Reizende schilders: De Rembrandt van Leeuwarden in het spoor van Don Quichot

Johannes Hendricus Jurres wordt bij leven vergeleken met de groten: van Rubens en Velázquez tot Rembrandt. De Leeuwarder groeit in Amsterdam uit tot een van de invloedrijkste kunstenaars van vóór WOII. Zijn inspiratie? Die komt noch uit Fryslân, noch uit de hoofdstad.

Jurres (1875-1946) wordt geboren in een katholiek gezin in Leeuwarden. Vader is kleermaker. Ze hebben het niet breed, maar de jonge ouders leggen hun zoon geen strobreed in de weg wanneer hij kunstenaar wil worden. De kleine Johannes tekent nog voordat hij kan schrijven. Zijn talent wordt vervolgens gestimuleerd door de lessen van Jan Bubberman, tekenleraar aan de Rijks HBS, die later ook Piet van der Hem en Ype Wenning tekenonderricht zal geven.

Jurres is gefascineerd door de militaire oefeningen die hij gadeslaat bij de Prins Frederikkazerne op de Amelandsdwinger. Vooral de paarden van de huzaren hebben zijn interesse. Ook vindt Jurres inspiratie in De Katholieke Illustratie bij zijn ouders thuis. Hier treft hij gravures aan van Bijbelse taferelen en kruistochten door de beroemde Franse illustratoren Gustave Doré en Alphonse de Neuville. Deze eerste ‘reizen’ naar verre oorden vormen de basis voor zijn latere oeuvre.

De reizen van Johannes Hendricus Jurres. Illustratie: Gert-Jan Veenstra

Op zijn vijftiende vertrekt hij naar Amsterdam, waar hij zich inschrijft bij de Rijksschool voor Kunstnijverheid. Twee jaar later krijgt hij op de Rijksacademie les van de beroemde professoren August Allebé, Carel Dake en Nicolaas van der Waay.

Spannende verhalen

Jurres bekwaamt zich in modeltekenen en compositieleer, maar in de avonduren blijft hij gefascineerd door zijn eerste artistieke liefdes: Neuville en Doré, inmiddels aangevuld met de spannende verhalen van Cervantes’ Don Quichot. Ook de avonturenromans van schrijvers als Diego Hurtado de Mendoza en Alain-René Lesage liggen op zijn nachtkastje.

Vervuld van deze heldenverhalen, maakt Jurres de eerste pentekeningen in de stijl die zijn handelsmerk zullen worden. Ridders te paard. Reizigers. Neergezet met sierlijke streken die in de verte doen denken aan Rembrandt. Het ontgaat ook de docenten op de academie niet dat de jonge Fries zijn thematiek gevonden lijkt te hebben. Door tussenkomst van Dake en Allebé wordt een dertigtal Don Quichot-illustraties uitgegeven als boekwerk, inclusief de literaire tekst van Cervantes; Jurres heeft zijn naam gevestigd.

Met het eerste geld dat hij van de verkoop van zijn illustraties en schilderijen kan sparen, gaat hij op zoek naar de bron van zijn inspiratie

In het Amsterdamse Museum Fodor (in de jaren 1990 opgeheven) ziet Jurres in 1899 twee werken van de Franse meester Delacroix, die hem inspireren om zelf olieverfschilderijen te vervaardigen. Hij ontdekt ook het werk van Rembrandt, Rubens en Velázquez. En met het eerste geld dat hij van de verkoop van zijn illustraties en schilderijen kan sparen, gaat hij vervolgens op zoek naar de bron van zijn inspiratie.

Eindbestemming Granada

In de zomer van 1901 vertrekt Jurres met zijn vriend, de schilder Chris Hammes, richting Spanje. Met een krappe beurs en zonder de talen machtig te zijn laten de jonge mannen zich leiden door de schaduwen van Don Quichot en een oude Baedeker reisgids. Via Parijs en Bordeaux komen ze in Madrid, waar ze het Prado museum bezoeken en een stierengevecht bijwonen. Eindbestemming Granada.

Een zomer lang werken de twee vrienden onder de Spaanse zon. Eindelijk staat Jurres met beide benen stevig op de grond waar zijn inspiratie in geworteld is. Hij tekent schetsboeken vol. Zijn schilderijen Spaansche boeren met muildier en Petrus en Johannes een kreupele genezend, worden in 1903 getoond in het Fries Museum. Naast schilderijen van onder anderen Mesdag, Israëls en Christoffel Bisschop, beleeft Jurres zijn doorbraak bij het grote publiek. In het Nieuwsblad van Friesland is te lezen dat sommigen in de schilder een ‘Rembrandts talent’ ontdekt menen te hebben.

Wanneer zijn tijdgenoten nog nakauwen op het Hollandse impressionisme van de Haagse School, blijft Jurres gedurfd zijn eigen weg volgen

De reis naar Spanje is het startschot voor een glansrijke carrière. Wanneer zijn tijdgenoten nog nakauwen op het Hollandse impressionisme van de Haagse School, blijft Jurres gedurfd zijn eigen weg volgen met romantische schilderijen, geïnspireerd op zijn Franse en Spaanse helden. En dat valt in de smaak.

Eervol

De gerenommeerde kunsthandel Frans Buffa verkoopt zijn werk tot in de Verenigde Staten, waar Jurres tijdens de wereldtentoonstelling van 1904 in Saint Louis in de prijzen valt. In 1905 krijgt hij de eervolle opdracht om een portret van koningin Wilhelmina te maken voor de raadzaal van het Leeuwarder stadhuis.

In 1911 trouwt de schilder in de Franse badplaats Nice met Madeleine Guillouard, met wie hij twee zonen krijgt. Hoewel Jurres regelmatig exposeert in Fryslân, keert hij nooit terug naar zijn geboortegrond. In 1921 wordt hij benoemd tot professor aan de Rijksacademie. In 1944 wordt hij ook voorzitter van het Amsterdamse Arti et Amicitiae.

Johannes Jurres overlijdt op 2 augustus 1946 op 71-jarige leeftijd in zijn atelier. Zijn werk is opgenomen in de collecties van onder andere het Fries Museum, het Dordrechts Museum en het Rijksmuseum. In 2004 publiceerde Gert Elzinga onder de titel Schilder van het drama in De Vrije Fries een artikel over het leven en werk van de schilder, waarin hij terecht opmerkt dat Jurres – net als Alma Tadema – ‘eerherstel’ verdient.

In de serie Reizende schilders belicht het Friesch Dagblad deze zomer de levens van Friese schilders die in het verleden inspiratie vonden over de grens

De experimenteerdrift van 'de onbekende' Sjoerd Huizinga

Sjoerd Huizinga was de vooruitstrevendste, maar ook de onbekendste kunstenaar van Yn 'e Line. Mede dankzij onderzoek van kunstenaar en galeriehouder Jan Reinder Adema en journalist Dirk van Ginkel is er nu een expositie met zijn werk in Museum Dr8888 en een boek over de kunstenaar en zijn werk.