De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
vrijdag 21 juli

Geloof & Kerkdinsdag, 4 juli 2017

Ook Augustinus was iemand met een dubbele culturele achtergrond
‘Onrustig is ons hart, totdat het rust vindt in God’ is een uitspraak van Augustinus. Volgens de Cubaans-Amerikaanse kerkhistoricus Justo L. Gonzalez is die onrust niet alleen een geestelijke onrust, maar laat zij ook een innerlijke worsteling tussen twee culturen zien.
Kerkvader Augustinus (354-430) behoorde tot zowel de Romeinse als tot de Afrikaanse cultuur. De Romeinse cultuur kreeg hij van zijn vader Patricius mee en de Afrikaanse cultuur via zijn moeder Monica, die mogelijk van Berberse komaf was en christen was. Net als bij vele anderen, die ook een dubbele achtergrond hadden, leidde de dubbele culturele achtergrond geregeld tot innerlijke botsingen. Die dubbele culturele achtergrond heeft de ontwikkeling van Augustinus bepaald en is ook terug te vinden in zijn theologische en kerkelijke stellingnames.
Het heeft een tijd geduurd voordat Augustinus het christelijke geloof van zijn moeder kon verenigen met de cultuur van zijn vader. Hij moest een hele weg afleggen - via het Manicheïsme en het Neo-Platonisme - totdat hij bij bisschop Ambrosius in Milaan een vorm van christelijk geloof ontdekte dat gecombineerd was met de Romeinse cultuur. Toch bleef Augustinus ook Afrikaan. Hij keerde na zijn bekering terug naar zijn geboortegrond en werd daar uiteindelijk bisschop van Hippo.
Elite en gewoon volk
In de strijd tegen de donatisten opereerde Augustinus als Romein. Hij had door zijn verworteling in de Romeinse cultuur niet door dat de strijd met de donatisten ook een vorm van verzet was tegen de Romeinse kolonisatie van Noord-Afrika. Het christendom in Noord-Afrika kreeg namelijk allereerst vooral aanhang onder het gewone volk. Nadat de Romeinen Carthago en de rest van Noord-Afrika hadden veroverd, gingen ze zich steeds meer als kolonisator gedragen en gebruikten Noord-Afrika als wingewest om de grootsheid van Rome te onderhouden. Er ontstond een tweedeling: een Romeinse elite, vaak uit Rome afkomstig, en het gewone volk van de Berbers. Omdat het christelijk geloof door de Romeinse overheid vervolgd werd, zag het gewone volk in het christelijk geloof een vorm van verzet tegen de Romeinse kolonisator.
De vervolgingen gingen echter door en het gewone volk in Noord-Afrika kreeg daar ook mee te maken. Er waren gelovigen die trouw bleven aan het geloof. Er waren er ook die het geloof vaarwel zeiden of op de vlucht gingen. Nadat de vervolgingen voorbij waren, gaf dat een geweldig probleem voor de kerk. Radicale christenen - die later donatisten werden genoemd - vonden dat degenen die hun geloof afzworen of op de vlucht gegaan waren, opnieuw gedoopt moesten worden. Deze radicale stroming was erg populair onder de Berbers en was op vele plaatsen invloedrijker dan de katholieke kerk.
Reputatie
Nadat de bisschop van Carthago was overleden, werd snel een gematigde bisschop Caecilianus aangesteld. Caecilianus werd echter niet erkend door de radicale christenen. Er was hier sprake van een botsing van culturen in de kerk.
Caecilianus stond dichterbij de Romeinse overheid dan zijn tegenstanders. Hij had ook een Romeinse opvatting over gezag, terwijl zijn tegenstanders daarover een Afrikaanse opvatting hadden. In een Romeinse visie op gezag bepaalde het ambt iemands waardigheid. Wanneer iemand niet het juiste charisma heeft of een twijfelachtige reputatie, werd dat gecorrigeerd door het ambt dat waardigheid verleende. In de Afrikaanse opvatting ging het om de waardigheid van de persoon. Iemand kwam pas in aanmerking voor een ambt als hij een goede reputatie had, bekend stond als wijs, charismatisch was en gezag uitstraalde.
Iemand die op de vlucht was geslagen of het geloof vaarwel gezegd had, had zijn gezag verloren. Dat gezag kon niet door de officiële kerk worden teruggegeven, maar wel door toonaangevende personen uit de gemeenschap, die in de tijd van de vervolging op een indrukwekkende manier standhielden. Augustinus koos later als bisschop in zijn strijd tegen de donatisten voor de Romeinse opvatting voor gezag en werkte zelfs samen met de Romeinse overheid in de strijd tegen de donatisten. Tot aan de verovering door de Arabieren bleven de donatisten daar trouwens volop aanwezig. Wel viel deze stroming steeds meer uiteen in radicalere en ook gewelddadige fracties.
Goed en kwaad
In zijn strijd tegen Pelagius toonde Augustinus zich meer Afrikaan. Zo werd hij ook door zijn tegenstanders bespot: als de ´Punische exegeet’ of de ‘Afrikaanse Aristoteles’.
Augustinus werd door Pelagius aangevallen omdat volgens Augustinus de mens vanaf zijn geboorte een zondaar was. Daarmee kreeg volgens Pelagius God de schuld van de zonde. Volgens hem was de mens in staat om heilig te leven door zich aan Gods wet te houden. Alleen dan kan God volgens Pelagius de mens straffen voor zijn zonden en belonen voor zijn goede daden.
Er was niet alleen verschil in levensstijl: Pelagius leidde een voorbeeldig ascetisch leven, terwijl Augustinus een turbulente jeugd had. Ook hier speelde het verschil tussen Romeins en Afrikaans gezag. Alleen dan in de visie op God. Volgens de Pelagianen was ook God onderworpen aan de wetten voor wat goed en kwaad is. Volgens Augustinus is het God zelf die bepaalt wat goed en kwaad is.
Geuzennaam
Om de dubbele culturele achtergrond te kenschetsen en vooral om te laten zien welke complexiteit een dubbele culturele achtergrond meegeeft, typeert Gonzalez Augustinus in zijn boek als mestizo. Aanvankelijk was dit een scheldwoord voor Mexicanen die als halfbloed, en daarmee minderwaardig werden gezien. Maar in 1925 ging de Mexicaanse wetenschapper en presidentskandidaat dit woord als een geuzennaam gebruiken. Een halve eeuw later introduceerde Vergilio Elizondo, een vriend van Gonzalez, deze term in de theologie en in de kerk.
Gonzalez zelf is als Cubaans Amerikaan een van de toonaangevende theologen met een latino-achtergrond en een wereldwijd gerespecteerd kerkhistoricus. Dat een dubbele culturele achtergrond niet eenvoudig is, deelt hij met veel christenen in de Verenigde Staten met een Latijns-Amerikaanse achtergrond. Vanuit de vele gesprekken die hij met hen heeft gehad, heeft hij dit boek over de dubbele achtergrond van Augustinus geschreven om te laten zien dat zij niet de enige zijn die met een dubbele achtergrond worstelen. Daarom droeg hij het op ‘aan de vele Latina’s en Latino’s, wiens mestizaje mij hebben verrijkt’. Hij schreef het oorspronkelijk in het Spaans, waarna hij het in het Engels publiceerde.
Matthijs Schuurman is predikant in Oldebroek. Hij schrijft voor het Friesch Dagblad met regelmaat over internationale theologische publicaties
The Mestizo Augustine. A Theologian Between Two Cultures. Justo L. Gonzalez. Intervarsity Press, 22,99 euro

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

Geloof & Kerk
Familieberichten
Advertenties