De Haagse week: Een val die een andere overheid moet inluiden

In het zicht van de haven toch nog gestrand. Het kabinet-Rutte III heeft hiermee geen primeur. Ook de kabinetten Kok II (2002) en Den Uyl (1977) deden dat, de ene over het Srebrenica-rapport en de ander over de grondpolitiek. 

Henk van der Laan

Geplaatst: 16 januari 2021 om 14:00

Demissionair premier Mark Rutte tijdens de persconferentie na het aftreden van het kabinet.   FOTO: ANP
0%

De vergelijking met het kabinet-Den Uyl gaat verder niet op. Of misschien nog op een ander punt: dat kabinet liet tijdens de kapingen in De Punt en Wijster zien dat een demissionair kabinet geen besluiteloos en vleugellam kabinet hoeft te zijn. Dus voor wie vreest dat de val van gisteren op invloed is op het coronabeleid, wees gerust. Een demissionair kabinet moet doen wat nodig is voor het landsbelang en mag daarin zo ver gaan als de Tweede Kamer toestaat. Aangezien dit kabinet niet gevallen is omdat een van de coalitiepartijen de stekker er uittrok, is de stemverhouding in de Tweede Kamer niet anders dan twee weken geleden. (Sterker nog: omdat de zetel van de vertrokken Theo Hiddema van Forum voor Democratie na twee maanden nog altijd niet is ingenomen, heeft de coalitie opeens weer een meerderheid van één zetel).

De vaker getrokken vergelijking met die van Kok II is logischer. Ook toen was er een hard rapport over overheidsfalen, destijds de Nederlandse rol bij de val van Srebrenica, en ook toen was er geen sprake van een conflict.

Het is een grote opdracht: hoe maken we een overheid die werkt voor de burger die deze overheid nodig heeft?

Want dat maakte de val van het kabinet gisteren zo anders. Normaal is er spanning in het kabinet, lopen de gemoederen hoog op en eindigt de crisis met een langdurende kabinetsvergadering of Kamerdebat. Met als slot een haastig geregelde persconferentie in de late uurtjes. Waarna de volgende dag begint met het aanbieden van de ontslagaanvraag aan de koning.

Nu was het allemaal al over voordat de piepers op tafel stonden. De beslissing om ontslag aan te bieden bij koning was volgens Rutte ,,eensgezind” genomen. Er zijn dus geen verhitte koppen en geen verstoorde verhoudingen.

Volgende week nog het debat over het rapport over de toeslagenaffaire en de kabinetsreactie en dan is het verkiezingsreces. Alle ogen zullen dan gericht zijn op de verdere aanpak van de coronaepidemie en de verkiezingscampagne.

Lees ook: Commentaar: Irritaties als drijfveer tot verandering

Toch zal deze affaire niet snel vergeten worden. Want het kabinet heeft meer gedaan dan aftreden alleen. Het kwam ook met een voornemen over hoe de overheid beter georganiseerd moet worden, en dan met name de verhouding tussen uitvoeringsorganisaties en burgers. Over die uitvoeringsorganisaties liep eind vorig jaar ook een andere parlementaire commissie, die nog met het eindverslag zal komen.

Deze kabinetsreactie zal uitgewerkt moeten worden in de komende kabinetsformatie. Het is een grote opdracht voor het volgende kabinet: hoe richten we een overheid in die effectief werkt in het belang van de burger die deze overheid nodig heeft. Het vraagt een mentaliteitsverandering, maar ook moeizame structuurverandering. Het effect van deze affaire op het toekomstig functioneren van politiek en overheid is groot, en zal Nederland nog lang bezig houden.

Registreer u bij het Friesch Dagblad

Registreren
  • Registreren is zonder kosten of verplichtingen
  • Alle artikelen op frieschdagblad.nl zijn volledig toegankelijk
Hoofdredacteur

Waarom Friesch Dagblad?

  • Het nieuws uit Fryslân
  • Verdieping en duiding bij de actualiteit
  • Opinies en analyses
  • Betrouwbaar, kritisch, evenwichtig en opbouwend
Registreren
Sluiten
Sluiten