Dit artikel is vandaag gratis

Keramiekmuseum Princessehof in Leeuwarden geeft met de tentoonstelling 'Korea' een intrigerende kijk op het Aziatische land en toont meer dan keramiek alleen

Zesdelig kamerscherm met daarop de zon, maan en vijf bergen, 19de-eeuw, begin 20ste eeuw. Foto: National Palace Museum of Korea

Korea is bekend door een aantal populaire consumentenproducten maar heeft vooral op cultureel gebied meer te bieden en dat is minder bekend. Keramiekmuseum Princessehof probeert daar met de tentoonstelling ‘Korea’ verandering in te brengen.

Eerst even een test: wie weet wie Hendrik Hamel is? Als je die vraag op straat aan willekeurige voorbijgangers stelt, zullen er waarschijnlijk weinig mensen zijn - en misschien wel niemand - die van hem gehoord hebben, laat staan dat ze iets over hem weten. Stel je dezelfde vraag in Zuid-Korea, dan weten negen van de tien Koreanen wel iets over deze Nederlander te vertellen.

Hamel (1630-1692) is daar niets minder dan een beroemdheid, iemand die niet weg te denken is uit de Koreaanse geschiedenis. Deze zeevaarder heeft er namelijk voor gezorgd dat Korea in het Westen bekend werd, dankzij zijn gepubliceerde verhaal waarin hij verslag doet van hoe hij met andere overlevenden in 1653 na een schipbreuk op de kust van Korea aanspoelde en gedwongen langdurig in dat land verbleef.

Samsung

Overigens was er al eerder een Nederlander die van het bestaan van Korea op de hoogte was. Dat was Petrus Plancius, die in 1594 een kaart maakte waarop Korea staat. Dat was toen nog niet eerder gebeurd in Europa. Beide Nederlanders - en niet te vergeten ook Guus Hiddink, die de tentoonstelling zaterdag opent - staan in de tijdlijn die aan het begin van de tentoonstelling Korea. Poort naar een rijk verleden in Keramiekmuseum Princessehof op de muur is aangebracht.

Geen overbodige luxe. Want wat weten wij nu van de chronologie van Korea, met al die dynastieën waarnaar perioden zijn genoemd, behalve dat het land in de vorige eeuw in een noordelijk en een zuidelijk deel is gesplitst? Wat we over het land weten is hooguit wat er af en toe in het nieuws komt: dat Samsung weer een nieuwe mobiele telefoon uit heeft gebracht of dat ‘little rocketman’ Kim Jong-un weer een gevaarlijk projectiel heeft gelanceerd.

Zestig jaar

Keramiekmuseum Princessehof vindt dat hier maar eens verandering in moet komen. Dat het dit jaar precies zestig jaar geleden is dat Zuid-Korea en Nederland diplomatieke betrekkingen hebben aangeknoopt, is voor een nadere kennismaking met de Koreaanse cultuur een mooie aanleiding. Door de tentoonstelling Gezonken schatten (2019) zijn goede contacten met Koreaanse instanties ontstaan, zoals met het Nationaal Museum van Korea.

Via deze kanalen en dus met belangrijke bruiklenen is de huidige tentoonstelling over Korea tot stand gebracht. Daar was het museum wel op aangewezen, want zelf heeft het weinig Koreaans keramiek in bezit: slechts 25 stuks tegen duizenden stuks van Chinese en Japanse origine.

Volgens conservator Eline van den Berg, die de tentoonstelling heeft opgezet, komt dat enerzijds doordat er weinig Koreaans keramiek op de markt komt dat interessant genoeg is voor een museum om de moeite van het aankopen waard te maken. Anderzijds komt het ook doordat met China en Japan eeuwenlang goede handelscontacten zijn geweest.

Met Korea is dat niet zo. Het land was lange tijd gesloten. Het duurde tot de tweede helft van de negentiende eeuw voordat Korea de havens openstelde voor Westers handelsverkeer. Ondanks de exportproducten van het huidige Zuid-Korea, is het land nog relatief onbekend voor ons. Ten onrechte, zoals op de tentoonstelling duidelijk wordt.

Celadon

In een tijd waarin er nog geen plastic of roestvrij staal was, was men voor het vervaardigen van gebruiksartikelen in de huishouding aangewezen op keramiek. Maar dergelijke voorwerpen waren niet voor iedere Koreaan weggelegd. En dat geldt al helemaal voor het kostbare porselein met decoraties met het dure kobaltblauw. Of als het steengoed betrof, bedekt met celadon dat ook duur was. Celadon is een groene glazuursoort dat jade trachtte te imiteren. Volgens velen maakte Korea het mooiste celadon.

Korea kende een standenmaatschappij waarin de verschillen groot waren. Op een uitvergrote tekening is te zien hoe een rijke Koreaan op een rustbed ligt, terwijl arbeiders aan het werk zijn. De rijkaard rookt ontspannen een pijp en heeft een hoed op. Hoed en pijp, twee statussymbolen die hem onderscheiden van de blootshoofds zwoegende arbeiders die zich nooit het dure tabak, dat via China in de zeventiende eeuw in zwang kwam, zouden kunnen permitteren.

De pijp, waarvan er ook een exemplaar in de vitrine ligt, is krankzinnig lang. De reden daarvan was te laten zien dat je rijk genoeg was om een bediende in dienst te hebben die de pijp, die langer was dan een armlengte, voor je kon aansteken.

Rijke adel

Veel van de keramiek die op de tentoonstelling wordt getoond, is afkomstig van de aristocratie, van de rijke adel of van ambtenaren die in net als in China een hoge status in de maatschappij hadden. De kostbare voorwerpen werden van generatie op generatie doorgegeven, zodat ze tamelijk gaaf bewaard zijn gebleven. Hetzelfde geldt voor de opgegraven voorwerpen.

Aan de hand van de vele variëteiten van de Koreaanse keramiek krijgen we een interessante inkijk in de Koreaanse maatschappij van vroegere eeuwen en dan met name van de hogere klassen. Zo treffen we objecten aan die te maken hebben met de kunst van het kalligraferen, wat alleen voor goed opgeleide welgestelden was weggelegd, zoals een bak om penselen in te wassen of een inktpot.

De laatste heeft een inscriptie waardoor we plaats en tijd van ontstaan weten. ‘Gemaakt in Yanggeun bunwon in de vijfde maand in het zesde jaar van de Koreaanse heerser Gwangmu’, staat er aan de onderkant . Dat betekent, wat bondiger geformuleerd, gemaakt in 1902.

Ook van religieuze (boeddhistische of confucianistische) rituelen, voorouderverering, eetgewoonten van vroeger en nu, geboorte en dood komen we iets te weten aan de hand van het getoonde keramiek. Een kundika uit de twaalfde eeuw, die gebruikt werd voor het schenken van water tijdens boeddhistische ceremonieën, is oorspronkelijk afkomstig uit India. De vorm van de kan werd overgenomen nadat het boeddhisme in Korea vanuit India door monniken werd geïntroduceerd.

Graftabletten

Verder zijn er graftabletten van porselein, die mee het graf in gingen, waarop het leven van de overledene staat beschreven. Dat kan bestaan uit meerdere, dicht beschreven tabletten zoals in een vitrine is te zien. Er staat geen vertaling bij, maar we twijfelen er niet aan dat er, in heel veel woorden, van de doden niets dan goeds wordt gezegd. Gezien de kleur van de karakters – kobaltblauw – moet het gaan om een belangrijk personage.

Ook zijn er enkele urnen. Sinds de introductie van het boeddhisme lieten Koreanen die deze religie aanhingen zich niet langer begraven maar cremeren. Er zitten soms merkwaardige voorwerpen bij, zoals de placenta-potten waarin de placenta en de navelstreng van prinsen en prinsessen werden bewaard en in het landschap werden geplaatst. Het zou de voorspoed bevorderen van de desbetreffende prins of prinses.

Zoals in meer Aziatische landen, is Korea aan de ene kant hypermodern en aan de andere kant heel traditioneel. Deze elementen bestaan naast elkaar, maar worden ook vaak met elkaar vermengd of er wordt in nieuwe cultuuruitingen naar de traditie verwezen. Dat is niet alleen zo in de keramiek, maar ook in de vormgeving, in de mode, in videoclips en in de keramiek. Ook deze aspecten komen, in beperktere mate dan keramiek uiteraard, aan bod in de tentoonstelling .

De tentoonstelling Korea. Poort naar een rijk verleden opent zaterdag en is tot en met 21 augustus 2022 te zien in Keramiekmuseum Princessehof in Leeuwarden

Nieuws

Meest gelezen