De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
donderdag 23 november

Regiomaandag, 14 juni 2010

‘Albertus Magnus verdient een gedenksteen’

Leeuwarden - Leeuwarden doet er goed aan Albertus Magnus te eren met een beeld of plakkaat. Dat zei de kerkhistoricus Guus Bary zaterdagmiddag in de Grote of Jacobijner Kerk tijdens de viering van de Albertus Magnusdag.

Door Merlijn Torensma.
Het was een bliksembezoekje. In 1256 bezocht Albertus Magnus - Magnus is Latijn voor de Grote - Leeuwarden. Vier jaar eerder had hij de leiding gekregen over de Dominicaner orde in Noordwest-Europa. Vanuit Keulen ging hij te voet langs zijn broeders en zusters om te kijken hoe de zaken ervoor stonden. In Leeuwarden was in 1245 een klooster gesticht door de Dominicanen. De kloosterlingen vielen onder de verantwoordelijkheid van Albertus Magnus, dus werden ook zij vereerd met zijn komst. Dat was niet zomaar iets, want in die tijd al gold Albertus Magnus als een van de belangrijkste geestelijken van zijn tijd.
Hoe lang hij hier bleef, is niet helemaal bekend. Waarschijnlijk waren het een paar weken ergens in het voorjaar van 1256. Het bliksembezoekje dat hij ruim 750 jaar geleden aflegde werd afgelopen zaterdag onder een vergrootglas gelegd tijdens de viering van de eerste Albertus Magnusdag in de Grote of Jacobijnerkerk.
,,Mij werd ruim een jaar geleden gevraagd of Albertus hier gepreekt heeft en of die tekst nog terug te vinden is’’, zegt Bary. De kerkhistoricus ging op zoek en vond een paar maanden geleden in de universiteitsbibliotheek van Leipzig inderdaad een tekst die hij zou hebben uitgesproken ‘voor de broeders in Lievart’.
Volgens Bary heeft Leeuwarden daarmee iets unieks. Albertus Magnus is wel in andere steden geweest, heeft in Nijmegen zelfs een kerk ingewijd, maar alleen in Leeuwarden heeft hij gepreekt. ,,Nijmegen mag dan de kerk hebben, Leeuwarden heeft het woord.’’

Heiligheid martelaren

De tekst heeft eeuwenlang in de bibliotheek van Leipzig gelegen. Hij staat in een boek van perkament, met een varkensleren kaft. In 1964 werd in een Dominicaans tijdschrift al eens gesproken over de preek, maar sinds de dertiende eeuw is hij nooit meer gepubliceerd. Eeuwenlang was het bestaan ervan zelfs niet bekend.Het eerste deel van de preek handelt over de heiligheid van martelaren. Albertus Magnus heeft 750 jaar geleden verteld hoe kortstondig het aardse leven van martelaren is, dat zij hier een korte kastijding moeten hebben, maar dat zij dat graag doen vanwege de beloning die zij daarvoor krijgen in het eeuwige leven.
Het tweede deel van de preek gaat over iets dat verwant is aan het lijden, namelijk geduld. Volgens Albertus Magnus is geduld nodig om het lijden van ons aardse bestaan te doorstaan. Na de dood wacht ons een ,,onovertroffen verheugenis’’ in de hemel. Bary liet slechts delen van de preek zien zaterdag, dus het is onduidelijk hoe relevant hij is voor de gelovige nu.
Maar dat de preek hervonden is, werd door de ruim tweehonderd aanwezigen zaterdag al belangrijk genoeg gevonden. ,,Vandaag is een bijzondere dag voor Leeuwarden en misschien wel voor het hele land’’, zet Bauke van Keulen, organisator van de Albertus Magnusdag. ,,Het is verrassend dat de Middeleeuwse preek er nog is.’’
LuitmuziekIn de Grote Kerk was niet alleen een lezing over de Dominicaanse kerkvader, theoloog, filosoof en wetenschapper Albertus Magnus. Er werd ook oude Gregoriaans muziek ten horen gebracht door een koor dat onder leiding van Wim Goosens staat en later was er luitmuziek te horen, gespeeld door Martin Pals.In de kloostertuin - de Grote Kerk staat op de plek van het oude klooster - waren voor de gelegenheid kruiden geplant die in de Middeleeuwen werden gebruikt. Albertus Magnus was ook een expert in de plantenkunde.
Mede-organisator Manny Hettema is vooral geboeid door het Leeuwarden dat Albertus Magnus destijds moet hebben aangetroffen. ,,Er was geen kerk, alleen een klooster in aanbouw. Die man heeft hier rondgespookt. Waar sliep hij? Wat zocht hij hier precies? Door te zoeken naar antwoorden op deze vragen, door bezig te zijn met de historie, kun je je geest verrijken.’’

Alle reizen te voet

Albertus, graaf van Lauingen werd rond 1200 geboren. Over zijn jonge jaren is niet veel bekend. Hij bestudeerde in Padua de vrije kunsten en in Bologna volgde hij een theologische opleiding nadat hij in 1223 was toegetreden tot de Dominicaner orde. Daarna gaf hij in verschillende kloosters les in theologie.
Rond 1243 vertrok hij naar Parijs. Daar maakte hij kennis met de leer van Aristoteles. Hij behaalde daar de graad van magister in de theologie en gaf er les aan onder meer Thomas van Aquino.
In 1248 kreeg Albertus Magnus leiding over het Studium Generale in Keulen, waardoor hij verantwoordelijk werd voor enkele duizenden kloosterlingen in Noordwest-Europa. Als Dominicaan hield hij zich aan de gelofte alle reizen te voet af te leggen.
Voor veel mystieke theologen als Eckhardt was Albertus Magnus een leermeester. Politiek speelde hij een rol door ruzies tussen het Vaticaan en Keulen te sussen en door op te roepen tot de achtste kruistocht richting Jeruzalem.

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

regio
Familieberichten
Advertenties