De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.

zaterdag 16 december

Sportdinsdag, 23 november 2010

Extra lagen onder het bekende verhaal Fausto Coppi

Tijdens een van Fausto Coppi’s historische inzinkingen, in de Tour de France van 1951, komt er een bescheiden Franse renner naast hem fietsen en giet zijn eigen bidon over het gebogen hoofd van de Italiaanse campionissimo heen. Nog diezelfde avond klopt de mecanicien van Coppi aan op de hotelkamerdeur van de Fransman en bezorgt hem twee nieuwe banden. ‘Van meneer Coppi’, voegt de fietsenmonteur er aan toe.

Edward Jorna
Deze kleine, onvolprezen daden van een van de grootste renners aller tijden staat aan de wieg van de liefde die Wout Koster, medewerker van Wieler Magazine, voor de Italiaan koestert sinds hij in 1980 begon met het aanleggen van een grote verzameling wielerboeken. Als renner maakte Koster de Italiaan nauwelijks mee, maar dat gemis maakte de 57-jarige historicus ruimschoots goed door thuis een heuse Coppi-bibliotheek in de richten. In zijn boekenkast prijken meer dan 70 boeken over Coppi. Koster ging zelfs op Italiaanse les om zijn honger naar Coppi verder te stillen.
En nu, helemaal rechts van de serie boeken over Coppi, staat - gloednieuw - zijn eigen werk. Eén man alleen op kop. Het wielerleven van Fausto Coppi. De titel van het boek is ontleend aan de woorden waarmee die de Italiaanse verslaggever Marion Ferretti zijn radioreportages vaak begon: Un uomo solo al comando. La Sua maglia è bianco-celeste. Il suo nome è Fausto Coppi (één man alleen op kop, zijn trui is hemelsblauw met wit, zijn naam is Fausto Coppi).
De vraag rijst of een biografie over Coppi, die op 2 januari 1960 overleed aan een te laat geconstateerde malaria in Opper-Volta – het tegenwoordige Burkino Faso – nu echt nodig was. Was alles al niet vertelt in die zeventig boeken en die oneindige aantallen artikelen in kranten en tijdschriften over Coppi? Neen, vindt Koster. Het was hem namelijk opgevallen dat in het Nederlandse taalgebied, en dan vooral in Vlaanderen, maar weinig over Coppi geschreven was. Ja, er verscheen in de zomer van 1994 een biografie over de Italiaan, Fausto Coppi, een heldenleven, van auteur Martin Ros. Maar, zo vertelt Koster in Wieler Magazine ‘daarin staan nogal wat dingen die feitelijk onjuist zijn, gaat het vooral over Ros zelf en is er geen bibliografie in opgenomen’.
De wielersport biedt bij uitstek een podium aan schrijvers die houden van sterke verhalen, mythes en legende. Het maakt de sport boeiend, maar als historicus heeft Koster ook de plicht om de naakte waarheid, althans de waarheid (visie) van Coppi boven water te halen. Daartoe dook hij in de archieven en diepte zo officiële documenten op, waaronder een briefwisseling tussen Coppi en zijn eerste vrouw Bruna tijdens zijn krijgsgevangenschap in Noord-Afrika in de Tweede Wereldoorlog. Ook achterhaalde Koster rechtbankverslagen over het proces in 1954 waarin Coppi en zijn minnares Giulia Locatelli (de ‘Witte Dame’) terechtstonden vanwege overspel.
Zo bracht Koster nieuwe feiten aan het licht hetgeen Evert de Rooij, collega van Koster bij Wieler Magazine, doet jubelen dat Eén man alleen op kop hoge ogen zal scoren voor de Nico Scheepmaker beker, de (jaarlijkse) prijs voor het beste Nederlandse sportboek. Welnu, hier is de wens de vader van de gedachte, maar dat Kosters boek ‘extra lagen aanbrengt onder het bekende verhaal’ (nawoord Jeroen Wielaert) is absoluut waar.
In het boek beschrijft Koster alle hoogte- en dieptepunten in het leven van Coppi. Samen met zijn eeuwige rivaal Gino Bartali droeg Coppi bij aan de wedergeboorte van Italië, in WO II aanvankelijk bondgenoot van Duitsland. Dat Koster heel duidelijk een ‘coppiano’ is steekt hij niet onder stoelen of banken. Hij noemt Coppi de grootste renner aller tijden (en Eddy Merckx dan?) en kan maar moeilijk woorden vinden om ook Bartali te eren. Terwijl dat toch niet zo moeilijk zou moeten zijn, want hoewel ‘vrome Gino’ en de aimabele Fausto Coppi bepaald geen vrienden van elkaar waren, respecteerden ze elkaar (zeker later in hun carrière) wel.
Fausto Coppi (Castellania, 15 september 1919 - Tortona, 2 januari 1960) werd slechts 40 jaar, maar zijn korte leven was groots en meeslepend. Dieptepunt is het overlijden van zijn vier jaar jongere broer Serse in 1951. In de Ronde van Piemonte raakt hij in de slotkilometer met zijn voorwiel in een tramrail, slaat met zijn hoofd tegen een trottoirband en overlijdt nog dezelfde dag. Ook de (voorwaardelijke) gevangenisstraf vanwege overspel hakt er flink in bij Coppi. Maar wat beklijft zijn toch zijn vele en vaak schitterende overwinningen.
i Eén man alleen op kop. Het wielerleven van Fausto Coppi. Wout Koster (1943). De Arbeiderspers, 19,95 euro

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

sport
Familieberichten
Advertenties