Dit artikel is vandaag gratis

De Kristallnacht en een simpel teken van liefde van christenstudenten | Theologenblog

Michael Mulder. Foto: TUA/Melle Rozema

Van 9 op 10 november 1938 werden in Duitsland in één nacht duizenden winkels van Joodse eigenaars vernield, synagogen in brand gestoken en honderden Joden op straat vermoord.

In de Portugese synagoge in Amsterdam wordt dinsdag 9 november de Kristallnacht herdacht. Kristall klinkt eufemistisch voor de lynchpartij uit 1938, waarbij de politie ‘soepel’ diende op te treden.

Stapje voor stapje was de bevolking gehersenspoeld: het Joodse ‘ras’ was de oorzaak van de economische depressie. Om Duitsland leefbaar te houden zou het land ‘ontjoodst’ moeten worden. De Joodse gemeenschap diende dan ook zelf voor de schade van de Kristallnacht op te draaien. Joden kregen er zelfs boetes bij, omdat zij het geweld hadden ‘uitgelokt’.

De Kristallnacht heeft een stimulans gegeven aan de uiteindelijke Endlösung , waarbij zoveel mensen als er nu wonen in de provincies Fryslân, Groningen, Drenthe, Overijssel, Gelderland en Utrecht vermoord zijn.

Ontmoetingen

De afgelopen twee weken heb ik met een groep studenten tal van ontmoetingen gehad met Joodse Nederlanders en Belgen, voor wie dit verleden geen verleden tijd is. Een man die het heeft meegemaakt als kind, vertelt dat hij sindsdien niet meer in een trein kan zitten, omdat die hem herinnert aan zijn transport naar Buchenwald.

Een vrouw die er eigenlijk nooit over spreekt, merkt hoe de emoties na meer dan 75 jaar haar onmiddellijk de baas worden als de studenten haar een vraag stellen. Een vader die aangeeft geen last te hebben van antisemitisme, maar in alles laat merken dat het beschermen van zijn kinderen tegen bedreigingen – en erger – zijn hele leven bepaalt.

Eigenlijk zou de groep studenten in Israël onderzoek doen, maar door Covid-19 is het onderzoeksterrein verplaatst naar Nederland. Stuk voor stuk zijn de studenten verbijsterd over het springlevende antisemitisme.

Namenmonument

Een aantal weken geleden is het nationale Namenmonument geopend: 102.000 stenen met namen van Joden, Sinti en Roma die door de nazi’s vanuit Nederland zijn gedeporteerd, gemetseld in de vorm van het Hebreeuwse woord lizkhor , ‘om te gedenken’.

Eerst stond op diezelfde plaats een ander monument, dat in 1950 werd opgericht. Dat was het eerste oorlogsmonument in Amsterdam, waarmee echter niet de Joodse slachtoffers werden herdacht, maar de Nederlandse burgers bedankt die de Joden in de bezettingsjaren hadden beschermd.

Tot op de dag van vandaag spreken kinderen van onderduikouders met veel respect over hen die hun leven in de waagschaal stelden om Joden onderdak te geven. Maar het was maar een zeer gering percentage van de bevolking dat dat waagde. De Joodse gemeenschap, waarvan meer dan drie kwart door Nederlandse politieambtenaren was afgevoerd naar Auschwitz, werd kort na de oorlog verantwoordelijk gehouden voor het oprichten van een ‘dankbaarheidsmonument’.

Het is goed dat het monument plaatsgemaakt heeft voor een echt herdenken van de slachtoffers, al is Nederland daar laat mee. Het dankbaarheidsmonument is een paar honderd meter verplaatst en heeft een toelichting gekregen: herdenken is niet eenvoudig, de verwerking van wat gebeurd is, is een complexe zaak.

Durven opstaan

Juist vanwege die complexiteit is goed onderwijs van levensbelang. Net als erkenning van de schuld. En durven opstaan als je dezelfde beweging terug ziet komen. Die drie elementen vormden de rode draad in al de ontmoetingen met overlevenden en hun kinderen.

Helaas zien we dezelfde bewegingen terugkomen. Vandaag nog worden Joden beschuldigd van die dingen waar de maatschappij geen grip op krijgt: het coronavirus zou bijvoorbeeld in Israël bedacht zijn. En ondertussen durven mensen die zichzelf beknot voelen vanwege de Covid-maatregelen zich te vergelijken met Joden die werden afgevoerd. In tal van betogingen duikt de davidsster op, schaamteloos.

Ontroerend

Goed onderwijs stimuleren, beseffen te delen in de schuld van ons volk en opstaan om te laten zien dat we verbonden willen blijven met het volk waar God zijn zegen aan verbonden heeft. Het was ontroerend te merken hoe de getekende mensen met wie wij spraken werden geraakt door de oprechte belangstelling van christenstudenten. Gewoon een teken van liefde en verbondenheid van jongeren die zich willen laten bewegen door de liefde van Christus: een lichtje bij het herdenken van de donkere Kristallnacht.

Michael Mulder is universitair docent Nieuwe Testament en Judaica aan de Theologische Universiteit Apeldoorn. Hij schrijft dit artikel als lid van de gezamenlijke onderzoeksgroep BEST (Biblical Exegesis and Systematic Theology) van de Theologische Universiteiten in Apeldoorn en Kampen

Nieuws

Meest gelezen