De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
vrijdag 25 mei

Geloof & Kerkdinsdag, 17 november 2009

Impressie Friese synodeleden van de landelijke kerkvergadering in Lunteren
‘Je krijgt een kijkje in de keuken van PKN’

Lunteren - De synode van de Protestantse Kerk telt over een tijd geen 150, maar nog slechts 75 synodeleden. Nu nog worden er per classis twee mensen afgevaardigd naar de landelijke kerkvergadering. Het wordt echter steeds moeilijker om hiervoor mensen te vinden. Wat maakt het de moeite waard om drie dagen lang te vergaderen over kerkzaken in Lunteren?

Door Hanneke Goudappel.
,,Je krijgt een kijkje in de keuken van de kerk”, zegt Anneke Reitsma (60) uit Goutum. In april werd ze voor het eerst afgevaardigd naar de synode door de classis Leeuwarden. De landelijke kerkvergadering van de Protestantse Kerk heeft twee keer per jaar plaats en duurt meestal drie dagen. De Friese afgevaardigden hebben net de vergadermarathon van drie dagen in Lunteren er weer opzitten.
,,Ik moest wel wennen aan de lange dagen vergaderen, soms van ’s ochtends half negen tot ’s avonds half tien. Deze keer wist ik wat me te wachten stond, en stelde ik me daarop in.”
‘Heb je het kunnen volhouden?’, vragen medegemeenteleden soms na de synode aan diaken Jan de Jong (63) uit Drachten. Maar net als Reitsma, krijgt ook De Jong wel eens inhoudelijke vragen van kerkleden. ,,Mensen lezen in de krant wat er is besloten door de synode, en willen soms ook wel weten hoe het is verlopen.”
,,Dat kijkje in de keuken maakt het werk boeiend”, vindt Reitsma. ,,Je maakt hier mee hoe beslissingen worden genomen en welke processen daaraan vooraf gaan. Dat gaat aan veel kerkleden voorbij.”
,,De thema’s die worden besproken, staan vaak ver af van gemeenteleden”, merkt ds. Arjan Oosterwijk (30), predikant te Ouwsterhaule. ,,Als ik kerkleden bijvoorbeeld vertel dat we het over de doop gehad hebben, kijken ze me aan met een gezicht van ‘moest je daar nu zo lang over vergaderen?’ Het gaat allemaal heel traag. Onderwerpen komen vaak op meerdere synode-vergaderingen achter elkaar terug. Dan is het best lastig uitleggen wat er dan nú precies is besproken.”
Toch is de logheid van het instituut niet echt te vermijden, denkt Oosterwijk. ,,Het gaat vaak om grote dingen, neem bijvoorbeeld het rapport De hand aan de ploeg dat in april op de agenda stond. Een commissie onder leiding van oud-minister Veerman stelde daarin flinke veranderingen voor over onderlinge steun van gemeenten, loopbaanontwikkeling van de predikant, samenwerking van predikanten en kerkelijk werkers en de positie van de kerkelijk werkers. Zo’n rapport heeft grote impact op de kerk. Daar moet goed over worden nagedacht worden. Afgelopen week werd de volgende stap genomen: het plan van aanpak werd goedgekeurd.”
Een positieve ontwikkeling vindt Oosterwijk het idee om sommige rapporten ook toegankelijk te maken voor de gemeenteleden. Zo wil de dienstenorganisatie een toegankelijke versie maken van het rapport over doop en doopgedachtenis.
Ook de trage manier van vergaderen, werkt niet mee aan een positief imago van de synode. Bij elk besluitvoorstel kunnen moties, amendementen en tegenvoorstellen worden ingediend, én de 150 synodeleden kunnen hun mening laten horen. Gelukkig doen ze dat nooit allemaal, maar twintig sprekers tijdens een vergadering vormt geen uitzondering.
Voor Oosterwijk was het na twee en een half jaar voorlopig zijn laatste synodevergadering, omdat hij een beroep heeft aangenomen naar Wezep, en daarmee de classis Heerenveen verlaat. Wat hem betreft zet hij zich in de toekomst nog wel eens vaker in voor de landelijke kerk. ,,Ik ben gegrepen door het werk van de kerkelijke organisatie. De bestuurslaag van de classis spreekt mij wat minder aan, maar híér heb ik de smaak wel te pakken gekregen. Je leert veel over de kerk en je leert heel veel mensen kennen uit het hele land. De sfeer is altijd erg goed. Ik proef hier meer enthousiasme voor het werk dan op de classis.”

Weinig dossierkennis

,,Wel loop je altijd op tegen het feit dat je te weinig dossierkennis hebt”, zegt Oosterwijk. ,,Want de vele en soms dikke rapporten – dit keer in totaal 3,2 kilo, HG - grijpen vaak terug op eerdere notities en besluiten. Daardoor moet je soms maar aannemen dat het klopt wat iemand zegt.”
,,Je hebt van sommige dingen die besproken worden persoonlijk veel te weinig verstand”, vindt ook Anneke Reitsma. ,,Bijvoorbeeld over het thema kerkorde dat aan bod kwam. Dan ga ik er maar vanuit dat er specialisten mee bezig zijn geweest die weten wat ze doen. De samenwerking tussen Kerk en Actie en ICCO vond ik wel weer interessant. Als diaken en lid van de classicale zwo-groep (zending, werelddiaconaat en ontwikkelingswerk, HG) was ik was benieuwd hoe dat zou gaan lopen. Het lijkt mij een goede zaak dat op deze weg wordt verder gewerkt, maar er blijven nog wel zaken waar goed over nagedacht moet worden, bijvoorbeeld de informatievoorziening over en weer, en de betrokkenheid.”
,,De synodevergaderingen zijn toch een beetje voor liefhebbers”, vindt Oosterwijk. ,,Iemand noemde het een schaakspel, en dat is het echt. Het gaat om beïnvloeding van anderen. Soms zie je de stemming zomaar omslaan tijdens een vergadering.”
Zo was deze keer de meest in het oog springende vergadering die over de brief over seksualiteit, die het kerkbestuur naar de plaatselijke gemeenten wilde versturen. ,,Je merkte in de vergadering: men is eigenlijk niet tegen, maar men is onvoldoende voorbereid”, zegt diaken Jan de Jong. ,,De kritische geluiden die in de vergadering waren te horen, werkten de onzekerheid bij veel synodeleden in de hand. Met 85 stemmen vóór werd een tegenvoorstel om de brief níét te versturen, aangenomen. Maar het had ook anders kunnen lopen. Het verdient geen schoonheidsprijs hoe dit proces is verlopen.”
Morgen doet De Jong samen met zijn synodecollega ouderling-kerkrentmeester Bram Wijnveen (61) uit Gorredijk verslag van de synode op de regionale kerkvergadering in Drachten. ,,De synode staat toch ver van de classis af, en nog verder van de gemeenteleden”, constateert Wijnveen. ,,Utrecht en Lunteren zijn niet alleen geografisch ver weg, ook gevoelsmatig staan ze ver af van de plaatselijke kerken. De gezamenlijkheid die je hier als afgevaardigde ervaart, ervaren de kerkleden niet. Bovendien heeft een plaatselijke kerk het vaak al druk genoeg met haar eigen werkzaamheden.”
Een van de hoogtepunten voor de geïnterviewde synodeleden is die onderlinge ontmoeting. ,,De contacten in de wandelgangen vind ik hier ontzettend fijn”, vertelt Wijnveen. ,,Je spreekt met mensen uit alle delen van het land en uit alle denominaties. Zo zat ik tijdens het diner een keer aan tafel met iemand van de Gereformeerde Bond. De volgende morgen zat ik met iemand aan het ontbijt die vertelde: ‘ik ben de meest vrijzinnige dominee van mijn streek.’ Je bent het niet altijd met elkaar eens, maar het is mooi om elkaar te ontmoeten. Je hoort van elkaar hoe je dingen op plaatselijk vlak doet.”

Mooi werk

Voor Wijnveen was er geen uitrusten bij na drie dagen Lunteren. Zodra hij thuiskwam lagen de stukken voor de kleine synode die eind deze maand vergadert alweer op hem te wachten.
De kleine synode is een afvaardiging van zo’n dertig synodeleden die zich vooral met financiële zaken bezighoudt. Wijnveen is daar binnen lid van een Commissie van Rapport (een commissie die is samengesteld uit synodeleden en die de overige synodeleden adviseert na lezing van het uitgebrachte rapport) en de eerste vergadering was gisteren in Utrecht.
Het kost Wijnveen heel wat tijd en hij doet het met ,,veel energie”. Maar, vindt hij, ,,het is heel mooi werk”.

Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

Geloof & Kerk
Familieberichten
Advertenties