Kunst is voor Merlijn Twaalfhoven de brandstof voor een ideale wereld

Niet op het traditionele podium maar juist midden in de wereld vindt kunst, volgens cultureel ondernemer Merlijn Twaalfhoven, haar grote ‘K’. Als verbindende kracht tussen mensen. En als verbeelding van idealen voor een betere wereld. De beweging die hij met The Turn Club inzette, telt al honderden leden, en inspireerde ook Friese cultuurmakers zoals artistiek directeur van LF2028 Sjoerd Bootsma en Anne Graswinckel van Keunstwurk.

Met tachtig blokfluiten en honderd drumstokken reisde Merlijn Twaalfhoven in 2013 naar Jordanië. Met dertien andere musici bezocht hij daar Ar Ramtha. ,,Een stadje nabij de grens met Syrië”, zegt Twaalfhoven. ,,Waarvan het inwonertal door de komst van Syrische vluchtelingen meer dan was verdubbeld.”

Twaalfhoven en zijn team gaven er muzieklessen aan Jordaanse en Syrische kinderen, en maakten samen met hen een concert. Ze brachten ook muziek naar het landgoed van Taher, een man die van zijn stukje grond net buiten de stad een opvangkamp voor vijfhonderd vluchtelingen had gemaakt. Daar speelden ze in een tent die dienstdeed als kinderopvang.

Twaalfhoven: ,,De kinderen mochten zelf ook meedoen en waren verbaasd en blij. De ontmoeting was net als in Ar Ramtha heel ontroerend en waardevol.” Maar buiten de tent hadden zich ondertussen nog wel honderd kinderen verzameld. ,,We konden voor een paar kinderen dus iets betekenen, maar er waren er nog veel meer die we niet hielpen. Ik zag dat ik ook tekortschoot.”

Ommekeer

Het was het begin van een ommekeer in zijn carrière. Twaalfhoven, nu Amsterdammer, werd geboren in het Drentse Wapserveen. Als kind van een dwarsfluitdocente en een fluitenbouwer kon zijn liefde voor de muziek niet uitblijven. Hij studeerde altviool en compositie aan het conservatorium. Zijn muziek klonk van in het Concertgebouw in Amsterdam tot aan de Stadsschouwburg in Groningen, en uit de instrumenten van onder meer het Nederlands Philharmonisch Orkest, het Amerikaanse Kronos Quartet en het Tokyo Symphony Orchestra.

Toch ontdekte hij al snel dat hij in de traditionele theater- en concertzalen zelf niet het podium vond dat hij zocht voor zijn muziek. ,,Al tijdens mijn studie wilde ik mijn muziek juist de wereld inbrengen, en de wereld mee laten doen. Soms heb je maanden werk aan een concert in het theater, voor één avond waarin alles draait om perfectie van de uitvoering. Als je muziek bij de mensen brengt en hen betrekt krijgt het een veel actievere rol”, motiveert hij. ,,Dan schuilt de kracht veel meer in ontmoeting en verbinding. Verbinding die in deze wereld van disconnectie en vluchtigheid – waarin we communiceren via apparaten en liever achter de tv kruipen voor fantastische verhalen uit Hollywood dan dat we ze zelf delen of bedenken – erg nodig is.”

Zijn muziekstukken kregen zo titels als Symfonie voor iedereen of Grand Subphonia voor immens veel fagotten. Zijn concerten gaf hij in duinpannen, een oude pistolenfabriek of het ruim van een oude Sovjet-onderzeeër, en brachten onder anderen muzikanten, kinderen, koks en kappers samen. Zijn publiek werd geregeld geblinddoekt of gevraagd om mee te doen. ,,Zo gaf ik voor Tryater eens een workshop waarbij het publiek ‘meezong’ door zelf klanken te produceren die resoneerden met wat de andere deelnemers deden.”

In het buitenland speelde hij tussen de nog verse puinhopen van de Bosnische burgeroorlog voor weeskinderen in Sarajevo. Voor het verscheurde Cyprus schreef hij een muziekstuk dat vierhonderd muzikanten, kinderen en zangers aan weerszijden van de Turks-Griekse grens op de daken en balkons lieten klinken (en cover). En ook in Palestijnse vluchtelingenkampen, Syrië, Slowakije en Brazilië initieerde hij festivals en samenwerkingsprojecten. ,,Stuk voor stuk waardevol. Alleen het gevoel dat me in Al Ramtha bekropen had bleef daarna: het gaat niet goed met deze wereld en dat kon ik niet oplossen door in mijn eentje losse projecten te blijven doen.”

Spreekwoordelijke druppel

De spreekwoordelijke druppel kwam toen hij in 2017 een muziekstuk maakte voor een VN-conferentie over duurzaamheid in de Carnegie Hall in New York. ,,Daarvoor zette ik metingen van temperatuurstijgingen om in klanken om te zingen, om zo klimaatverandering hoorbaar te maken.” Maar, zo realiseerde hij zich ook: ,,De mensen die naar een dergelijk congres komen weten al dat de aarde opwarmt. De enige impact die ik hier echt op het milieu had gehad, waren waarschijnlijk de zes ligbaden kerosine die je verbruikt om van en naar New York te vliegen.”

We leven in een tijd van welvaart en weelde maar tegelijkertijd ook van crisis: het klimaat verandert en de economische ongelijkheid tussen mensen groeit

Voor grotere veranderingen, moest zijn aanpak ook grootser, besloot hij. Hij stopte met zijn werk als musicus en richtte The Turn Club op, een netwerk van kunstenaars en andere creatieve ondernemers uit bijvoorbeeld het onderwijs of de zorg die hun krachten willen bundelen voor een betere wereld.

,,We leven in een tijd van welvaart en weelde maar tegelijkertijd ook van crisis: het klimaat verandert en de economische ongelijkheid tussen mensen groeit”, zegt Twaalfhoven. ,,Door mijn projecten kon ik al ervaren dat kunst een rol van betekenis kan spelen daar waar de samenleving in de knel zit. Maar kunstenaars moeten meer leren delen. Ze laten vaak alleen het resultaat van hun werk zien terwijl ook de zoektocht om daar te komen interessant is. Ze zijn er enorm goed in om met verbeeldingskracht, schoonheid en creativiteit naar de wereld en problemen te kijken, en van daaruit tot oplossingen en alternatieve mogelijkheden te komen. Heel leerzaam en geschikt om ons door veranderingen heen te helpen.”

Praktisch idealisme

Onder anderen kunstenaars Tinkebell en Tabo Goudswaard en filosoof Joke Hermsen sloten zich al bij The Turn Club aan. ,,We begonnen met honderd leden en hebben er nu zo’n zeshonderd, naast een grote achterban die volgt wat we doen.”

De Turn Club is een podium voor praktisch idealisme, omschrijft hij. Waar gekeken wordt hoe creatieve projecten kunnen helpen bij het oplossen van maatschappelijke vraagstukken. Zo is er een TurnLab dat zich richt op vernieuwende kunstconcepten in de zorg, zoals alternatieve woonomgevingen voor mensen met dementie. Een ander TurnLab houdt zich bezig met ideeën rondom mensen en hun relatie tot de natuur.

Het zwaartepunt ligt nu nog vooral bij kunstenaars en creatieve ondernemers, maar hopelijk wordt de beweging steeds breder

,,Daarbinnen was er bijvoorbeeld iemand die een school wilde beginnen in het bos. Voor zoiets concreet wordt, is het alleen een droom en lang niet altijd haalbaar. Maar als je je idealen weet te uiten worden ze gehoord en vaak ook gekend.” Zo was er hier een toehoorder die meteen een idee had om in elk geval één dag per week onderwijs in het bos te realiseren. ,,Dat geeft de dromenverteller houvast en een echt plan om naartoe te werken. Je moet elkaar alleen vinden, in die zin is de Turn Club een soort daten voor idealisten. Het zwaartepunt ligt nu nog vooral bij kunstenaars en creatieve ondernemers, maar hopelijk wordt de beweging steeds breder.”

Lees ook: Mensen op straat opvrolijken met ‘blubsen en snotjes’

Dat hoopt hij onder meer te bereiken door nu ook regionale Turn Clubs te starten. Turn Club-lid en projectleider van KEK (Kultueredukaasje mei Kwaliteit) namens Keunstwurk Anne Graswinckel is een van de kartrekkers voor Fryslân.

Sociaal Creatieve Raad

Ook Sjoerd Bootsma, artistiek directeur van LF2028, vond al inspiratie bij The Turn Club. ,,Met Merlijn werken we onder meer aan een project waarmee we de filosofie van de club voortzetten tijdens Arcadia, de kunstmanifestatie waarmee het Culturele Hoofdstadjaar LF2018 in 2022 vervolg krijgt”, vertelt hij.

Vorig jaar kreeg de wereld er met corona plots een crisis bij. Al tijdens de eerste lockdown in maart, richtten Bootsma, Twaalfhoven en drie andere culturele ondernemers ook de Sociaal Creatieve Raad op. Een groep van nu vijftig vertegenwoordigers van uiteenlopende maatschappelijke netwerken, die met kunstenaars en ontwerpers plannen bedenken om de samenleving na coronatijd vorm te geven.

Creativiteit speelt nog nauwelijks een rol in de zoektocht naar oplossingen. Net als bij veel andere maatschappelijke vraagstukken

,,Door corona zijn we in een soort schemertijd beland. De vraag is of dat het begin is van een lange nacht of van een nieuwe dag”, zegt Bootsma. ,,Wat ons betreft het laatste. Daarvoor werken vakkundige mensen al hard aan vaccins en financieel-economische ingrepen. Daarnaast is er ook perspectief nodig: verbeelding en inspiratie om weer uit deze crisis te komen. Kunstenaars zijn daar goed in, maar creativiteit speelt nog nauwelijks een rol in de zoektocht naar oplossingen. Net als bij veel andere maatschappelijke vraagstukken.”

Lees ook: Rennie Veenstra uit Dokkum zwaait af, muziekdocent die focuste op inhoud

De SCR wil uitdagen om anders om te gaan met onzekerheden, vult Twaalfhoven aan. ,,Ik vroeg me af of we daar niet anders naar moeten kijken? Ze meer moeten omarmen dan er bang voor zijn. En in plaats van benadrukken wat verkeerd gaat, meer moeten kijken naar wat de mogelijkheden zijn. Toen ik die vraag via sociale media deelde reageerde Carolien Croon, directeur van het Bijbels Museum, meteen met een mooi Bijbelcitaat: ‘En ik zag een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, want de eerste hemel en de eerst aarde waren voorbijgegaan, en de zee was niet meer’.”

Toekomstvisioen

Samen vroegen ze kunstenaars of ze hen een mooi toekomstvisioen konden geven in deze tijd van ontregeling. ,,Dat resulteerde in een expositie die eind vorig jaar te zien was in de Westerkerk in Amsterdam.”

De SCR borduurt verder op die vraag. ,,Door te kijken of we als samenleving onzekerheidsvaardiger kunnen worden. Bij The Turn Club werken lokale makers aan projecten voor een mooiere toekomst. Tegelijkertijd zijn er heel veel structuren in onze samenleving die onze idealen tegenwerken”, legt hij uit. ,,Onze democratie is bijvoorbeeld zo georganiseerd dat je maar één keer in de vier jaar mag stemmen. Best gek als je bedenkt hoe betrokken veel burgers zijn. Met de SCR willen we ons daarom inzetten en lobbyen voor bijvoorbeeld meer burgerberaad en een basisinkomen voor iedereen.”

Onze democratie is bijvoorbeeld zo georganiseerd dat je maar één keer in de vier jaar mag stemmen. Best gek als je bedenkt hoe betrokken veel burgers zijn

Ook van bovenaf hoopt Twaalfhoven zo het kunstdenken plekken te geven buiten de kunstwereld. ,,Liefst zou ik zien dat het hele idee van kunst en cultuur als een apart ministerie verdwijnt, en dat binnen de ministeries van Landbouw, Sociale en Economische zaken óók kunstenaars aan het werk zijn. Dat er in bestaande structuren van bedrijven en overheden hiervoor ruimte ontstaat.”

Lees ook: Corona gezien door ogen van kunstenaars van de Haniasteeg in Leeuwarden

Dat de coronacrisis het moeilijk maakt om mensen fysiek samen te brengen, is voor Twaalfhoven geen reden om zijn passie op een lager pitje te zetten. Integendeel, eind vorig jaar bracht hij ook zijn boek Het is aan ons. Waarom we de kunstenaar in onszelf nodig hebben om de wereld te redden uit. Na de creatieve ondernemers, moedigt hij daarin iedereen aan om de speelse en onderzoekende kunstenaar in zichzelf wakker te schudden.

Juist nu

,,Juist nu in crisistijd ervaren we dat we de wereld in een week tijd stil kunnen leggen. Nu moet het vanwege een virus, misschien kunnen we in de toekomst ook rigoureus ingrijpen om de klimaatontwrichting te keren, schulden op te lossen, om te zorgen dat in ons onderwijssysteem geen kinderen meer buiten de boot vallen of mensen niet in een burn-out belanden. Het is een absurd inzicht dat onze welvaart groeit maar dat het niet per se beter met ons gaat. Geluk is niet een-op-een aan geld af te meten.”

Ik vraag mensen graag welke ideale wereld ze hen zouden toewensen. Dan omschrijven ze vaak een groene wereld, waarin kinderen kunnen spelen op straat

Voor de komende editie van Oerol werkt Twaalfhoven aan een voorstelling waarin hij bezoekers in gedachten voorstelt aan hun achterkleinkinderen. ,,Ik vraag mensen graag welke ideale wereld ze hen zouden toewensen. Dan omschrijven ze vaak een groene wereld, waarin kinderen kunnen spelen op straat, waarin je je buren kent en je mag zijn wie je bent. Dingen waar we het voor 90 procent allemaal denk ik wel over eens zijn.”

‘We hebben aansprekende, levende dromen nodig die een onweerstaanbaar beeld scheppen van het mogelijke. Dan kun je niet anders dan op weg gaan’, schrijft hij in zijn boek. ,,Daarom is het nu tijd om de vraag te stellen wat volgens ons een goede wereld is. En om, als je het bent, als idealist uit de kast te komen.”

Lees meer via: https://merlijntwaalfhoven.com/hetisaanons/

Nieuws

menu