Dominee Jelle Nutma: we moeten meer kijken naar de wonderen die gebeuren: 'Ik stond met een moslim in het doopbad'

Dominee Jelle Nutma (53) keerde in april terug naar Fryslân. Hij is nu predikant van de Christelijke Gereformeerde Kerk in Drachten, eerder stond hij al in Surhuisterveen. ,,Niet alles wordt minder. Er is óók dat andere verhaal: van mensen die tot geloof komen.”

Ds. Jelle Nutma is sinds vorig jaar predikant van de Christelijke Gereformeerde Kerk in Drachten.

Ds. Jelle Nutma is sinds vorig jaar predikant van de Christelijke Gereformeerde Kerk in Drachten. Foto: Jilmer Postma

Ds. Jelle Nutma woont met zijn echtgenote Tina aan de voormalige Drachtstervaart. De weg die ooit blauw van kleur was en waar auto’s reden. Nu is dit het domein van varende bootjes, die er nu volop zijn. ,,Er is altijd wel reuring”, vertelt Nutma, in zijn mooie onderkomen in de achtertuin, waar hij zich voor zijn werk terug kan trekken.

Ze konden ook in de pastorie naast de kerk aan de Houtlaan wonen, maar dat wilde Nutma niet. ,,Dan woon je boven op je werk.” Hier kan hij ook gewoon even ‘vrij’ zijn. Even niet altijd bereikbaar.

Wetsens

Jelle Nutma werd geboren ‘boven Dokkum’, in het dorpje Wetsens. In een christelijk-gereformeerd gezin. Ze waren verbonden aan de CGK in Dokkum; een tijd waar hij nog altijd met veel plezier aan terugdenkt.

Na het voortgezet onderwijs deed hij een vervolgstudie en kwam voor de klas te staan. ,,Op een meao als docent levensbeschouwing.” In sneltreinvaart ging hij door naar de opleiding theologie aan de Theologische Universiteit Apeldoorn. ,,Ik was 22,5 jaar en toen had ik mijn kandidaatsexamen al gehaald.”

Dus kon hij beroepen worden binnen zijn kerkgenootschap. Het was de jaren negentig van de vorige eeuw en ,,er was best wel krapte” als het ging om de beschikbaarheid van plekken waar je terecht kon als dominee. Verschillende keren stond hij ,,op tweetal”, samen met een andere kandidaat die dan werd beroepen.

In IJmuiden was het in 1993 raak. ,,De andere kandidaat nam elders een beroep en toen werd ik het alsnog.” Zo begon hij als verkondiger van het Woord in de plaats die bekend is van de hoogovens en het staal. De gemeente bestond toen echter veelal uit mensen waarvan het voorgeslacht uit de visserij kwam, uit plaatsen als Urk, Egmond en Katwijk, en die zich gevestigd hadden aan de Noordzeekust.

Begonnen met 26 jaar

Nutma was 26 jaar en begon aan een leven als predikant waarvan hij niet wist wat dat hem zou brengen. Wie hem spreekt, merkt vooral dat hij niet zo zeer zélf een plan had, maar zich door de roepstem van God liet leiden in zijn keuzes. Nog altijd. De terugkeer naar Fryslân is namelijk - als je het van een afstandje beschouwt en zijn verhaal hoort - niet heel logisch.

Ja, hij was met veel plezier voorganger in Surhuisterveen in de periode 1998-2006. Vijf van de negen kinderen werden in Fryslân geboren. It heitelân was mooi om te leven en te werken, maar Jelle Nutma keek ook vérder. Omdat hij zich onderdeel voelt van een gemeenschap van gelovigen die verder reikt dan de eigen gemeentegrenzen of het kerkverband waar hij aan verbonden is.

Dat is nog meer versterkt door de opleiding ‘Missionaire specialisatie’ die hij volgde binnen de Protestantse Kerk in Nederland (PKN). ,,Waarom en waartoe bestaan we als kerk? Dat is een essentiële vraag die eigenlijk iedere gemeente zich zou moeten stellen. Bij het woord ‘missionair’ denken we vaak nog aan het idee van een evangelisatiecommissie in de kerk, die ieder jaar wat activiteiten organiseert. Of dat je evangelisatieblaadjes, traktaten, uitdeelt. Maar missionair kerk-zijn gaat om relaties. Dat je je leven als gelovige deelt met ander. Zonder dat er daarbij een verborgen agenda is, dat je graag wilt dat ‘die ander lid wordt van jouw kerk’ of tot geloof komt.” Dus een hele andere geloofshouding, meer naar buiten toe.

Hij heeft dat in Apeldoorn van dichtbij meegemaakt. Daar begonnen een paar gezinnen in een achterstandswijk met activiteiten zoals maaltijden voor de buurt en maatjes-projecten. Die gezinnen, met een internationale achtergrond, lieten zien hoe zij vorm gaven aan hun leven als christenen.

Dat wekte nieuwsgierigheid bij anderen op. ,,Wat begon met een klein groepje, groeide uit tot een gemeente. Mensen traden toe, lieten zich er dopen. Ook moslims. Wij denken vaak dat wíj anderen tot geloof moeten brengen, maar dat is niet aan ons. Dat doet God.”

ICF Apeldoorn is nu een multiculturele kerk. Er komen mensen uit Iran, Irak, Syrië, Sudan, de Dominicaanse Republiek, Afghanistan, de Nederlandse Antillen - en ook Nederlanders.

Dat hij meerdere keren met moslims in een doopbad stond, heeft Jelle Nutma als bijzonder ervaren. En hij vond het ook bemoedigend. ,,We hebben het er vaak over in Nederland dat de kerk krimpt. Dat alles minder wordt. Maar er is óók dat andere verhaal: van mensen die tot geloof komen. Op een wijze die je je niet voor kunt stellen.”

Thuis bij Christus

Hij vertelt het verhaal van een moslim die huis-en-haard verliet, ,,met alle gevaren die zo’n vlucht naar het buitenland heeft.” In zijn thuisland had hij al een Bijbel en daar las hij stiekem in. ,,Zijn familie mocht dat niet weten. Dat was levensgevaarlijk.”

In Nederland ging de man naar een kerk en zag daar in de kerk een antependium - een kleed op de kansel - met de tekens van Alpha en Omega. ,,Hij vroeg: ‘wat betekenen die tekens?’ Toen zei iemand: ‘Jezus is de eerste en de laatste. Het begin en het eind.’ ‘Nu ben ik thuis!’, antwoordde hij. Hij was altijd op de vlucht geweest, nooit voelde hij zich ergens veilig, maar hij kwam thuis bij Christus. En hij ervoer een vrede die alles te boven gaat.”

Wat Nutma in de gesprekken met moslims geleerd heeft, is dat zij gewoon heel eerlijk zeggen waarom hun geloof, de islam, voor hen belangrijk is. ,,En ze vinden het ook heel normaal dat wij dat ook zouden doen als christenen. Zeg maar gewoon: ‘ik doe dit zo omdat ik dit vanuit mijn overtuiging doe’. Daar zijn we te bescheiden in, vinden zij.”

Als predikant moet je ,,weten wat er leeft in je buurt en onder de mensen”, is zijn ervaring. Naast zijn werk als predikant in Gorinchem - en nu ook in Drachten - is hij één dag per week werkzaam voor het Deputaatschap Evangelisatie van de CGK. ,,Ik heb daardoor heel wat verschillende gemeenten bezocht in ons kerkverband. Je kunt eigenlijk zeggen: dé CGK bestaat niet. Er zijn gemeenten met veertig leden, maar ook ook met ruim vierduizend, zoals in Zwolle. En die gemeente groeit nog ieder jaar.”

Tweespalt

Het doet hem verdriet dat er in zijn kerkverband ,,tweespalt” is tussen groepen die het oneens zijn over onderwerpen als de vrouw in het ambt en homoseksualiteit. Hij vindt dat er nu twee kampen zijn die elkaar niet meer lijken te kunnen vinden. ,,Omdat het gesprek te veel over de standpunten lijkt te gaan en te weinig over hoe het werkelijk zit met de trouw aan Schrift en belijdenis.”

Hoe de CGK uit die impasse moet komen? Hij weet het ook niet. ,,Maar het zou goed zijn om in elk geval opnieuw dat gesprek over die diepere verbondenheid te zoeken. Stel je voor dat we dan werkelijk Jezus in de ander zouden herkennen.”

,,En misschien moeten we ook wel eens erkennen: we zijn onderdeel van een groter geheel van de kerk van Christus. Niet alles is zoals wij denken dat het zou moeten zijn.”

Hij is nu zelf neergestreken in Drachten. ,,Ik had ook een beroep vanuit Delft. Een hele andere gemeente, met een kerk die midden in een nieuwbouwwijk staat van 16.000 mensen.” Waar de kerkgemeenschap nog helemaal opgebouwd moet worden. ,,Eigenlijk dus exact wat ik wilde met mijn missionaire achtergrond. Maar toen kwam Drachten.... Ik heb er voor gebeden en toen was het net of God me liet zien. ‘Delft is het perfecte plaatje, maar dit is niet waar ik jou wil hebben. Deze weg gaat niet open’.”

Nutma is iemand die bewust de geestelijke leiding vraagt van God in zulke beslissingen. Dus mag hij nu God dienen. In een gemeente die door ,,een moeilijke tijd” is gegaan. In de jaren negentig en begin van deze eeuw vertrokken heel wat leden naar de grote Bethelgemeente.

Winkelstraten

,,Onze gemeente staat voor de uitdaging om vandaag kerk van Christus te zijn in Drachten en omgeving”, meent hij. Nutma is eigenlijk nog maar net begonnen in Drachten maar hij ziet wel kansen om hier ook missionair als kerk aanwezig te zijn. ,,Ons gebouw, de Ebenhaëzerkerk staat midden in het centrum van Drachten, met vlakbij de winkelstraten. Daar kun je volgens mij wat mee. We hebben ook de pastorie, die we misschien wel als ontmoetingsplek kunnen inrichten voor de buurt.”

Nutma is ,,met hart en ziel’” christelijk-gereformeerd, maar zal zich voorstellen als ‘voorganger van de Ebenhaëzerkerk aan de Houtlaan’. ,,Omdat ik geloof dat je als kerk verbonden bent met je omgeving, waar je geroepen bent om iets van God liefde te laten zien. De Heilige Geest mag ons daar in leiden. Ik wil in mijn leven iets van het verhaal Christus laten schijnen. En dan zie ik wel hoe God daar mee aan het werk gaat.”

Dit is deel twee in een zomerserie over voorgangers die werkzaam zijn in Fryslân