De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.

maandag 23 oktober

Geloof & Kerkzaterdag, 12 juli 2008

‘Zou God dat gebed ook gehoord hebben?’

Wolvega - Het geloof doorgeven aan je kinderen, maar ook aan je kleinkinderen, hoe gaat dat in de praktijk? Het Friesch Dagblad portretteert grootouders en kleinkinderen over geloofsopvoeding en geloofsbeleving. Vandaag deel 2.

Generaties & geloof

HANNEKE GOUDAPPEL
Terwijl we in in de zon op het dakterras zitten, vliegen de plagende opmerkingen over en weer. Zo is de relatie van pake Jan From (62) en kleindochters Tara (14) en Amber (14). De tweeling uit Wolvega komt geregeld even aanwaaien bij pake en oma. Ze voelen zich er thuis. En andersom zijn Jan en Marry From ook dol op hun kleindochters.
,,Hoe zien jullie pake en oma?”, vraagt pake de tweeling. ,,Als twee oude mensen’’, lacht Tara. ,,Hè, nee, dat valt wel mee”, zegt Amber. Tara, nu serieus: ,,We hebben nog best wel een jonge pake en oma.” Jan From maakt samen met kleindochter Amber muziek. Ze spelen beiden esbas bij Christelijke Brassband Euphonia in Wolvega. ,,Dat is een van de meest mooie dingen die je als pake kunnen overkomen: dat je samen met je kleindochter muziek kunt maken.” Muziek is emotie voor Jan From.
,,En het is ook prachtig om met Tara sportclub Heerenveen te zien in het Abe Lenstra Stadion, en om Tara in de KNVB-competitie kampioen te zien worden”, lacht pake Jan. ,,We zouden niet zonder jullie kunnen”, zegt hij tegen zijn kleindochters.
Tara keept in de KNVB-competitie en is ook keepster bij FC Wolvega. Afgelopen seizoen speelde ze in MC1, en won alle mogelijke prijzen (midwintercup, competitie en bekerkampoein). Volgend seizoen speelt ze bij Dames 1.

Vaderdag

Een bijzonder moment voor Jan From was afgelopen vaderdag. Naar aanleiding van een eerdere kerkdienst had Jan From zich gerealiseerd dat hij het een bijzonder cadeau zou vinden als al zijn kinderen en kleinkinderen met hem de kerkdienst op vaderdag mee zouden maken. Hij schreef zijn drie kinderen, schoonzoons en -dochter en zeven kleinkinderen een brief waarin hij ze persoonlijk uitnodigde. ,,Niet allemaal zijn ze gelovig. Maar op de vader van Amber en Tara na - van hem heb ik een brief gehad - kwamen ze allemaal naar de kerk. We hebben een prachtige dienst gehad.”
,,Ik vond het wel cool dat we er met z’n allen waren’’, zegt Tara. ,,Behalve papa dan. Wel jammer dat hij er niet was, maar hij heeft er niks mee.’’ ,,Papa zegt dat hij er niets te zoeken heeft omdat hij niet gelooft’’, vult Amber aan. ,,Hij wil er ook niks van leren, dus waarom zou hij dan wel gaan?”

Maaltijd

Jan From, tegenwoordig statenlid voor het CDA, heeft zijn drie kinderen het geloof geprobeerd voor te leven. Zondags bezochten ze de kerk, aan tafel werd ’s avonds uit de bijbel gelezen en gebeden. In het drukke ondernemersgezin From (Jan From was mededirecteur en aandeelhouder van From Holding B.V. en had nog verschillende bestuursfuncties) werd de avondmaaltijd altijd traditioneel met z’n allen gehouden. ,,Aan die tafel werd alles besproken. Of het nu over school, werk of geloof ging. We konden het met elkaar overal over hebben.”
,,Tot op een bepaalde leeftijd neem je je kinderen mee in je geloof. Maar niet dwangmatig; ruimte latend voor een eigen verantwoordelijkheid en beleving. Je probeert het geloof je eigen uitstraling te geven, waardoor zij er iets aan kunnen hebben.” Voor twee van de kinderen heeft het geloof nog steeds betekenis, voor de ander niet. ,,Soms is het moeilijk om ze ook in hun geloofsbeleving vrij te laten, maar het is en blijft hun eigen verantwoording hoe ze daarmee omgaan.’’
Voor Jan From zelf hoorde geloven er vanaf zijn kindertijd al bij. ,,Dat was binnen ons gezin net zoiets als eten en drinken.” Het contrast tussen zijn vader en moeder was groot toen zij elkaar ontmoetten. Zijn vader kwam uit een streng gereformeerd gezin uit de arbeidersklasse; zijn moeder juist uit een liberaal ingesteld niet-gelovig gezin, uit boerengeslacht. ,,Ze zijn in 1945 getrouwd. Mijn moeder stond wel open voor het geloof van mijn vader. Het ging haar ook steeds meer zeggen.”
Kerkelijk was dat ‘gemengde huwelijk’ zo gemakkelijk nog niet. ,,Het leidde ertoe dat ik pas toen ik een jaar of vier, vijf was gedoopt ben, want toen trad mijn moeder toe tot de Gereformeerde Kerk.’’
Jan From heeft zijn moeder als een ,,zeer gelovige vrouw ervaren”, maar ,,wars van kerkelijke dogma’s”. ,,Ze heeft het helemaal zelf moeten ontdekken. Dat was in die tijd nog niet zo makkelijk. Ze werd in de eerste instantie maar moeilijk geaccepteerd in de kerk.”

Verdriet

Jan From ontmoette zijn vrouw Marry eind jaren zestig en de eerste jaren van hun huwelijk woonden ze in ’t Harde. Ze werden daar lid van de Gereformeerde Kerk. In ’t Harde maakten ze zeer moeilijke dagen mee. Ze verloren hun eerste twee kinderen kort na de geboorte. ,,Toen wij dat verdriet meemaakten, had ik het er moeilijk mee om het geloof te behouden’’, vertelt Jan From. ,,Ik had heel veel vragen. Je wilt er niet aan als je zo jong bent.’’
,,Onze jongste zoon, Frans Willem, kreeg dit voorjaar een hartstilstand’’, vervolgt Jan From. ,,Zo ernstig dat hij eigenlijk dood had moeten zijn. Dan beleef je die ellende eigenlijk weer. Je zegt op die momenten wel: ‘lieve Heer, is deze gifbeker nu nooit leeg?’ Aan de andere kant put je ook moed en steun uit je geloof. Via de mensen die om je heen staan, uit geloofsgesprekken.’’
Jan From vergelijkt zichzelf wel eens met de discipel Petrus, ,,die in zijn geloof hoogte- en dieptepunten meemaakte’’. ,,Soms heb je het gevoel dat je over water kunt lopen. Maar soms ook zijn er enorme dieptepunten.’’

Bidden

,,Wij doen nog niet zo heel veel met het geloof”, zegt Amber. ,,We gaan soms wel naar de kerk, maar vooral als er iets bijzonders is.”
,,Ik kan mij een situatie herinneren van toen pake in het ziekenhuis lag met een acute hartspierziekte’’, zegt pake Jan tegen Amber. ,,Jij was toen een jaar of zes, en je vroeg aan oma: ‘Wordt pake nog wel beter?’ Oma zei toen: ‘Daar moet je de lieve Heer maar om bidden’. En toen zei jij: ‘Dat doe ik elke dag, maar ik krijg nooit antwoord’.”
,,Ik krijg nog steeds geen antwoord”, zegt Amber. ,,Ik weet niet of het helpt om te bidden.” ,,Denk eens aan Frans Willem die zo ziek was’’, zegt pake Jan. Het is eigenlijk een wonder dat hij nog leeft. Zou God dat gebed misschien ook gehoord hebben?” ,,Misschien wel”, zegt Amber aarzelend.
Ook Tara heeft haar vragen. ,,Ik weet wel dát Hij er is, maar hóe kan ik merken dat hij er is?” Bidden doen ze allebei wel, maar ze zien God níet als een soort ,,sinterklaas’’. Pake: ,,Ik kan ook bidden als ik naar die bloem daar kijk. Om met God te praten hoef ik m’n ogen niet dicht te doen. Wanneer bidden jullie vooral?” ,,Ik vaak als ik ’s avonds in bed lig”, vertelt Tara. ,,Pake: Waarvoor? Voor een goed cijfer, of leg je vooral je problemen bij God neer? ,,Toen met Frans Willem”, zegt Tara, er weer verdrietig van wordend. ,,Ja, dat had een enorme impact op ons allemaal”, zegt pake.
Amber heeft een jaar of drie geleden ook nog een moeilijke situatie met een vriendinnetje van de muziek meegemaakt. ,,Ze had een hersentumor. Ik heb toen een heleboel gebeden. Maar ze ging toch dood.” ,,Was je boos op God”, vraagt pake. ,,Ja, omdat Hij haar dood liet gaan.”
Ze bedanken God allebei ook geregeld. ,,Als ik een leuke dag heb gehad”, vertelt Amber. ,,Daar mag je wel dankbaar voor zijn, want er zijn ook zoveel mensen die het veel slechter hebben.” ,,Als ik dingen gevraagd heb, en ze heb gekregen, dan bedank ik God ook”, vult Tara aan. Ze bedanken God ook voor hun vrienden. Amber heeft wat dat betreft ook andere tijden meegemaakt, toen ze op de basisschool behoorlijk gepest werd. Dat was een nare periode. Nu heeft ze het naar haar zin op het gymnasium Bornego College in Heerenveen. ,,Je bent veel levenslustiger geworden’’, zegt pake Jan. ,,Denk je dat jouw bidden geholpen heeft dat ze nu beter tot haar recht komt’’, vraagt hij Tara. Ze denkt van wel.

Diepgaand

Het is bijzonder, om zo met je kleinkinderen te kunnen praten, vindt pake Jan. Hij is daar ,,heel dankbaar’’ voor. ,,Je hebt niet elk moment met elkaar zulke diepgaande gesprekken”, zegt Jan From. ,,Dit zijn heel mooie momenten.’’
Pake Jan is soms ook wel wat bezorgd als hij denkt aan de tienerjaren waar Tara en Amber nog doorheen moeten. ,,Soms vraag ik me af hoe jullie je staande houden met alles waar jullie in deze maatschappij mee geconfronteerd worden, tot aan drugs toe. Je komt straks in een volstrekt andere wereld. ,,Dat gaat wel lukken hoor”, wuift Amber pakes zorgen weg. ,,Maar ook in je geloof?”, vraagt pake. ,,Ja hoor dat ook’’, zeggen de meiden.

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 1


Reacties:

Het geloof overbrengen naar je kinderen en/of kleinkinderen en dan bedoel ik met de woorden uit de bijbel heeft grenzen.
De rest, daarover moet je niet in paniek komen te zitten, is in de omgang en de belevenissen met en zonder de jeugd te vinden. Soms zijn die korter van tijd en andere gaan langer mee. En, we kunnnen op de vragen van de jeugd altijd wel een antwoord geven, of gewoon luisteren. Maar liever geen geloof opdringen.
In geval van nood en bij bepaalde gebeurtenissen zijn er meestal mogelijkheden om iets te verduidelijken, of uit een te zetten, of bij elkaar te zijn. Met en zonder geloof. Iedere generatie heeft zijn eigen cyclus. En we hebben vast allemaal bij het volwassen worden een verantwoording te overnemen, die dan ook begint te draaien, voor jezelf en waar anderen mee gemoeid zijn. Je kunt dus keuzes maken voor de wereld waarin je leeft en waarin ook anderen er nog in willen, of moeten leven. Dat zijn dan dus ook ethische en religieuze vragen en antwoorden, met en voor de verschillende generaties en mensen op de wereld. Daarmee zijn we nu bezig.
We kunnen onze kinderen en/of kleinkinderen een oriëntering meegeven. De rest moeten ze dan zelf doen en invullen.

Met hartelijke groeten: Gré Stocker-Boon

Gré Stocker-Boon, Zuerich-Schweiz - donderdag, 17 juli 2008


Geloof & Kerk
Familieberichten
Advertenties