De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
donderdag 26 april

Hoofdartikeldinsdag, 26 februari 2008

Megastallen...
De Voedsel en Waren Autoriteit (VWA) heeft onderzoek gedaan naar gezondheidsrisico’s van de mens bij megastallen. Dergelijke bouwsels bieden ruimte aan duizenden dieren, bijvoorbeeld varkens. De risico’s zijn beheersbaar, meent de VWA, en in zekere zin niet groter dan bij huidige grote varkenshouderijen.
Het advies is verrassend, omdat een andere ‘autoriteit’, namelijk het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en milieu (RIVM) onlangs waarschuwde voor het méér voorkomen van infectieziekten die van dieren naar mensen overgaan in megastallen. Twee instanties dus die verschillende dingen zeggen, vooral voortkomend uit verschillende manieren van kijken en onderzoek doen. De uitkomsten van beide onderzoeken zijn voorbeelden van de betrekkelijkheid van wetenschappelijk onderzoek: de uitkomsten moeten altijd worden bekeken in het licht van het onderzoek, bijvoorbeeld de onderzoeksdoelstellingen en de methode van onderzoek.
Zo is het goed mogelijk onderzoek te doen naar financieel rendement van megastallen, zonder het aspect van dierenwelzijn erbij te betrekken. De eventuele schade aan het welzijn wordt dan niet meegenomen en telt dan ook letterlijk niet mee in de onderzoeksresultaten. Het is goed de betrekkelijkheid van rapporten met onderzoeksresultaten in het oog te houden wanneer het gaat over megastallen. De afgelopen maanden is de ontwikkeling van dergelijke industriële voorzieningen in de landbouw volop in discussie. In die discussie is goed te zien hoe zeer er verschillende aspecten van de megastal zijn te onderscheiden. Zo zijn er argumenten te bedenken die voortkomen uit belangen van landschappelijke waarden; passen dergelijke grote gebouwen wel in het agrarische landschap? Of moeten ze juist worden gesitueerd op industrieterreinen? Een ander aspect betreft de logistiek. Megastallen veroorzaken veel zwaar verkeer: aanvoer van de jonge dieren en afvoer van de gefokte dieren, aanvoer van het voer en eventueel afvoer van mest. Past dergelijk verkeer wel op de b-wegen van het platteland of is dat intensievere verkeer juist weer een reden om industrieterreinen aan te wijzen als vestigingsplaatsen van megastallen?
Een ander belang is dat van het al genoemde dierenwelzijn. Er zijn inmiddels voldoende studies die aangeven dat bijvoorbeeld varkens zich in lang niet alle omstandigheden prettig voelen. Grootschalige hokken en technische voorzieningen zijn als zodanig niet bepaald bevorderlijk voor het welzijn van varkens. Onlangs verscheen een studie waarin duidelijk werd hoe zeer juist varkens sociale dieren zijn, met ‘eisen’ aan hun omgeving. De ideale leefomgeving van een varken heeft niet zo veel te maken met de behuizing in de megastallen, uitgaande van bepaalde indicatoren voor dierenwelzijn.
...en de wereld
Er is alle reden om uiterst kritisch te staan tegenover de wilde plannen voor megastallen. Het rendement op het houden van dieren is de belangrijkste reden voor de ontwikkeling van de plannen. Er is niets mis met het streven van boeren om te kunnen voortbestaan. Burgers zouden in dit opzicht de boeren veel meer moeten gunnen dan nu blijkt uit hun jacht op het goedkoopste vlees. Het rendement van boerenbedrijven is dan ook niet alleen een zaak van boeren, maar net zo goed van de burgers. Die verantwoordelijkheid strekt zich ook uit tot de kwaliteit van leven van de dieren. Burgers, consumenten, zijn door hun koop- en eetgedrag medeverantwoordelijk voor de omstandigheden waarin de dieren leven voordat ze werden geslacht.
De discussie over de megastallen kan dan ook niet beperkt blijven tot de agrarische sector en de instanties; het al dan niet bouwen van megastallen is een maatschappelijk onderwerp. En dus moeten burgers (als consumenten) zich ermee bezig houden. Het kopen van een stukje vlees is veel meer dan alleen maar wat geld uitgeven voor de dagelijkse voeding: vlees kopen en eten zijn (ook) maatschappelijke handelingen.
Voedsel is overigens ook op wereldschaal steeds meer een maatschappelijk onderwerp. Voedsel in de wereld wordt duurder, mede door de druk op de vleeshandel: in landen met opkomende economieën (China, India) neemt het vleesgebruik toe. Om meer vlees te produceren is meer graan nodig. De prijs daarvan stijgt. Graan is voor veel mensen in de wereld ongeveer het enige voedsel. De hogere prijzen voor graan vormen een reële factor in de bestrijding van de honger in de wereld. Precies daarom heeft de wereldvoedselorganisatie gewaarschuwd voor meer honger in de wereld bij gelijke budgetten voor voedselhulp.
Het leven is ingewikkeld: in mijn stukje vlees ligt een wereld aan omstandigheden en waarden.

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 1


Reacties:

Het economische leven, de markt kan dus niet vrij zijn, vrij in de zin zoals de Europese Gemeenschap dat bedoelt. Ik ben (mede) verantwoordelijk voor het leven van het varken en de varkenshouder. In de Franse revolutie heette dat Fraternité, broederschap.

Bert Erends, Alkmaar - woensdag, 27 februari 2008


hoofdartikel
Familieberichten
Advertenties