De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
zondag 25 juni

Hoofdartikelvrijdag, 16 juni 2017

Politie mag signalen platteland niet negeren
,,Er is te weinig politie op het platteland. En dan gaan criminelen naar het platteland toe. Dat speelt ook in Fryslân", zei commissaris van de Koning in Fryslân Arno Brok woensdag in deze krant. Hij reageerde daarmee op het evaluatieonderzoek dat in opdracht van de commissarissen van de Koning is gedaan naar het invoeren van de Nationale Politie. Het platteland wordt daarin een 'luilekkerland voor criminelen en een bron voor ondermijning' genoemd.
Voor wie het regionale nieuws volgt, hoeft de moeite die de politie heeft met het aanpakken van misdaad op het platteland geen verrassing te zijn. 'Misdaad heeft vrij spel in Zuidwesthoek', kopte deze krant bijvoorbeeld nog op 19 mei. Twee onderzoekers van de Politieacademie concludeerden toen dat de politie in het zuidwesten van Fryslân er niet in slaagt de georganiseerde misdaad adequaat aan te pakken. De oorzaken zijn een gebrek aan capaciteit bij de politie, interne bureaucratie en het grote verzorgingsgebied van de politieteams. Daardoor ontstaan bijvoorbeeld lange aanrijdtijden.
Het is naïef om te veronderstellen dat de georganiseerde misdaad deze witte vlekken in de landelijke politiekaart niet zou ontdekken of dat het Fryslân links zou laten liggen. Dat besef hebben de Friese burgemeesters ook: in februari van dit jaar maakte burgemeester Ferd Crone van Leeuwarden al bekend dat hij bij minister Stef Blok van Veiligheid en Justitie om meer geld voor het Noorden had gevraagd, juist om ondermijnende criminaliteit aan te pakken. Het effect van die vorm van criminaliteit - waarbij de onderwereld zich vermengt met de bovenwereld - is in Fryslân dan nog niet zo groot als in het zuiden van het land, maar komt ook hier voor. En de aanpak ervan kan beter, gaf Crone toe.
Met dit nieuwe evaluatierapport van de CdK's wordt de relevantie van Crone's oproep versterkt. Natuurlijk, de aanpak van extremisme en terrorisme concentreert zich wellicht meer in de grote steden en is belangrijk. Maar het platteland, ook dat in Fryslân, moet daarvan niet de dupe worden. In dat opzicht is het goed dat er nog eens kritisch gekeken wordt naar de mogelijke sluiting van politiebureaus op het, in dat opzicht al dun beschoren platteland en naar de mogelijkheden om steunpunten in te richten op andere plekken.
Verontrustend is echter ook de conclusie uit het rapport dat vooral kleine gemeenten weinig invloed lijken te hebben op de politie. 'Een farce' noemen de commissarissen bijvoorbeeld het aanreiken van veiligheidsprioriteiten van gemeenteraden via de burgemeester aan de politie. Die doet daar vaak weinig mee. Dat is opvallend; een nationaal georganiseerde politie zou juist de signalen uit het lokale bestuur serieus moeten noemen. Daar wordt gehoord wat de burgers vinden en zien, en aan onveiligheid ervaren. Als met die signalen niets gebeurt, is het niet vreemd dat de plattelandsgemeenten en hun inwoners ontmoedigd raken en dergelijke signalen ook niet meer afgeven. Daarmee wint niemand iets.
Een oplossing is het niet, maar begrijpelijk is het wel dat gemeenten dan vaker hun toevlucht nemen tot het inzetten van een eigen 'gemeentepolitie', zoals buitengewoon opsporingsambtenaren (boa's). Die kunnen een prima hulpmiddel zijn op specifieke terreinen, maar nooit een vervanging van een eigen politie. En wordt het platteland sneller dan wij denken inderdaad een 'luilekkerland' voor criminelen.

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

hoofdartikel
Familieberichten
Advertenties