De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
zondag 25 juni

Hoofdartikelvrijdag, 21 april 2017

Grote zorgen over de rechtspraak
De Raad voor de Rechtspraak maakt zich zorgen over het feit dat steeds minder zaken door de rechter worden afgehandeld. Dat komt niet omdat de misdaad vermindert, maar omdat de laatste jaren steeds meer zaken worden afgedaan met bestuurlijke boetes, belastingheffingen en transacties tussen het Openbaar Ministerie en verdachten.
Bij grote zaken tegen het bedrijfsleven kiest het OM vaak voor een afdoening in plaats van een vonnis door de rechter. Er is in de samenleving terecht veel kritiek te horen op deze gang van zaken, waarin de grote jongens met diepe zakken gemakkelijk hun schuld kunnen afkopen terwijl de gewone man voor een vaak veel kleiner vergrijp zich voor de rechter moet verantwoorden.
Vorig jaar zette de trend zich versterkt door. Het aantal strafzaken nam over de hele linie af: bij kantonrechters, die doorgaans kleinere vergrijpen afhandelen, zelfs met 22 procent. Rechtbanken handelden 5 procent minder strafzaken af, gerechtshoven 6 procent.
Volgens de Raad zijn de grenzen bereikt. Dat geldt met name voor zaken met een grote maatschappelijke impact. Als justitie grote strafzaken afhandelt met miljoenentransacties, kan de rechter de juistheid daarvan niet toetsen. En daar zit hem de kneep: de samenleving moet kunnen zien en controleren dat in strafzaken recht wordt gedaan. En dat betekent dat zaken door de rechter moeten worden beoordeeld. Dit is een fundamenteel principe van de rechtstaat waarmee steeds vaker de hand wordt gelicht.
Een van de achtergronden van de kleiner wordende rol van de rechter in Nederland is de laatste jaren het sterke streven van de overheid om zaken buiten de rechter te houden; deels uit overwegingen van efficiŽntie, deels uit bezuinigingsdrift.
Aan de andere kant is in de samenleving het respect voor de rechtspraak aan het tanen. Aan de borreltafel valt geregeld te horen dat de straffen te laag zijn en dat een zeer grote groep Nederlandse rechters D66-aanhanger is.
Daarnaast staat het gezag van de rechterlijke macht onder druk door de uitspraken en de houding van populistische stromingen in de politiek. Een volksvertegenwoordiger als Geert Wilders betwijfelt in het openbaar de objectiviteit van de rechtspraak. Mocht hij worden veroordeeld dan is niet hij fout geweest maar dan is de rechter bevooroordeeld, zo laat hij geregeld weten. Populisten hebben sowieso een hekel aan onafhankelijke machten, waarvan ze vinden dat die hen tegenwerken. Maar die zijn juist onmisbaar, omdat ze zorgen voor de nodige balans in de samenleving.
De Raad voor de Rechtspraak liet deze week een duidelijk signaal horen. En het bleef niet alleen bij een waarschuwing. Het moet afgelopen zijn met het financieel afknijpen van de rechterlijke macht door de overheid. De staat dient te investeren in de keten van het strafrecht. Een voorbeeld van de verbrokkelde gang van zaken is dat politie, Openbaar Ministerie en rechtspraak tegenwoordig elk een eigen computersysteem hebben. Dat moet veranderen. Dezelfde digitale infrastructuur bij alle onderdelen kan veel tijdrovend papierwerk voorkomen.
Het is nu aan de politiek om de scheve verhoudingen recht te trekken. Een mooi punt voor de formatiebesprekingen.

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

hoofdartikel
Familieberichten
Advertenties