Opera Spanga: Twee opera’s. Twee vrouwen. Twee keer overspel

Opera Spanga trakteert voor zijn dertigste verjaardag op niet één maar twee korte opera’s. In Pagliacci en Il Tabarro verkent het gezelschap de dramatiek die schuilt achter de drijfveren van twee vrouwen die vluchten in ontrouw.

Aylin Sezer heeft het als Nedda in Pagliacci (Paljassen) van de Italiaanse componist Ruggero Leoncavallo maar zwaar met de grillen van de liefde. In amper een half uur tijd moet ze tijdens een repetitie in de halfopen tent in het Friese weiland van Spanga haar aanbidder Tonio (Marcel van Dieren) van zich afslaan én haar jaloerse man Canio (Morschi Franz) met losse handjes ontwijken. Tussendoor deelt ze achter het schot van een bed op het toneel heimelijk de lakens met haar minnaar Silvio (David Visser).

En dan speelt ze in het stuk – een verhaal in een verhaal – ook nog de actrice Columbina. Die speelt op haar beurt in een voorstelling waarin ze ook vreemdgaat, door haar man Pagliaccio (Canio) wordt betrapt en hij haar aanvalt met een mes.

Het is een ,,enorm emotionele spanningsboog” die ze in de opera die in totaal een uur duurt moet neerzetten, zegt Sezer (eerder bij Spanga te zien geweest in La Traviata) na de repetitie. ,,Doorgaans heb je een hele aria om een thema of scène te bezingen en uit te leggen, nu soms maar een paar maten. Het ene moment moet je een beetje meer geven, het volgende al weer iets minder.”

Sterke vrouw

Uitdaging is wat ze zoekt in het theater. De rol van Nedda stond zo al lang hoog op haar verlanglijstje. ,,Ze spreekt me aan omdat ze een sterke vrouw is. Daar zal misschien niet iedereen zo over denken, omdat ze bij haar man blijft terwijl hij haar slecht behandelt. Maar voor mij is ze dat wel. Er zijn bijvoorbeeld twee momenten in de opera waarin ze flink uithaalt, een zwak personage zou dat niet zo snel doen. Die vind ik zelden interessant om te spelen.”

Meer nog, wilde ze Nedda graag spelen omdat ze haar niet begreep. ,,We hebben hier al heel wat discussies gehad over wat haar nou beweegt: houdt ze nu wel of niet echt van haar man? En van haar minnaar?” Alleen Leoncavallo – die het libretto van de opera die in 1892 in première ging zelf schreef – wist de antwoorden, denkt ze. ,,Er zitten wel muzikale aanwijzingen in de opera die het ene of het andere meer aannemelijk maken, maar zeker weten doe ik het allemaal niet. Maar dat onduidelijke maakt haar voor mij juist ook heel menselijk, want hoeveel mensen begrijpen zichzelf echt helemaal?”

Opera Spanga

Toch gaat Sezer er vanuit dat het de liefde is die Nedda drijft. ,,Haar man heeft haar ooit uit de goot gered. Daarvoor is ze hem nog dankbaar en staat ze voor haar gevoel bij hem in het krijt. Misschien laat ze zich daarom ook afstraffen. Ik wil ook geloven dat ze daarnaast van Silvio houdt. Dan is haar dilemma groter dan wanneer ze hem alleen zou gebruiken om weg te komen en alleen maar gemeen zou zijn. Nu is het spannender, iets houdt haar tegen om voor hem te kiezen.”

Behalve boosdoener is Nedda ook slachtoffer. ,,Dat geldt eigenlijk voor de meeste hoofdpersonages. Nedda voelt zich opgesloten, maar komt dat door anderen of haarzelf? Haar man is bruut, maar zij daagt hem ook ontzettend uit. Tonio wijst ze af, maar hij gaat ver de grens over als hij zich aan haar probeert te vergrijpen. En voor Silvio kiest Nedda ook niet volledig, dus ook hij heeft te lijden.”

Leoncavallo baseerde Pagliacci op een ware gebeurtenis, weet Sezer. ,,David (medespeler David Visser, red.) vertelde me dat. Toen Leoncavallo klein was werd een knecht van zijn familie vermoord, de zogenaamde Silvio.”

Maar in de opera gaat hij met de werkelijkheid aan de haal. Eerst ziet het publiek de personages als zichzelf, in de tweede akte in hun rol in een voorstelling met hun eigen publiek erbij. Dat wordt steeds enthousiaster over het realistische spel. Niet verwonderlijk, want als Canio, net als Pagliaccio die hij speelt, de affaire van zijn vrouw ontdekt, vervagen in zijn hoofd en op het toneel de grenzen tussen fictie en werkelijkheid. ,,Het is dan niet meer duidelijk wanneer Canio en Nedda zichzelf of de acteurs zijn. Pas als hij haar neersteekt realiseert het publiek zich dit ook.”

In het decor, opgebouwd uit een stellage met twee verdiepingen, speelt Opera Spanga ook met deze gelaagdheid. En doet er nog een schepje bovenop. Als Canio met zijn mes uithaalt en zijn fameuze laatste woorden ‘la commedia è finita’, oftewel ‘de komedie is ten einde’ uitspreekt, kan het echte publiek nog een staartje te wachten.

Nu in het donker

Na een pauze, als de nacht intreedt, krijgt het publiek van Opera Spanga deze zomer nog een korte opera te zien. Dan is het de beurt aan Il Tabarro, oftewel De mantel, uit 1918 van de Italiaan Giacomo Puccini met een libretto van Giuseppe Adami. Ook deze opera draait om ontrouw, maar nu zo stiekem dat het zich in het donker af moet spelen.

Francis van Broekhuizen speelt Giorgetta, die tijdens een vaart over de Seine op hun schip haar man Michele (Marcel van Dieren) met de stuwadoor Luigi bedriegt. ,,Vocaal gezien past deze rol me perfect”, vertelt de sopraan. ,,Dat geeft mij alle vrijheid om te richten op hoe ik die wil brengen.” Gunstig, want daarvoor moet ze nieuwe dingen in zichzelf aanboren. ,,Ik ga bijvoorbeeld nooit vreemd”, lacht ze. ,,En Giorgetta is zogezegd een lekker ding, ik beschouw mezelf doorgaans niet echt als een beauty.”

Om over de schroom van het fysieke spel dat nodig is heen te komen, gooide regisseur en artistiek leider Corina van Eijk haar maar meteen in het diepe. ,,Op de eerste repetitiedag moest ik meteen all the way gaan. Zoenen met mijn minnaar en hem aanraken alsof ik hem al jaren kende. Gelukkig had ik meteen een goede klik met Eric Reddet, de tenor die hem speelt. Daardoor was het niet ongemakkelijk.”

Ik denk dat de affaire haar doet denken aan haar jeugd, toen ze nog gelukkig was

In tegenstelling tot de gecompliceerde Nedda in Pagliacci, begrijpt Francis de beweegredenen van haar personage om vreemd te gaan juist heel goed. ,,Zij en haar man hebben een kindje verloren. Ik denk dat de affaire haar doet denken aan haar jeugd, toen ze nog gelukkig was. Haar minnaar is ook een soort jongere versie van haar man. Er schuilt dus veel melancholie en nostalgie in.”

Voor Van Broekhuizen is haar rol er ook een die ze zelf al langer dolgraag eens wilde spelen. ,,Puccini is mijn lievelingscomponist. Zijn opera’s zijn zo knap geschreven. Dat geldt ook voor deze. Eerst is er veel gedoe en gaat het over lullige dingen. Vervolgens zie je Giorgetta vreemdgaan en denk je ‘wat een trut’. Maar dan komt er een scène waarin haar man over hun overleden kindje begint en verandert het lullige in een groot drama. Puccini’s muziek overstijgt daarbij alles: alle gevoel ligt open en bloot bij hem.”

Giorgetta voelt zich opgesloten. ,,Ze stikt in de beperkte ruimte op het schip. Haar man slaat haar met zijn stilte om de oren, zegt ze. Terwijl hij juist degene is die wel over het verleden wil praten en zij niet.” Om dit over te brengen moet Van Broekhuizen diep in haar eigen emoties tasten. ,,Giorgetta weet geen raad met zijn woorden, iets wat ik wel herken van vroeger. Zelf heb ik geen kinderen, dat is ook wel eens een verdriet.”

Altijd een drama

Broekhuizen is al sinds 2008 vaste gastsolist bij Opera Spanga. In totaal speelde ze in elf producties mee, waarbij Marcel van Dieren geregeld net als nu haar man vertolkte. ,,Ik kan inmiddels met hem lezen en schrijven”, lacht ze, ,,maar onze relaties zijn altijd een drama.” In LF2018 toog Opera Spanga ook naar toen collega-Culturele Hoofdstad Valetta. Sommige samenwerkingen van daar krijgen nu vervolg. Zo wordt Frugola, een kennis van Giorgetta in het stuk, gespeeld door Graziella Debattista. ,,Een geweldige zangeres en actrice, en qua persoonlijkheid net de Maltese versie van mijzelf.” En naast nog een acteur zijn ook een regie-assistent en een stel in het kostuumteam uit Malta gekomen.

Il Tabarro is de eerste van drie eenakters uit Puccini’s Il Trittico. De hoofdrol in het tweede deel Suor Angelica (Zuster Angelica) vertolkte Van Broekhuizen al eens bij Opera Zuid. In deel drie, het kluchtige Gianni Schicchi, was ze in 2014 bij Opera Spanga te zien. ,,Puccini baseerde zijn triptiek op Dantes De goddelijke komedie dat ook uit drie delen bestaat: de hel, de louteringsberg en het paradijs. Il Tabarro is in die zin Puccini’s hel. Vaak wordt het dan ook als horror neergezet maar Corina zoemt vooral in op de relatie en legt de nadruk op waarom dit soort dingen als overspel gebeuren.”

Lach en traan

Voor haar een mooie kans. ,,Vaak heb ik toch wel rollen waarmee ik vooral de komische noot ben, nu kan ik laten zien dat achter de comédienne ook een tragédienne schuilt. Een rol waarin theater is wat het moet zijn: een lach en een traan.”

Daarbij geeft de gekozen insteek het stuk extra betekenis, vindt ze. ,,Opera is vaak groots en meeslepend, maar door het menselijke centraal te stellen is er ook herkenning waardoor je als luisteraar echt op kan gaan in het verhaal.”

Ook deze affaire komt tot een tragische ontknoping. Als Michele erachter komt wacht hij Luigi op en vermoordt hij hem. Zijn lichaam verbergt hij onder zijn mantel, waar hij voorheen zijn vrouw en kind onder beschermde. Giorgetta treft daar nu haar minnaar levenloos aan. ,,Net als ze het goed wil maken met haar man. Haar stilzwijgen en het stiekeme leiden nergens toe, is de boodschap die zo doorklinkt. Praten is beter”

Pagliacci en Il Tabarro gaan op 25 juli in première in de halfopen tent in het weiland aan de Spangahoekweg in Spanga, en zijn ook te zien op 27 en 30 juli en op 1, 3, 6, 8 en 10 augustus.