De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
dinsdag 21 november

Hoofdartikelwoensdag, 17 juni 2009

Straatprotest...
Of het straatprotest in Teheran een nieuwe Iraanse revolutie inluidt zoals in 1979 is onzeker, maar het lijkt er niet op. Dertig jaar geleden werd de dictatoriale, pro-westerse sjah Pahlavi afgezet ten gunste van, uiteindelijk, een islamitische republiek onder leiding van ayatollah Khomeini. Ook dit keer begint het protest op straat en zijn het vooral hoogopgeleiden en jongeren die protesteren. Maar het grote verschil met 1979 is dat er nu geen krachtmeting plaatsvindt tussen een dictatoriaal regime en een revolutionaire beweging. Het gaat nu tussen twee ultra-conservatieven, president Mahmoud Ahmadinejad en Mir Hossein Mousavi, de belangrijkste oppositieleider en verliezer tijdens de presidentsverkiezingen. Mousavi en een deel van zijn aanhangers willen niet het systeem omverwerpen. Ze zijn alleen, terecht, boos dat er met het tellen van de stemmen is geknoeid.
In het onwaarschijnlijke geval dat de almachtige Raad van Hoeders, het hoogste juridische orgaan van Iran dat zich nu buigt over de verkiezingsfraude, de winst aan Mousavi toewijst, wordt het echt nog geen lente in Teheran. Oud-premier Mousavi is slechts een tikkeltje gematigder dan Ahmadinejad, en dan heet je in de Iraanse politieke verhoudingen al snel een hervormer.
Mousavi werd samen met Ahmadinejad en twee anderen zorgvuldig geselecteerd uit ongeveer 475 kandidaten. De vier mannen hebben een onberispelijke reputatie bij de Revolutionaire Garde, het militaire elitekorps dat onder leiding van de Opperste Leider Khamenei de selectie deed. Elke andere kandidaat die ook maar iets meer vrijheid wilde toestaan of wiens gedachtegoed afwijkt van de radicale islamitische ideologie, kwam niet door de ballotage. De verkiezingen in Iran zijn dan in feite ook een aanfluiting omdat de verschillen tussen de kandidaten maar gradueel zijn.
Ook op alle mogelijke andere manieren hebben de ayatollah’s in Iran de iets minder uitgesproken conservatieven (zeg maar de hervormingsgezinden) de afgelopen jaren de voet dwars gezet. De rechtbanken en geheime diensten hebben iedere Iraniër die kritiek had op de machthebbers het leven zuur gemaakt.
...en dictatuur
Ayatollah Ali Khamenei is zo bang de macht te verliezen dat hij behalve onderdrukking nu ook stembusfraude niet schuwt. ,,Macht is geen middel maar een doel’, zei de Britse schrijver George Orwell al. ,,Men vestigt geen dictatuur om een revolutie te beschermen, men begint een revolutie om de dictatuur te beschermen.” Dat gaat ook op de erfgenamen van de islamitische revolutie van 1979 die weliswaar de uitkomst van de verkiezingen een ’goddelijke beschikking’ noemen maar daar waarschijnlijk toch meer de eigen hand in hebben gehad. Want hoe valt het anders te verklaren dat volgens peilingen Mousavi op dubbel zoveel stemmen kon rekenen als Ahmadinejad? Verder zou Ahmadinejad in kiesdistricten hebben gewonnen waar de aanhang van Mousavi groot is. Mousavi komt uit de provincie Oost-Azerbejdjan en zelfs daar zou Ahmadinejad hebben gewonnen. Ook werden de eerste vijftien miljoen stemmen, op grond waarvan Ahmadinejad de overwinning claimde, ongelooflijk snel handmatig geteld.
Twijfel over de uitslag is ook op zijn plaats als wordt bedacht dat twee derde van de Iraanse bevolking jonger is dan dertig jaar en dat voor veel van die hoogopgeleide jongeren Mousavi de minst slechte keus was omdat hij iets gematigder is dan Ahmadinejad. Toch zou volgens de officiële uitslag Ahmadinejad veel van hun stemmen hebben gekregen, naast die van plattelandsbewoners en arme inwoners van zijn land.
De vrijpostigheid waarmee en de grote schaal waarop de uitslag van de verkiezingen is gemanipuleerd, wijst er op dat het regime vastbesloten is de macht in handen te houden. Ook het geweld waarmee de protesten tegen de verkiezingsfraude worden neergeslagen, duidt daarop. Het lijkt er dus niet op dat Iran in de komende jaren een minder radicalere koers zal varen. Dat is een grote teleurstelling voor het naar vrijheid snakkende deel van de Iraanse bevolking. Maar ook voor de wereld, gezien het nucleaire programma van Iran en de confrontatiekoers die het jegens Israël voert.
Een lichtpuntje is wel dat door het massale straatprotest voor het eerst de buitenwereld ziet dat de hoogopgeleiden en jongeren in Iran verandering willen. Dat mag ook een les zijn voor de ayatollah’s. Want - met de islamitische revolutie van 1979 in hun achterhoofd - zouden zij toch beter dan wie moeten weten dat een totalitair systeem niet tot in lengte van jaren een volk zijn vrijheid kan onthouden.

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

hoofdartikel
Familieberichten
Advertenties