Dit artikel is vandaag gratis

Debatteren doen we voor het aangezicht van God, dus verlies zachtmoedigheid en de zonde van de tong niet uit het oog | Theologenblog

Arjan van den Os. Foto: TUA/Melle Rozema

In Nederlandse theologische discussies heeft de Amerikaanse manier van discussiëren (veel beledigen, weinig broederliefde) een plek gekregen, signaleert Arjan van den Os.

Ik maak me zorgen over de toon in de verschillende kerkelijke discussies. Nederlandse kerken hebben in het verleden veel onverkwikkelijke polemieken gehad en de huidige tegenstellingen stemmen niet vrolijk. Bijdrages kenmerken zich door oorlogsretoriek en zwart-witdenken. Een middenweg lijkt er vaak niet te bestaan. De ‘tegenstander’ is óf on-Bijbels óf onbarmhartig. Kerkelijke discussies zijn strijdvelden en loopgravenoorlogen geworden.

Verruwing maatschappij

De huidige toon van het kerkelijk debat is op verschillende manieren te verklaren. Het past binnen de verruwing en verharding van onze maatschappij. De politiek is daarin voorgegaan: wie de moeite neemt een groot debat te volgen zal de onfatsoenlijke taal en de opmerkingen op de persoon snel opmerken. De verharding is echter ook op straat waar te nemen, waarbij corona de tegenstellingen verdiept en vergroot heeft. De kerk staat helaas niet buiten deze ontwikkelingen in de samenleving.

Er is mijns inziens echter ook een theologische oorzaak aan te wijzen. De Nederlandse theologie heeft lange tijd een vrij zelfstandige positie gehad. De Duitse theologie had invloed, maar in kerkelijke rapporten en discussies voerden Nederlandstalige werken de boventoon. Kerkelijke mastodonten als Ridderbos, Douma en Velema hadden door hun werk een belangrijke en invloedrijke stem.

Amerikaanse context

Het Nederlandse theologische landschap is echter veranderd. Het vizier van de theologie verschoof na de Tweede Wereldoorlog naar de Angelsaksische wereld. Amerika huist vele theologische seminaries, faculteiten en instituten, waardoor er een gigantische slagkracht is om theologie te bedrijven. Dat is mooi, maar daar zit ook een schaduwzijde aan. De Amerikaanse context wordt met al dat werk geëxporteerd.

De Verenigde Staten zijn altijd een gepolariseerd land geweest waar felle discussies aan de oppervlakte lagen. De discussies rondom ras is al jarenlang een issue in de Verenigde Staten en de laatste jaren komt daar ook de genderdiscussie bij. De culture war die er de laatste decennia gaande is sijpelt de theologie binnen. Theologie en cultuur worden zo samen overgebracht naar het buitenland.

Stereotyperingen

Om een voorbeeld te geven van de Amerikaanse polemiek in de kerk. De Amerikaanse schrijfster Aimee Byrd, lid van een behoudend kerkverband in de Verenigde Staten, bekritiseerde in een boek de gendervisie van het Centre for Biblical Man- and Womanhood (CBMW). Zij laat daarin zien dat er weinig Bijbels is aan sommige uitingen van het CBMW en dat standpunten eerder voortkomen uit stereotyperingen en de eerdergenoemde culture war .

Byrds aanmerkingen werden niet warm ontvangen. Ambtsdragers spraken weinig inhoudelijk over haar kritiek, maar zij waren wel zeer onfatsoenlijk over haar als persoon. Byrd geeft daarvan een inkijkje in een post op haar website. Zij werd opgeroepen de was te gaan doen, broodjes te smeren en vooral haar mond te houden. Haar kritiekpunten werden op een hoop geveegd met allerlei ketterijen en zij werd afgeserveerd. Er werd nauwelijks geluisterd en gewogen.

Weinig sensitiviteit

Als we denken dat deze sfeer ver van ons afstaat, hebben we het mis. In de discussie rondom genderdysforie (een sterk gevoel hebben van onvrede met het geslacht waarmee je bent geboren en opgegroeid) en transitie bijvoorbeeld wordt soms genderdysforie op een hoop geveegd met allerlei (vaak Amerikaanse) genderdiscussies. Dit geheel noemen we dan de ‘genderideologie’.

Over deze hoop wordt een massieve uitspraak zonder enige vorm van (pastorale) nuance gedaan. Deze uitspraak wordt onderbouwd met allerlei Amerikaanse werken die hetzelfde gebrek aan fijnzinnigheid hebben. Deze manier van debatteren doet geen recht aan de complexiteit van de materie en vertoont op z’n zachtst gezegd weinig sensitiviteit voor de situatie waarin mensen met genderdysforie verkeren.

Voor het aangezicht van God

De kerkelijke debatcultuur wordt dus niet alleen beïnvloed door maatschappelijke ontwikkelingen, maar ook door geïmporteerd Amerikanisme. Hoe komen we uit deze wurggreep? Allereerst moeten we beseffen wat basale Bijbelse gegevens als broederliefde, zachtmoedigheid en de zonde van de tong betekenen voor onze bijdragen in kerkelijke debatten. Debatteren doen we namelijk ook coram Deo (voor het aangezicht van God).

Ten tweede zal de academische notie van standplaatsgebondenheid moeten gelden voor onszelf en onze bronnen. Auteurs kunnen zeker relevante argumenten naar voren brengen, maar er zal een scheiding aangebracht moeten worden tussen inhoud en bewoordingen. Mijn advies luidt: laat de Nederlander gewoon polderen en laat de Amerikanen hun oorlogen uitvechten.

Arjan van den Os is promovendus Nieuwe Testament aan de Theologische Universiteit Apeldoorn. Hij schrijft deze blog als lid van de gezamenlijke onderzoeksgroep BEST (Biblical Exegesis and Systematic Theology) van de Theologische Universiteiten in Apeldoorn en Kampen

Nieuws

Meest gelezen