Er komt geen vrouwenquotum in het dagelijks bestuur van de Protestantse Kerk. Maar één vrouw daarin is wel écht het minimum

Het bestuur van de Protestantse Kerk wil niet het precieze aantal vrouwen vastleggen dat lid zou moeten zijn van het dagelijks bestuur van de kerk. Dat blijkt uit een notitie die zaterdag wordt besproken. Wel is er een streven uitgesproken: minimaal één.

 De synode van de Protestantse Kerk, in juni 2020, in de Fabriek in Leeuwarden.

De synode van de Protestantse Kerk, in juni 2020, in de Fabriek in Leeuwarden. Foto: Fotobureau Hoge Noorden

Aanleiding voor het advies is de verkiezing van de voorzitter van de synode in maart 2018. Toen werd dominee Saskia van Meggelen gekozen als voorzitter van de landelijke kerkvergadering.

Dat verliep nogal chaotisch. Er werd in de besloten vergadering onverwacht een tegenkandidaat gepresenteerd. Uit orthodoxe hoek, vanuit de synode, meldde Trouw nadien. Wat niet echt gebruikelijk is: meestal wordt de kandidatuur van het moderamen overgenomen als het gaat om belangrijke posten als de scriba (secretaris) en de voorzitter.

Nog eens kritisch kijken

Van Meggelen was de tweede vrouwelijke synodevoorzitter. Ze volgde Karin van den Broeke in die functie op. Er werd toen ook aan het kerkbestuur (moderamen) gevraagd ‘nog eens kritisch te kijken naar de verkiezingsprocedure voor leden van het moderamen’. Eigenlijk wilde de synode meer inbreng en niet alleen ‘ja’ moeten zeggen op een vooraf benaderde kandidaat - die je als synodeleden moeilijk nog kon ‘afzeggen’.

De opdracht die een projectgroep meekreeg: een mogelijke verbetering van de procedure, verbetering van de profielen van preses en assessoren, mogelijk invoering van een assessment en of er ook een meervoudige voordracht van kandidaten kon plaatsvinden. En ten slotte: zou het mogelijk zijn om leden van búiten de synode in het dagelijks bestuur te benoemen?

Uit een gespreksnotitie die zaterdag op tafel ligt, blijkt dat een projectgroep onder leiding van ds. Lieuwe Giethoorn een aanvullende vraag heeft gesteld hoe het zit met de verdeling man-vrouw in het moderamen. Dit staat namelijk niet omschreven in het huishoudelijke reglement van de Protestantse Kerk. Er was ook nog geen apart verkiezingsprotocol. Dat komt er nu wel.

Eén is verplicht

Het moderamen komt nu met het voorstel om in de Huishoudelijke regeling e en wijziging aan te brengen. ‘Bij de aanbevelingen wordt rekening gehouden met een goede verdeling naar kerkelijke verscheidenheid en achtergrond, ambten, man/vrouw verhouding (ten minste één vrouw, in beginsel twee of meer), leeftijdsopbouw, regionale spreiding, kerkelijke/bestuurlijke ervaringen specifieke deskundigheid.’

Deze formulering geeft volgens het kerkbestuur in beknopte vorm aan ‘dat er in principe twee vrouwelijke moderamenleden (of meer) zijn, maar dat één hoe dan ook verplicht is’, zo schrijven voorzitter ds. Marco Batenburg en scriba René de Reuver. ‘In beginsel drukt uit dat het hier gaat om een streven, en dat indien dit niet haalbaar is hiervoor een argumentatie geboden moet worden’, zo wordt nader toegelicht. Het moderamen stelt voor niet verder te gaan, ‘omdat een verplicht quotum in de praktijk vanwege de andere criteria kan leiden tot onoplosbare puzzels.’

Voorzitter altijd een predikant?

Giethoorn schrijft verder namens de projectgroep dat het ‘bij voorkeur’ zo moet zijn dat moderamenleden uit de kring van de ambtelijke vergadering (synode) worden gekozen. Zo is het ook in de kerkorde vastgelegd.

‘Een moderamen moet kunnen rekenen op een breed gedragen vertrouwen.’ Een moderamen bestaande uit louter ambtsdragers van buiten de synode ‘is in onze kerk niet goed denkbaar’. Wel adviseert de commissie aan de synode de werving van een preses of vice-preses van buiten de synode als optie toe te voegen.

Er is ook de vraag gesteld of de voorzitter van de synode altijd beslist een predikant moet zijn of dat het ook een andere ambtsdrager kan zijn, bijvoorbeeld een ouderling of diaken. Volgens de kerkorde van de kerk moet nu de preses (voorzitter) of de assessor (eerste vervanger) een dominee zijn. Zodoende zou in het bestuurlijke hart van de kerk de inbreng van een predikant gewaarborgd zijn.

Het is volgens de projectgroep duidelijk dat een niet-predikant ‘bij uitstek geschikt kan zijn om de kernfunctie van het presidaat - het managen van het proces - met gezag kan uitoefenen’. Inbreng vanuit het ambt van predikant wordt dan - volgens de huidige regel geleverd door zijn eerste vervanger (assessor 1).

De projectgroep denkt echter dat in de praktijk de kans klein lijkt te zijn dat geschikte niet-predikanten beschikbaar zijn voor de post van synodevoorzitter, ‘gelet op hun vaak overvolle agenda’s’. De keuze van een predikant als preses ligt daarom het meest voor de hand.

Weer fysiek samen

De synode is zaterdag in Lunteren. Het is voor het eerst dat de landelijke kerkvergadering weer voltallig fysiek bij elkaar komt sinds maart vorig jaar de coronapandemie uitbrak. Wel waren er nog opgesplitste vergaderingen in kleinere setting.