'Zwaar' en 'licht' gaan prima samen na coronaduister: Nieuwlicht Projectorkest en Wiebe Kaspers brengen in de Pelikaankerk in Leeuwarden serieuze pop en lichte klassiekers mooi samen

De Pelikaankerk in Leeuwarden was zondagmiddag twee keer het fraaie decor van een pril, nieuw licht na het culturele coronaduister. Het splinternieuwe Nieuwlicht Projectorkest, onder leiding van dirigent Tjeerd Barkmeijer, trad aan met popartiest Wiebe Kaspers.

Wiebe Kaspers.

Wiebe Kaspers. Foto: Piet Douma

Het programma bestond uit een eclectische mix van klassiekers uit de periode van de British Light Music en songs uit het repertoire van Kaspers en zijn trio Wiebe . Speciale gast Kaspers was verantwoordelijk voor de zwaarte, eb- en vloedmuziek, vol zwel en smart, zoals Let me love again , het laatste nummer van het recentste Wiebe-album Y , een plaat vol hartzeer. Of wat te denken van And so it goes , een cover van Billy Joel, met regels als ‘my silence is my self-defense’ en de prachtige, pijnlijke conclusie ‘you can have this heart to break’. „Wiebe houdt van zwaarmoedige muziek”, zei de dirigent met een knipoog.

Kaspers speelde ook een aantal nieuwe liedjes, zoals het imposante Wings of bronze en zowaar een vrolijker nummer met de titel Allright .

Gezellige noot

De arrangementen die Barkmeijer in korte tijd bij de popsongs maakte waren bijzonder effectief, en deden denken aan de sprookjesachtige droomklanken van Sufjan Stevens. Het nieuwe (amateur)orkest zorgde voor de lichte, vrolijke en bovenal gezellige noot. British Light Music was in zwang tot het midden van de jaren zestig, toen de BBC overstapte op popmuziek. ,,Met één pennestreek”, zei Barkmeijer, die een vergelijking maakte met de bezuinigingen op cultuur de afgelopen decennia.

Zwaarder dan dat werd het niet van zijn kant, en de lichte muziek werd hooguit eens een tikje nostalgisch. Het waren trouwens niet alleen Britten die ‘BLM’ schreven, zo leerde het publiek, het romantische Belle of the ball werd in 1951 gecomponeerd door een Amerikaan, Leroy Anderson.

Galm

Het orkest zwabberde hier en daar, bij vlagen klonk het alsof de muziek van een kromgetrokken single kwam. Het geluid in de kerk werkte ook niet mee, een mooie ruimte, maar veel galm. Het mocht de pret niet drukken. Voor het eerst in tijden weer naar een concert, en het licht viel warm en kleurig door de glas-in-lood ramen. Oude bekenden groeten elkaar ( „Hee hoi, jij hier ook?”) en het stemmen van de instrumenten was al een genot om te horen.

In de loop van het concert werd er steeds meer meegeklapt, het afsluitende Barwick Green (Arthur Wood, 1924) was een treffend hoogtepunt. Kaspers speelde op piano met het orkest mee, zo kwamen serieuze pop en British Light Music mooi samen. Want als er één ding duidelijk werd deze middag, is dat het één het ander niet hoeft uit te sluiten.

Nieuwlicht Projectorkest met Wiebe Kaspers, Pelikaankerk, Leeuwarden, 35 bezoekers (max.) Nog te zien: 18 juni in de Rinkelbom in Heerenveen (19.00 en 21.00 uur) en 20 juni in de Grote Kerk in Dokkum (15.00 en 17.00 uur)