Fred van Vliet terug op onderduikadres aan de Singel in Sneek: ‘Dit is altijd mijn huis gebleven’

Veertien portretten van onderduik-kinderen op evenzoveel plekken in Fryslân moeten de herinnering levend houden aan deze oorlogsgeschiedenis. Fred van Vliet (77): ,,Dit is een eerbetoon aan mijn vier ouders.”

Wybe Fraanje

Geplaatst: 01 april 2021 om 15:00

Fred van Vliet en zijn vrouw Trees bij de onthulling van zijn foto aan de zijgevel van Singel 29 in Sneek, waar hij de oorlog overleefde als onderduikkind.   FOTO: HOGE NOORDEN/JACOB VAN ESSEN
0%

,,Vroeger liep ik heel snel door dit steegje. In het donker vond ik het maar niks.” Fred van Vliet (1943) staat in de Lange Pijpsteeg op de hoek van de Singel in Sneek. Hij heeft net zijn eigen meer dan levensgrote portret op de zijgevel van Singel 29 onthuld, samen met burgemeester Jannewietske de Vries van Súdwest-Fryslân.

Het is de openingshandeling van de openluchttentoonstelling ‘Wy koene der noch wol ien by ha’. Op veertien plekken in Fryslân zijn dergelijke portretten aangebracht op plekken waar in de oorlog Joodse kinderen ondergedoken zaten. Via een QR-code onder de portretten kunnen de achterliggende verhalen op de mobiele telefoon tevoorschijn gehaald worden.

Baby

Van Vliet zat in dit pand ondergedoken bij het echtpaar Marten en Helene van Vliet. In november 1943 was hij als baby van vijf maanden door studente Iet van Dijk naar Fryslân gesmokkeld en door de doopsgezinde predikant Willem Mesdag bij het echtpaar Van Vliet ondergebracht. ,,Kijk, daar helemaal boven was mijn kamertje”, wijst hij. Het souterrain was vroeger het magazijn van ‘M. van Vliet Groente & Fruit en gros’, zoals het op het gevelbord stond. Dat bord hangt nu boven de garage van Fred en Trees van Vliet in Harlingen.

 

Mijn opa Adrianus Keet, die agent was in de oorlog. Hij ging ’s avonds wel eens in uniform wandelingetjes maken met onderduikers

Het historische pand is voor het overgrote deel hetzelfde. Bewoonster Sharon Keet (40) heeft achter de originele raampjes een aantal WO II-spulletjes uitgestald: een soldatenhelm, een zaklamp, een knevelketting, wat boeken over de Sjoa. ,,Geleend van mijn collega Jan Arend Boer, die verzamelaar is.”

Lees ook: De Terugkeer van de Joodse Kinderen: Onderduikertje Benny is weer even te zien in Blije

Er staat ook een foto van een politie-agent. ,,Mijn opa Adrianus Keet, die agent was in de oorlog. Hij ging ’s avonds wel eens in uniform wandelingetjes maken met onderduikers. Als de Duitsers hem dan aanspraken zei hij dat het zijn arrestanten waren en mochten ze door. Aan het eind van zijn leven, in de jaren negentig, kreeg hij alzheimer. Elke avond zei hij weer: vanavond ga ik met de kinderen wandelen.”

Niet met publiek

De andere dertien meer dan levensgrote portretten zijn aangebracht in Blije, Bolsward, Burgwerd, Drachtstercompagnie, Ferwert, Holwerd, Joure, Leeuwarden, Raerd, Scharnegoutum, Sneek (drie). ,,De titel Wy koene der noch wol ien by ha wiist op de drege omstannichheden wêr’t gesinnen yn sieten en der noch ien by nommen, nóch in mûle te fieden”, zegt Gerard van der Veer van Stichting De Verhalen, initiator van de expositie.

De aftrap in Sneek kan niet met publiek plaatsvinden. Ter gelegenheid is de bewoners van de Singel per brief gevraagd in de deuropening te gaan staan. Daar hebben ze vrijwel allemaal gehoor aan gegeven. Jannewietske de Vries en Fred van Vliet lopen van de rooms-katholieke kerk op nummer 62 naar het huis van Van Vliet op nummer 29 en maken onderweg korte praatjes met de buren.

 

Mei dizze grutte foto’s yn ’e iepenbiere romte kin eltsenien de bern fan fier ôf sjen, op it plak wêr’t se yn de oarloch fuortstopt wiene

De doopgezinde vermaning is recht tegenover Van Vliets onderduikadres. Kapelaan Gérard Jansen van de rooms-katholieke kerk was ook een belangrijke spil in het onderbrengen van de gesmokkelde kinderen, net als de hervormde hulppredikant Mia Coelingh, en het doktersechtpaar Gerritsma in het witte huis op nummer 38. ,,De Singel is it sintrum fan dizze oarlochsskiednis”, zegt Van der Veer. ,,Mei dizze grutte foto’s yn ’e iepenbiere romte kin eltsenien de bern fan fier ôf sjen, op it plak wêr’t se yn de oarloch fuortstopt wiene.”

Lees ook: Ondergedoken, Joods en toch actief in het Friese verzet

,,No is it ferhaal sichtber”, beaamt burgemeester De Vries. ,,Yn fryheid en iepenbierheid kinne wy sjen hoe’t dizze bern mei leafde en respekt fersoarge binne.”

Eerbetoon

Dat is wat Van Vliet ook benadrukt. ,,Dit is een eerbetoon aan mijn vier ouders. Mijn Joodse ouders Salomon en Rachel Schachner hebben mij afgestaan toen ik vijf maanden was, terwijl ze wisten dat ze me nooit meer zouden terugzien. Daar is moed voor nodig. Ze zijn vergast in Auschwitz. Marten en Helene van Vliet noem ik niet mijn pleegouders of adoptieouders, zij zijn mijn ouders.”

 

Men vraagt mij wel eens: wat zou jij doen? Heel eerlijk: ik weet niet of ik mijn gezin in oorlogstijd in gevaar zou brengen door een onderduiker op te nemen

,,Zij hadden de moed mij op te voeden, en hebben dat ontzettend liefdevol gedaan. Men vraagt mij wel eens: wat zou jij doen? Heel eerlijk: ik weet niet of ik mijn gezin in oorlogstijd in gevaar zou brengen door een onderduiker op te nemen. Ik ben in 1968 naar Harlingen verhuisd, maar mijn vader heeft hier tot 1992 gewoond. Ik ben vaak terug geweest en dit is altijd mijn huis gebleven.”

www.joodsekinderen.nl

Registreer u bij het Friesch Dagblad

Registreren
  • Registreren is zonder kosten of verplichtingen
  • Alle artikelen op frieschdagblad.nl zijn volledig toegankelijk
Hoofdredacteur

Waarom Friesch Dagblad?

  • Het nieuws uit Fryslân
  • Verdieping en duiding bij de actualiteit
  • Opinies en analyses
  • Betrouwbaar, kritisch, evenwichtig en opbouwend
Registreren
Sluiten
Sluiten