Reizende schilders: Siebe ten Cate stierf onder verdachte omstandigheden in Parijs

Sneker Siebe ten Cate heeft een succesvolle carrière in Parijs. Zijn zilverzachte schilderijen met haven-gezichten en stadstaferelen verkopen er als warme crêpes. Tot het bericht van zijn ‘dood onder verdachte omstandigheden’ het thuisfront bereikt.

Siebe Johannes ten Cate wordt op 27 februari 1858 in Sneek geboren als tweede zoon van Jan ten Cate en Popkje Tuymelaar. De vermogende familie met roots in de Achterhoek bezit een leerlooierij en een ‘vellebloterij’ met een grote molen aan de Woudvaart. Zowel grootvader Steven als vader Jan ten Cate zijn enige tijd burgemeester van de stad.

Steven junior - Siebe’s vijf jaar oudere broer - wordt klaargestoomd om de zakelijke honneurs van de familie waar te nemen, dus kan Siebe zich van jongs af aan richten op zijn creatieve talenten. Zijn eerste grote liefde betreft niet het penseel maar de strijkstok. Toch klinkt het geluid van potlood op papier al snel vaker dan vioolspel in de vertrekken van het statige pand aan de Wijde Noorderhorne 1 (nu de bibliotheek) waar de Ten Cates in 1864 naartoe verhuisden.

De reizen van Siebe ten Cate. Illustratie: Gert-Jan Veenstra

Ondanks maatschappelijke welstand, kent het gezin veel tegenslag en verdriet. Wanneer vader Jan in 1873 burgemeester wordt van Sneek, heeft hij al drie dochters moeten begraven. Johanna, Anne Jeltje en Anne Jeltje de tweede. In 1876 overlijdt hij zelf. In het harnas. De stad loopt uit om haar overleden burgemeester een laatste eer te bewijzen.

Er is niets wat de jonge schilder nog aan Sneek, Fryslân of Nederland bindt. Hij verlaat Amsterdam en studeert enige tijd in Antwerpen

Siebe vertrekt na zijn vaders dood naar Amsterdam, waar hij zich inschrijft aan de Rijksacademie van Beeldende Kunsten. In 1879 overlijdt ook zijn moeder en in oktober 1880 treft het noodlot broer Steven, wanneer deze als één van de weinige opvarenden een botsing tussen twee schepen op de Noordzee niet overleeft. Er is niets wat de jonge schilder nog aan Sneek, Fryslân of Nederland bindt. Hij verlaat Amsterdam en studeert enige tijd in Antwerpen, maar dat is in principe al op doorreis naar Parijs, waar Siebe een ruim atelier betrekt aan de Rue de Malte 65, vlakbij de Place de la République. Hij is dan pas tweeëntwintig jaar.

Van Gogh

In de zomer van 1881 reist Ten Cate naar Brussel om zijn oud-studiegenoot, de schilder Anton van Rappard, te bezoeken. Het moet voor beiden een inspirerend bezoek geweest zijn, want Van Rappard schrijft erover aan zijn vriend Vincent van Gogh, die antwoordt als door een slang gebeten: ‘Gij zegt, Ten Cate sprak tot U over dergelijke dingen als ik. Que soit, doch indien de Heer Ten Cate is een persoon die ik op zekeren dag eens heel even op Uw atelier gezien heb dan betwijfel ik ten zeerste of hij en ik in den grond precies dezelfde gedachten hebben. Is hij iemand klein van persoon en met zwart althans donker haar en vrij bleeke gelaatskleur, zeer netjes geheel in ’t zwart laken gekleed?’

Lees ook: Reizende schilders: Tjerk Bottema, van boerenzoon tot bohémien

In het culturele mekka Parijs maakt Ten Cate kennis met beroemde schilders als Alfred Sisley, Camille Pisarro en de Nederlander Kees van Dongen, die hij enige tijd onderdak biedt. Ondanks dat Ten Cate zich goed kan redden in het Frans en voldoende bagage heeft om zich in het artistieke milieu te handhaven, kiest hij voor een rustig en teruggetrokken bestaan. Samen met zijn hond en drie katten: Friquet, Noirot en Minou.

In Parijs ontstaan de meeste van zijn verstilde, vaak in regennevel gehulde schilderijen, met hun dromerige, naar melancholie neigende sfeer

Ten Cate gaat zo nu en dan naar Fryslân om zijn zuster Berber en broer Teunis te bezoeken, maar definitief terugkeren zal hij nooit. In Frankrijk wordt hij als kunstenaar gewaardeerd. Hij exposeert regelmatig, onder andere tijdens de jaarlijkse Salon en bij de beroemde kunsthandel van Paul Durand-Ruel. Parijs is zijn favoriete werkgebied. Hier ontstaan de meeste van zijn verstilde, vaak in regennevel gehulde schilderijen, met hun dromerige, naar melancholie neigende sfeer.

Lees ook: Reizende schilders: De Rembrandt van Leeuwarden in het spoor van Don Quichot

Ten Cate blijft altijd reislustig en maakt studiereizen naar Engeland, Zweden, Noorwegen, Zwitserland, Noord-Afrika en de Verenigde Staten. Toch zijn het vooral de stadsgezichten, met een speciale voorkeur voor nautische taferelen in Frankrijk (van de oevers van de Seine in Parijs tot aan Le Havre), die de Sneker impressionist het meeste inspireren.

Op 15 december 1908 verschijnt in de Leeuwarder Courant het bericht dat Ten Cate in Parijs is overleden. In Sneek gaan er onder meer geruchten dat hij met een pistoolschot vermoord zou zijn. In het politierapport staat echter dat hij op straat in elkaar gezakt is, nadat hij waarschijnlijk aan een hersenbloeding is bezweken.

Vergetelheid

Op de Parijse Salon d’Automne van 1909 wordt de schilder herdacht met een tentoonstelling waar liefst 51 schilderijen, pastels en gouaches te zien zijn. Daarna raakt Ten Cate, vooral vanwege gebrekkige erkenning in Nederland, wat in de vergetelheid. Tegenwoordig wordt ‘de meester van het tegenlicht’ ook in zijn thuisland gewaardeerd, wat zich vertaalt naar prijzen voor zijn werk die geregeld tegen de toplaag van de Haagse School aanschurken.

Onder meer het Rijksmuseum Amsterdam, het Frans Hals Museum in Haarlem en het Musée Carnavalet en het Louvre in Parijs hebben werk van Siebe ten Cate. In 2012 is er in het Fries Scheepvaart Museum in Sneek, op initiatief van collectioneur Joop van Schaik, een grote overzichtstentoonstelling gehouden. Onlangs is de Siebe ten Cate Stichting in het leven geroepen om zijn werk onder de aandacht te brengen en houden.

Kijk voor meer informatie over Siebe ten Cate op: siebetencate.nl

In de serie Reizende schilders belicht het Friesch Dagblad deze zomer de levens van Friese schilders die in het verleden inspiratie vonden over de grens

Reizende schilders: Sipke van der Schaar ging op een kameel door de woestijn

Sipke van der Schaar maakt in Amsterdam deel uit van een groep experimentele en avontuurlijke kunstenaars, onder wie Leo Gestel en Jan Sluijters. Na zijn afstuderen met de rest naar Parijs? Niet voldoende voor Sipke. Hij trekt als een ware nomade door de woestijn, van Istanbul tot Algerije.