Katvangers en knoeiers gepakt voor faillissementsfraude

Bij drie op de tien faillissementen is zeker of waarschijnlijk sprake van een strafbaar feit of onrechtmatige benadeling van schuldeisers. De maatschappelijke schade is groot. Politie, FIOD en OM zeggen fraude effectiever te kunnen aanpakken.

De rechtbank in Leeuwarden aan het Wilhelminaplein.

De rechtbank in Leeuwarden aan het Wilhelminaplein. Foto: Marchje Andringa

,,Een restauranthouder uit Meppel is in juni veroordeeld omdat hij de kassaregistraties steeds weggooide en het geheugen wiste. Dan is er dus een constante geldstroom waar je de vinger niet achter krijgt, omdat alle bonnen weg zijn. Dat is een vorm van faillissementsfraude”, zegt officier van justitie Gerben Wilbrink. ,,Geen administratie voeren is strafbaar. Je moet op elke dag bij een bedrijf kunnen binnenlopen en de staat van de onderneming kunnen bepalen. Als je dat nalaat, ontneem je leveranciers het zicht.”

Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) berekende in 2015 dat in dat jaar bij beëindigde faillissementen een schuld achterbleef van 4,9 miljard euro. Curatoren wisten dat bedrag met 9,5 procent terug te brengen tot 4,4 miljard. Per faillissement gaat het dan om een gemiddelde schuldenlast van 582.000 euro. Dat cijfer is vertekend door enkele grote zaken: bij de helft van de gefailleerden was de schuld minder dan 211.000 euro.

Uit een grote steekproef van het CBS bleek dat in 17,3 procent van de gevallen sprake was van ‘zekere strafbare of onrechtmatige benadeling’ van schuldeisers. In nog eens 12,8 procent van de faillissementen was dat waarschijnlijk. Die opgetelde 30,1 procent heeft betrekking op 1,56 miljard euro aan schulden. Daarbij moet wel worden aangetekend dat het bedrag dat met onrechtmatig handelen te maken heeft, maar een deel van deze onbetaalde schuld is.

Aangifte doen

De maatschappelijke schade van faillissementsfraude is fors. Curatoren klaagden veelal dat áls ze aangifte deden, daar niets mee werd gedaan. Enkele jaren geleden is er een omslag gekomen. ,,Het OM heeft destijds onderkend dat de aanpak beter kon. Curatoren hadden een punt; de maatschappelijke schade is groot”, zegt Wilbrink. ,,We hebben daarna gezamenlijk, met politie en FIOD, gekeken hoe de aanpak steviger kon.” Inmiddels is er ook wetgeving gekomen die curatoren verplicht om melding te doen. ,,Dat is voor ons niet doorslaggevend geweest, maar het trekt mogelijk wel curatoren over de streep om aangifte te doen.”

De politie Noord-Nederland heeft inmiddels meerdere financieel specialisten opgeleid die de aangifte kunnen opnemen van curatoren. Zaken tot 100.000 euro komen bij de politie terecht, daarboven is het een zaak van de FIOD. Twee keer per jaar komen in het Noorden curatoren, de officier van justitie, politie, FIOD en UWV bij elkaar in een zogenaamd fraudespreekuur om casussen te bespreken die mogelijk tot vervolging kunnen leiden. Daarbij wordt gekeken naar de civiele mogelijkheden die de curatoren in eerste instantie nog hebben. En als die er niet meer zijn, wordt curatoren aangeraden melding te doen bij het Centraal Meldpunt Faillissementsfraude van de FIOD in Zwolle.

,,De spreekuren elders in het land hebben wisselend succes. In het Noorden werkt het heel goed. Steeds dezelfde mensen zitten bij elkaar: zo heb je de kennis paraat. Het zorgt er ook voor dat aangiften goed op papier komen, de politie en FIOD de zaak goed veredelen (rechercheren, PH) en de curator weet wat hij (nog) kan doen. Er is onderling vertrouwen”, zegt Wilbrink. ,,We willen ook de boodschap geven aan katvangers en de mensen erachter: je bent niet veilig voor ons. Als je je verstopt, komen we achter je aan.”

Katvanger en geknoei

Wilbrink onderscheidt meerdere soorten faillissementsfraude. ,,Je hebt de katvangers die voor een paar tientjes, en na wat drank in de kroeg, een bedrijf op naam krijgen en bij faillissement voor de gemaakte schulden opdraaien. Je hebt ondernemers die bonafide beginnen, maar gaan knoeien als het tegenzit. En je hebt mensen die een bedrijf opzetten, auto’s huren en op rekening brandstof tanken, tonnen aan schulden maken en bij wie oplichting de primaire zaak is. Maar dat valt ook onder faillissementsfraude.”

Onder dat geknoei valt bijvoorbeeld het goochelen met de kassa en administratie, het bevoordelen van bepaalde schuldeisers vlak voor het bankroet of het onttrekken van privémiddelen aan de boedel. ,,De maatschappelijke impact is groot. Er blijven mensen onbetaald achter. Die kunnen zich daar niet tegen verzekeren. Ze komen met regelmaat met het mes tussen de tanden naar een zitting en zijn furieus. De fraude slaat een enorm gat in de begroting en bij sommige ondernemers komt het voortbestaan in gevaar.”

Kritiek

Curatoren en de politiek waren, en zijn, soms kritisch op de pakkans van faillissementsfraudeurs. Eerder ging een cijfer van 2 procent pakkans rond. Volgens Jaap Timmer, projectleider faillissementsfraude bij de FIOD in Zwolle, is dat cijfer vertekend. ,,Die pakkans van 2 procent, daar klopt niets van. Dat percentage krijg je als je álle faillissementen afzet tegen die waar wordt vervolgd en opgespoord. In heel Nederland krijgen we jaarlijks drie- tot vierhonderd meldingen van mogelijke faillissementsfraude”, zegt Timmer. ,,En crisis of geen crisis, het aantal zaken blijft gelijk. Wij kunnen ook niet opsporen als we iets niet weten.”

De pakkans hangt dus ook samen met of een curator het meldt. Dat is nog wel een heikel punt (zie kader). Timmer schat de pakkans overigens tussen 10 en 20 procent.

De FIOD heeft per jaar 100.000 werkuren beschikbaar voor opsporing van faillissementsfraude. Van de vierhonderd zaken die worden gemeld, krijgt de FIOD er honderd. Die hebben betrekking op fraude waarbij meer dan 100.000 euro is onttrokken aan de failliete boedel. De kleinere zaken doet de politie.

We willen de boodschap geven aan katvangers en de mensen erachter: je bent niet veilig voor ons

Timmer: ,,Per jaar kunnen we 60 tot 80 procent van de ons toegewezen zaken in onderzoek nemen. Als er een veelpleger bezig is geweest, dan kost dat al gauw 10.000 tot 20.000 uren. Maar als zo’n fraudeur de maatschappij al heel lang, via verschillende faillissementen, schade berokkent, dan heb je daarin ook een verplichting. Politieke prioriteiten en capaciteit kunnen een overweging zijn in de vervolging, maar dat komt niet vaak voor.” Het kan ook zijn dat er toch geen strafbaar feit is gepleegd, of dat andere delicten prevaleren en de zaak niet als faillissementsfraude wordt behandeld maar wél wordt opgepakt. Het niet vervolgen wordt altijd teruggekoppeld naar de curator. Mede om goodwill te kweken.

Faillissement

Volgens Timmer komen de meer gehaaide faillissementsfraudeurs niet gemakkelijker weg omdat het onderzoek meer tijd vergt. ,,Een gelegenheidsfraudeur kan net zo schadelijk zijn als een veelpleger.”

Jeroen Kiekens is bij de politie in Noord-Nederland verantwoordelijk voor de faillissementszaken. ,,In de periode 2014-2017 hebben we jaarlijks twaalf tot vijftien zaken gehad. Die gaan we dan veredelen: gegevens van de verdachte verzamelen. Een keer per maand hebben we er operationeel fraudeoverleg over”, zegt Kiekens. ,,Het doel is alle zaken te doen en dat is tot nog toe ook zo geweest. Elk jaar hebben we een themazitting faillissementsfraude, dit jaar zelfs twee.” Onduidelijk is of in heel Nederland alle zaken door de politie worden opgepakt

FIOD, politie en OM willen het daarbij ‘eenvoudig’ houden. Kiekens: ,,Er zijn vaak meerdere strafbare feiten gepleegd, maar we vervolgen, als het kan, op het ontbreken van de administratie of het niet voldoen aan de inlichtingenverplichting. Dat valt ook onder faillissementsfraude. De makkelijk bewijsbare zaken filteren we er zo snel uit. Maar het is ook niet zo dat als er een leaseauto is verduisterd, we die laten staan. Die nemen we mee.” Op faillissementsfraude staan straffen tot maximaal vier en zes jaar. De politierechter komt in de praktijk vaak op straffen tot een jaar. Bij meerdere strafbare feiten kan dat hoger uitvallen.

Curatoren kunnen overigens ook via de civiele rechter vaak meer doen dan ze weten, zeggen Timmer en Kiekens. Het binnentreden bij een bedrijf is mogelijk of het in gijzeling nemen van een bestuurder. Ook is via een rechtszaak een bestuursverbod mogelijk, waarbij inschrijving bij de Kamer van Koophandel onmogelijk wordt. Waar het kan, willen politie en FIOD ook in het voortraject meewerken zoveel mogelijk samenwerken met curatoren.

Vacatures

Machinist in opleiding

Arriva

Baliemedewerker

Stedelijk Museum Meppel

Lid College van Bestuur

Talent Performance

Nieuws

menu