Na jaren van voorbereidingen zijn de eerste dieren verhandeld op nieuwe locatie van veemarkt in Leeuwarden

Na jaren van voorbereidingen zijn gisteravond de eerste dieren verhandeld op de nieuwe locatie van de veemarkt in Leeuwarden. Voorzitter Andries Kingma wil graag de activiteiten uitbreiden.

Andries Kingma gisteren bij vee op het nieuwe veemarktterrein.

Andries Kingma gisteren bij vee op het nieuwe veemarktterrein. Foto: Hoge Noorden/Jaap Schaaf

Dinsdag was de laatste handelsdag in een van de hallen van het WTC Expo aan de westkant van Leeuwarden, het complex waar decennia lang handelaren aan het handjeklappen zijn geweest.

Gisteravond zijn enkele honderden koeien verhandeld op de nieuwe locatie, op bedrijventerrein De Hemrik aan de oostkant van de provincie- hoofdstad. ,,Met een feestelijk moment”, zegt voorzitter Andries Kingma van de Stichting Veehandelscentrum Noord-Nederland. De verhuizing liep ongeveer een jaar vertraging op, onder meer omdat betrokken bouwbedrijven te maken kregen met de stikstofcrisis.

De veemarkt moest verhuizen omdat op het WTC-complex van alles verandert, vanwege de bouw van het nieuwe stadion van SC Cambuur en allerlei andere bedrijvigheid daar omheen.

Transportbedrijf

De stichting huurde voorheen ruimte in het WTC Expo en is nu eigenaar van het nieuwe complex aan de Siriusweg, dat is overgenomen van AB Texel Group. De gebouwen van dit transportbedrijf zijn verbouwd en er zijn extra gebouwen neergezet voor het reinigen van de vrachtauto’s en de handel in vee. In september vorig jaar begon het aanpassen. Om de verhuizing naar de nieuwe plek te bekostigen moest er 3,5 miljoen euro op het kleed komen.

Lees ook: Nieuwe veemarkt in Leeuwarden moet blijven zorgen voor eerlijke prijzen

De stichting haalde via een obligatieregeling anderhalf miljoen euro op, waar gehoopt was op een miljoen. ,,Mensen kunnen nog steeds instappen om te profiteren van een rente van 4 procent”, zegt Kingma. Het grootste deel van de aankoop- en verbouwsom is gewoon geleend van de bank, legt hij uit. ,,Ook de gemeente heeft bijgedragen met een lening en er komt subsidie van de provincie.”

Drie dagen

De veemarkt is drie dagen in de week open. Op dinsdagochtenden voor de handel in schapen en ’s avonds voor de jonge kalveren. ,,Op woensdagavond is er de handel in koeien en op vrijdagmiddag worden er weer schapen verzameld voor een nieuwe bestemming.” Vorig jaar zijn er ongeveer honderdduizend dieren verhandeld op de Leeuwarder veemarkt, waarvan ruim de helft schapen.

Tot begin dit jaar gingen alle koeien die verhandeld werden, naar de slacht. Verkoop tussen boerderijen was verboden, om verspreiding van onder meer mond- en klauwzeer (MKZ) te voorkomen. Sinds 1 april zijn echter de Europese regels versoepeld, die begin deze eeuw flink werden aangescherpt na de MKZ-uitbraken in 2001. ,,Het betekent dat er minder restricties zijn voor koeien. Dieren kunnen weer naar een andere boerderij. Na 21 dagen gelden voor die koeien geen restricties meer. Er kan dus gebruiksvee over de veemarkt.”

Jaarrond worden er wekelijks gemiddeld 500 tot 550 koeien verhandeld, op dit moment is dat gemiddeld 350 tot 400. ,,Dit aantal is redelijk stabiel.” Het veemarktbestuur wil graag meer gebruiksvee laten verhandelen op de markt, op een speciale handelsdag. Door alle drukte met de verhuizing is daar nog geen extra aandacht aan geschonken maar de ambitie ligt er wel, verzekert Kingma.

Vrije prijsvorming

De veemarkt blijft volgens de voorzitter een belangrijke functie vervullen in de branche. Naast die van Leeuwarden zijn er nog veemarkten in Purmerend en in Bunnik. ,,Op een dergelijke plek kun je makkelijk uniforme groepen dieren samenstellen die afnemers willen hebben. Daarnaast borg je een vrije prijsvorming.” Op de zogeheten verzamelplaatsen, waarvan er landelijk ongeveer veertig zijn, is er alleen sprake van verzamelen, het vormen van uniforme groepen en het afhalen daarvan door meestal één afnemer. ,,Van vrije prijsvorming is dáár geen sprake.”

De prijzen van slachtkoeien zijn dit jaar een stuk hoger dan vorig jaar, stelt Kingma. ,,Landelijk werden er toen wekelijks gemiddeld meer dan tienduizend slachtkoeien verkocht, via verzamelplaatsen en veemarkten. Nu zijn dat er flink minder dan die tienduizend. Daarbij herstelt de consumptie. Toen de horeca vorig jaar dicht ging in verband met corona, nam de consumptie flink af. Nu is er een sterk herstel, ook via verkoop in de supermarkten.”