Bolswards Mirakelboek is nu geloofsboek

Van het Bolswards mirakelboek zijn twee kopieën bewaard gebleven. Een wordt bewaard in Utrecht, in het gemeentearchief, en het andere in het gemeentearchief van Bolsward. In 2015 kreeg pastoor Arjen Bultsma voor het eerst het mirakelboek onder ogen.

In 2015 was het vijfhonderd jaar geleden dat het Mariabeeld de status van mirakelbeeld kreeg.

In 2015 was het vijfhonderd jaar geleden dat het Mariabeeld de status van mirakelbeeld kreeg. Foto: Petra Kroon

In het boek uit de zestiende eeuw staan 97 mirakelen (wonderen) beschreven, die op voorspraak van Maria van Sevenwouden zouden hebben plaatsgevonden. Het boek kwam naar Bolsward voor een tentoonstelling in het plaatselijke Titus Brandsma Museum. Bultsma wilde meer doen met dit unieke boek en verzorgde een nieuwe uitgave ervan samen met Marga Claus.

De meimaand is Mariamaand en als het gaat om de stad Bolsward speelt een zestiende-eeuws Mirakelboek daarin een belangrijke rol. Mirakelboeken kent de Rooms-Katholieke Kerk al eeuwen. Bekend zijn onder meer de geschriften uit steden als Amersfoort, ’s Hertogenbosch en Delft. ,,Het mirakelboek van Amersfoort is bijvoorbeeld ook veel dikker dan dat van Bolsward.” Wat mirakelboeken zo interessant maken is dat ze een tijdsbeeld geven van het leven van toen: elke vertelling draagt de sporen van die tijd. ,,De mirakels vertellen heel veel over het dagelijks leven.”

Bultsma ging met het idee naar Leo Fijen, uitgever bij Adveniat, en die was direct enthousiast over een eigentijdse heruitgave van het mirakelboek. De bedoeling van Claus en Bultsma was om een breed publiek te helpen het Bolswards mirakelboek te verstaan door het gesprek erover mogelijk te maken. ,,We wilden er een geloofsboek van maken. Of je nu gelovig bent of niet, iedereen maakt wel eens iets mee waarvan hij achteraf zegt: ‘dat dit goed is afgelopen daar heeft God de hand in gehad.’ En als je dat niet gelooft, dan geloof je wel in toeval. Ik heb zelf ook wel eens gehad dat ik in het verkeer een beslissing nam, waardoor het eigenlijk echt niet goed kon afgelopen, maar waar - door als een wonder - niks erg gebeurde.”

Gered na een belofte

In het mirakelboek staat bijvoorbeeld het verhaal van ouders die een kind hadden dat blind was. Ze beloofden er mee naar het Mariabeeld te gaan en een geschenk mee te brengen. Op hetzelfde moment dat ze dat beloofden, kon het kind weer zien. In een ander geval overleefden de opvarenden van een schip dat in Noorwegen op de klippen was gevaren hun hachelijke avontuur nadat ze beloofd hadden een offerande te brengen en drie missen te laten opdragen in Bolsward, in de kapel van Onze Lieve Vrouwe. ,,Als je het mirakelboek leest, zijn het verhalen van echte mensen waar heel wat vreugde en verdriet achter schuilgaan. Je moet je voorstellen hoe groot hun dankbaarheid was als hun zoon of dochter werd genezen of aan de verdrinkingsdood ontsnapte. Het zijn allemaal kleine getuigenissen.”

Dat zo’n genadewonder plaatsvond was voor de mensen van die tijd heel wat. ,,Je kreeg er ook een bepaald aanzien door als familie. Je had een bijzonder verhaal te vertellen, dat je leven lang met je meeging. Het is ook mede door deze wonderverhalen dat de betekenis van het genadebeeld van Onze Lieve Vrouw van Sevenwouden en van de stad Bolsward groter werd.”

Over de oorsprong van dat Mariabeeld bestaan veel historische verhalen, die ook leiden tot verwarring. ,,We moeten eerlijk zijn: we weten het niet precies”, zegt Bultsma. Maar de historici zijn het in ieder geval over één ding wel eens: het begon in Stavoren. ,,In het aldaar in 836 gestichte klooster stond een Mariabeeld waarvoor de gelovigen uit de wijde omtrek devotie hadden. Toen het klooster waar dit beeld stond verhuisde naar het minder goed bereikbare Hemelum, nam de belangstelling voor dit beeld af.”

Intussen werd Bolsward als handelsplaats en als kerkelijk centrum steeds belangrijker en trok meer mensen. ,,Op de een of andere manier is toen de devotie voor Onze Lieve Vrouw van Sevenwouden verbonden geraakt aan het dertiende-eeuwse Mariabeeld in Bolsward. En daarmee ook de titel Onze Lieve Vrouw van Friesland. Dit beeldje stond eerst in een eenvoudig kapelletje, maar kreeg na de eerste wonderen een stenen onderkomen. In de tijd na de Reformatie deed dit nog dienst als Latijnse school, maar is later gesloopt. De verering van Maria was toen geen gemeengoed meer. De jaarlijkse processies door de stad waren toen ook al gestaakt. Waar het oorspronkelijke beeld uit het eerste millennium uit Stavoren en Hemelum is gebleven, weten we niet.”

In de Friezenkerk in Rome staat overigens een replica van het Bolswards mirakelbeeld. Het is uit een eeuwenoud stuk eikenhout gesneden door de Bulgaarse beeldhouwer Wladimir Zlatkow. Op 8 november 1990 werd het geschonken aan paus Johannes Paulus II, die het aan de Friezenkerk gaf. Het beeld is geplaatst tegen een uit oude Friese kloostermoppen opgetrokken wand.

Thomas en Augustinus

Voor het samenstellen van het boek werd een bonte verzameling van (academische) auteurs benaderd die allerlei bijdragen schreven voor Wonderlijk. Bolswards mirakelboek ontsloten voor iedereen. Zo is er te lezen hoe er vanuit de Bijbel gedacht wordt over wonderen, maar ook hoe dat in de loop van de kerkgeschiedenis was. Bijvoorbeeld door kerkvader Augustinus van Hippo (354-430) en theoloog Thomas van Aquino. Bisschop Ron van den Hout schreef een essay over de betekenis van het doen van offerande. Bart Koet, hoogleraar Nieuwe Testament en Vroegchristelijke Literatuur van de Tilburg School of Catholic Theology, gaat in op het Nieuw Testamentisch perspectief van wonderen.

Harm Goris, universitair docent aan hetzelfde Tilburgse onderwijsinstituut en lid van het Thomas Instituut in Utrecht, legt in een essay uit hoe theoloog Thomas van Aquino (circa 1224-1274), dacht over wonderen. Thomas leefde in een tijd, in de middeleeuwen, waarin mensen woorden als ‘natuur’ en ‘wonderen’ anders begrepen dan nu. Hij vond ook dat er echt een verschil was tussen een wonder en een niet-wonderlijke gebeurtenis. ‘Het belangrijkste criterium om uit te maken of een gebeurtenis echt een wonder van God is, is de vraag of het getuigt van de waarheid van de geloofsverkondiging. En ware geloofsverkondiging is altijd gericht op de redding van de mens.’

Er was dus volgens Thomas van Aquino een gelovig oordeel nodig om te beslissen of er sprake is van een wonder: dient het om de waarheid van het geloof te bevestigen? ‘Alleen een natuurlijk wetenschappelijk onderzoek is onvoldoende: de gebeurtenis zou altijd ook nog veroorzaakt kunnen zijn door een duivel.’

En zo is het eigenlijk nog altijd. Ook anno 2020 worden er door christenen én niet christenen vraagtekens gezet bij huilende Mariabeelden, wonderbaarlijke genezingen of andere zaken waarbij direct wordt verwezen naar ‘een ingrijpen van God’. Of van de Moeder Gods, Maria.

Bultsma vertelt dat hij toch nog regelmatig ziet en hoort hoeveel kracht en hoop Maria mensen biedt. ,,Als de Sint-Franciscusbasiliek open is in Bolsward, zie je dat toch veel mensen er even komen om een kaarsje te branden in de kapel. Ook nu in deze coronacirisis. En ik krijg ook nog wel gebedsverzoeken van mensen om te bidden voor iets, bijvoorbeeld bij een aanstaande operatie of een uitslag van een onderzoek, waarbij ze na afloop zeggen: ‘We geloven dat het goed is gekomen op voorspraak van Maria.’ Hoe je er ook over denkt: ik denk dat je mensen moet respecteren hoe ze dat beleven.”

Processie in Bolsward

In 2015 was het vijfhonderd jaar geleden dat het Mariabeeld de status van mirakelbeeld kreeg. Voor het eerst sinds eeuwen werd toen – op de feestdag van Maria van Sevenwouden - de zondag na Hemelvaart een katholieke processie door de straten van Bolsward gehouden met het heiligenbeeld. De pastoor zag wat voor impact het had, zo beschrijft hij in het boek. Andere kerken in de stad wilden ook meedoen. ‘De genaden van die bijzondere feestdag in mei bleken groot. De binnenstad was volgelopen met mensen. Een deel kwam om mee te doen, een ander deel als kijker. Sommigen werden van toeschouwer toch nog participant.’ Dit jaar zou die processie op de zondag na Hemelvaart ook plaatsvinden, maar die is nu verplaatst naar 2022.

Naast de hertaling van het mirakelboek, die doorlopend is afgedrukt naast de bijdragen van de diverse auteurs, bevat het boek ook de overgetypte oorspronkelijke tekst. En twee registers: een met de plaatsnamen waar de pelgrims vandaan kwamen en de afstand die er was vanaf die plek tot de stad Bolsward. Bijvoorbeeld: Snikzwaag: 27 kilometer, maar ook Amsterdam (104 km). Het laat zien dat de getuigenissen van de wonderverhalen niet aan een stad of dorp gebonden waren. En ook niet aan rangen en standen. Het tweede register somt de diverse kwalen en noden op waarvoor men in de mirakelcollectie de voorspraak van Onze Lieve Vrouw van Sevenwouden vroeg. Waterzucht (diabetes), razernij, brandwonden en botbreuken, zijn er enkele voorbeelden van.

Heiligverklaring

Theoloog Erik Borgman schrijft over het wonder van de hoop. Dat er onder katholieken in de jaren zestig van de vorige eeuw stemmen klonken dat geloof allereerst rationeel behoorde te zijn en je geen beroep mocht doen op het onverklaarbare. ‘Met de kennis van nu moeten we het een vergissing noemen, denk ik. Of zelfs een stommiteit.’ Tot op de dag van vandaag geldt het bewerkstellingen van wonderen als noodzakelijk bewijs dat een persoon werkelijk als heilige door God in de hemel is opgenomen, aldus de hoogleraar. Een zalig- en heiligverklaring hangt ervan af.

Borgman hoopt ook dat er aandacht blijft voor het alledaagse wonder. ‘Wondergeloof dreigt dit te vergeten: dat het grootste wonder is dat de dingen, de planten en de dieren bestaan en wij in hun midden vertoeven. Dat mensen überhaupt kunnen horen en zien is een oneindig groter wonder dan het genezen van een blinde of dove.’