremer ontbond het Iraakse leger en stuurde de ambtenaren naar huis omdat ze banden hadden met de Baath-partij van Saddam Hussein. Die maatregelen leidden niet alleen tot een maatschappelijke en economische wanorde, maar ook tot grote frustratie onder de soennitische minderheid die het onder Saddam voor het zeggen had. De werkloze en verbitterde oud-militairen en Baath-aanhangers kwamen in opstand omdat ze niets hadden te winnen onder de nieuwe politieke indeling. Met aanvallen op de sjiieten hoopten ze een burgeroorlog te ontketenen om de macht terug te winnen. De sjiieten, die dankzij de door de Amerikanen geïntroduceerde democratie de regeringsmacht hadden verworven, lieten zich in eerste instantie niet provoceren. De invloedrijke geestelijk leider al-Sistani wist zijn sjiitische volgelingen rustig te houden, ondanks verzet van de ongeduldige militieleider al-Sadr.
...komen te laat
Als de Amerikanen geen politiek en maatschappelijk vacuüm hadden geschapen, was de soennitische onvrede niet tot uitbarsting gekomen. Toen dat wel gebeurde, had een militair overwicht op de grond nog een verschil kunnen maken. Bij gebrek aan voldoende Amerikaanse troepen heeft de soennitische rebellie voortgewoekerd tot de maat vol was voor de sjiieten. Dat gebeurde in februari met de aanslag op de moskee van Samarra, het belangrijkste sjiitische heiligdom. Vanaf dat moment had al-Sistani zijn aanhang niet meer in de hand en begonnen sjiitische milities en de door sjiieten geïnfiltreerde krijgsmacht en politie hun terreurcampagne tegen de soennieten.
Die bloedige strijd kan het hele Midden-Oosten in vuur en vlam zetten als soennitische en sjiitsche landen hun geloofsbroeders in Irak te hulp schieten. De Iraakse burgeroorlog dreigt niet alleen de Iraakse grenzen te overstijgen, maar heeft ook de interne strijd binnen de islam blootgelegd. Sjiieten en soennieten verkeren in een diep politiek en religieus schisma. Was tot vorig jaar de algemene indruk dat de islam in oorlog was met het Westen, nu is duidelijk dat de islam in strijd is met zichzelf.
De Amerikanen hebben elke controle op de Iraakse burgeroorlog verloren. Bush wekt nu de indruk dat door een laatste krachtsinspanning orde op zaken kan worden gesteld. De heimelijke suggestie is dat als dat niet gebeurd, het de ondankbare Irakezen valt te verwijten die democratie kregen aangeboden maar burgeroorlog prefereerden. Dat is onzin. De Amerikanen hebben onderschat hoe gevoelig de verhoudingen lagen tussen de sjiieten, soennieten en Koerden - áls Bush al wist dat Irak langs die etnische en religieuze lijnen was opgedeeld. Die onderschatting leidde tot ongefundeerd optimisme over het herscheppen van Irak in een bloeiende democratie. De huidige situatie bewijst dat de drie bevolkingsgroepen niet meer samen willen leven. Daarvoor is het wantrouwen en de haat te diep en is er te veel bloed vergoten.
Kortstondig de Amerikaanse militaire aanwezigheid opvoeren, biedt dan ook geen oplossing. Mocht het geweld worden beteugeld, dan zal het weer oplaaien als de Amerikanen weg zijn. Irak is verwikkeld in een permanente burgeroorlog. Dat is niet de schuld van de Amerikanen, maar zij dragen wel de morele verantwoordelijkheid omdat zij de omstandigheden ervoor hebben geschapen. Irak kan, hoe graag de Amerikanen dat ook willen, nog lang niet op eigen benen staan.

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 2


Reacties:

Laat Bush in plaats van 20.000 militairen eens 20.000 bouwvakkers sturen,
dan kunnen die alles wat vernield en afgebrand is sinds de illegitieme
inval van de vs weer opbouwen. Het is erg kort door de bocht eerst een
land tot totale chaos te brnegen om daarna het hazepad te kiezen onder
het mom van 'ze moeten het zelf doen'. Bovendien zul je zien dat als
mensen zich niet druk hoeven te maken over onderdak, over veiligheid voor
hun kinderen en zichzelf, over inkomsten en werk zij veel toegankelijker
zijn voor positieve gedachten; ze zullen dan ook zelf beter meewerken het
volledig vernielde land weer op te bouwen. En daar ligt mijns insziens de
verantwoordelijkheid van de vs. De bemoeizucht van dat land heeft eerder
landen tot de afgrond gebracht, en zal zoals het nu lijkt, daar rustig
mee doorgaan. Maar wie weet, misschien komt de rest van de wereld nog
eens tot rede en zullen ze dit land tot de orde roepen.

Annette Panhuis, Leeuwarden - vrijdag, 12 januari 2007


Goed gezegd. Alleen ontbreekt het woord Al-Quada en hun invloed.

W. Travaille, wichita, kansas, usa - vrijdag, 12 januari 2007


hoofdartikel
Familieberichten
Advertenties