Albert-Jan Dorst werd verkondiger van het evangelie, in plaats van autoverkoper. ,,Ik was rebels, hield van mooie auto's, maar God riep mij."

Albert-Jan Dorst (34) was vroeger ,,een haantje” in de klas. Hij werd er nogal eens uitgestuurd. En dat als zoon van het hoofd van de school. Het kwam allemaal goed: hij werd dominee, in Surhuisterveen.

Albert-Jan Dorst werd predikant in Surhuisterveen.

Albert-Jan Dorst werd predikant in Surhuisterveen. Foto: Jilmer Postma

Wie aankomt bij de fraaie pastorie van het gezin Dorst ziet daar een Opel Zafira voor de deur staan. ,,Een echte gezinsbak”, noemt Albert-Jan Dorst het tijdens het interview. Een zevenzitter met heel wat ruimte. Het is ook wel nodig, want het gezin Dorst is kinderrijk. Rachel (8), Sarah (5), Juda (3) en Ezra (1). ,,Vier kinderen hebben we mogen ontvangen, de vijfde is op komst. In augustus is mijn vrouw Femmy uitgerekend.”

Zie hier wat zich achter een pastoriedeur bevindt, aan de rand van Surhuisterveen. Sinds mei vorig jaar is de familie Dorst onderdeel van de kerk- en dorpsgemeenschap van Surhuisterveen. ,,Je hebt hier vier supermarkten, een Kruidvat en een Hema waar je luiers en kleren kunt kopen voor de kinderen. Er is een bibliotheek, een openlucht zwembad, dus eigenlijk alles wat je nodig hebt als jong gezin. Surhuisterveen is een prima plek om te wonen.”

Rotterdam en omstreken

Albert-Jan en Femmy komen uit een hele andere hoek van het land. ,,Ik heb altijd gewoond in de regio Rotterdam, in Nieuwerkerk aan den IJssel, Capelle aan den IJssel. Je kunt het niet echt dorpen noemen, want in Capelle aan den IJssel wonen ook al 60.000 mensen.” Zijn vader was hoofd van een christelijke basisschool in Nieuwerkerk aan den IJssel en leidt nu inmiddels een scholenkoepel met meerdere vestigingen.

Albert-Jan liep als kind rond op de school waar zijn vader de scepter zwaaide. ,,Dat was heel leuk, want dan mocht je weekends mee om wat dingen te kopiëren.” Hij was niet de gemakkelijkste. ,,Rebels. Ik was nogal een opstandig kind. Iemand met een groot rechtvaardigheidsgevoel. Dus ik werd er ook wel eens uitgestuurd door een juf of meester. En dan stond ik op de gang en kwam mijn vader langs.... Dan had ik wel wat uit te leggen.”

Zijn ouders waren lid van de Christelijke Gereformeerde Kerk en kozen er voor om Albert-Jan naar een reformatorische middelbare school te sturen, vanwege ,,de positieve, christelijke insteek” die het onderwijs van het Wartburg College, in Rotterdam (wijk Zevenkamp) had. Ook oud-minister Ab Klink, journaliste Margriet van der Linden en politicus Jos Wienen genoten daar hun opleiding.

Liefde voor mooie auto’s

Albert-Jan haalde er zijn havo-diploma. ,,Toen moest ik kiezen wat ik daarna wilde doen. Ik had een grote liefde voor mooie auto’s. Daarom was mijn droom om naar de IVA in Driebergen te gaan, een particuliere managementopleiding voor de auto- en watersportbranche. Maar dat kostte per jaar 6000 tot 7000 euro en dat was toch wel veel geld.”

Het werd iets heel anders: Albert-Jan koos voor de Christelijke Hogeschool Ede (CHE), waar hij de opleiding voor godsdienstleraar volgde. Het bleek dat hij daar eigenlijk geknipt voor was.

,,Na het eerste jaar kon ik al stagelopen bij Calvijn in Rotterdam-Zuid. Een scholengemeenschap met leerlingen van allerlei nationaliteiten en met diverse religieuze achtergronden, Ik kreeg vervolgens ook een vaste aanstelling. Ik werkte dus en maakte ondertussen mijn studie af. Dat kon omdat ik maar één dag college had in Ede.”

Zo stond hij op zijn twintigste al voor de klas. Het omgaan met de tieners, gesprekken over het geloof en de Bijbel voeren, het lag hem goed. Tien jaar was hij godsdienstdocent. Hij hoefde ,,eigenlijk niet iets anders te doen”, maar toch groeide er in hem een verlangen. ,,Ik wilde méér met het verkondigen van het evangelie. Als leraar ben je toch vooral bezig met het overdragen van kennis op een bepaald terrein. Dus feiten over religies, Bijbelse geschiedenis, enzovoorts.”

Band opbouwen

Wat voor hem de doorslag gaf was dat hij meer wilde optrekken met generaties, jong én oud, voor een langere periode. ,,In een kerkelijke gemeente zie je mensen vaker en in een wisselende setting. Je ziet ze in de kerk, bij huisbezoeken, bij catechisatie en clubwerk, gewoon op straat en in de supermarkt. Dan kun je meer een band opbouwen.”

Dus besloot hij een studie theologie te doen aan de Theologische Universiteit Apeldoorn (TUA), náást zijn werk als godsdienstdocent in Rotterdam. ,,Een zesjarige studie, waarbij ik ongeveer een jaar vrijstelling kon krijgen door wat ik op de CHE al aan vakken had gehad.”

Hij is heel blij dat hij die hbo-opleiding heeft gedaan vóór hij predikant werd. ,,Door alles wat je leert aan didactische en communicatieve vaardigheden. Daar kan ik nu echt mijn voordeel mee doen.”

Heilige Geest

Aan de TUA studeerde hij in 2019 af. Hij schreef zijn masterscriptie over hoe er door de theologen John Owen (1616-1684) en Jan Veenhof (oud-hoogleraar aan de VU) over de Heilige Geest wordt gesproken. ,,Als het gaat over de Heilige Geest spreken sommigen daarover als een kracht, anderen als ‘een persoon’. Ik zie de Heilige Geest als een persoon, maar niet zoals wij kenmerken aan een persoon als mens meegeven. God is een geheel andere.”

Hij studeerde af bij prof. dr. Arnold Huijgen, die doceerde in de dogmatiek. Vorig jaar verscheen het boek Lezen en laten lezen: Gelovig omgaan met de Bijbel , dat ook bij Dorst in de boekenkast staat. Net als werken van Kuyper, Nietzsche en Calvijn. Zijn werkkamer is een ware bibliotheek, zoals je dat bij veel (oudere) predikanten ziet.

Maar Dorst is pas net begonnen. De CGKv Surhuisterveen is zijn eerste gemeente. Een combi-gemeente van gereformeerd-vrijgemaakten en van christelijk-gereformeerden.

Tijdens het interview spreekt hij steeds over ,,broeders en zusters in de gemeente”. Daarvan heeft hij al, ondanks een start in het coronajaar 2020 (hij werd op 13 september vorig jaar officieel bevestigd) 120 van de 200 pastorale adressen bezocht. Hij is blij met de gemoedelijkheid die hij ervaart. ,,Ik ben vanmorgen ook weer bij een oudere broeder en zuster geweest voor een kennismakingsgesprek en daar kan ik echt van genieten.”

Luisteren

Dorst staat open voor de levensverhalen van mensen en hoopt daar een tijdje deel van uit te maken in de streekgemeente die Surhuisterveen is. ,,Ik wil samen met de gemeente ontdekken wat de weg van de Here Jezus Christus is. Ik ben hier niet gekomen met een plan van: dit wil ik allemaal bereiken. Ik wil luisteren naar de stem van God, net zoals ik voel dat Hij mij geroepen heeft om deze weg te gaan. Ik merk - en ook wij als gezin - dat we in die keuze bevestigd worden door Hem. Ik kon ook naar andere gemeenten, zoals in Delft en Nieuwe Pekela, maar ik geloof dat God het zo geleid heeft.”

Hij weet nog hoe hij best wel ,,onder tijdsdruk” moest beslissen. ,,Omdat andere gemeenten ook wilden weten wat ik ging doen. Toen ben ik voor een middagdienst, op 13 oktober, hier naartoe gereden voor een preekbeurt.” Zo kon hij ook kennismaken met de gemeente. Al snel daarna kwam het beroep en dat nam hij aan. ,,In januari heb ik nog een keer gepreekt en toen zijn we in de meivakantie verhuisd, ook vanwege de kinderen.”

Het coronajaar heeft gezorgd voor een ander kerkelijk jaar dan je je als beginnend predikant voorstelt, maar Dorst schakelt gemakkelijk door naar een andere versnelling. Hij is een praktisch iemand, die veel tijd besteedt aan zijn preken. Als hij op een zondag twee keer voor moet gaan, is hij drie volle dagen kwijt aan het maken van de liturgie en de preken, inclusief alle voorstudie.

Kennismakingscursus

Het werk in de gemeente is veelzijdig, merkt hij, door alle commissies waar hij bij aanschuift. ,,Ik hoef het niet allemaal te bedenken. We hebben hier genoeg broeders en zusters met mooie ideeën. Ik heb wel gemerkt dat de zelfbewustheid, hoe we als kerkgemeenschap meer naar buiten kunnen treden, nog niet ontgonnen terrein is gemeentebreed, wel individueel.”

‘Wat zou Surhuisterveen missen als onze gemeente er niet meer zou zijn?’ Die prikkelende vraag werd opgeworpen en leidde al tot een mooie discussie. De komende jaren zullen de Feansters gaan zien hoe die vraag wordt beantwoord. ,,Binnenkort starten we heel kleinschalig een laagdrempelige kennismakingscursus voor mensen zonder kerkelijke achtergrond. Zo hopen we iets te delen van het evangelie van de Heer.”

* Dit is deel 1 van een zomerserie over voorgangers in Fryslân