Geloof leidt bij Anselm Grün tot daden

De evangelist Matteüs wijst ons op een nieuwe ‘methode’ van samenleven, schrijft Anselm Grün. Want Matteüs gelooft dat in het spoor van Jezus de wereld zal ‘veranderen en genezen’.

Andelm Grün: „De Jezus die een veranderd handelen van ons vraagt, is tegelijkertijd de Jezus die ons lijden op zich heeft genomen en onze ziekten heeft gedragen.”

Andelm Grün: „De Jezus die een veranderd handelen van ons vraagt, is tegelijkertijd de Jezus die ons lijden op zich heeft genomen en onze ziekten heeft gedragen.” Foto: Wikimedia Commons

Wie Anselm Grün (1945) zegt, zegt spiritualiteit. Hij is katholiek priester en publiceerde meer dan honderd boeken over allerlei christelijke thema’s, steeds gekoppeld aan de vraag hoe we dit ervaren en beleven kunnen. Grün groeide op in Duitsland, waar hij nog altijd woont en werkt. Je zou het misschien niet verwachten, maar het grootste deel van zijn kerkelijke loopbaan was hij een bedrijfskundig manager. Een interessant gegeven, dat ook wel verklaart waarom Grüns spiritualiteit altijd een sterke focus heeft gehad op het gewone, concrete leven van mensen, tot en met de werkvloer.

Kenmerkend voor Grün is zijn drijfveer om mensen te bemoedigen en aan te sporen heil en genezing te zoeken bij God: in het innerlijke leven én in de dagelijkse praktijk. Daarbij put hij uit oude bronnen: de kerkvaders, de woestijnvaders en zeker ook de geschriften van Benedictus van Nursia; Grün behoort tot Benedictijner orde. Het nieuwe project van Grün staat helemaal in dit raamwerk: commentaar en toelichting bij alle vier de evangeliën. Dit schrijfproject heeft geresulteerd in twee boeken, waarvan de eerste nu in het Nederlands is verschenen: over Matteüs en Marcus. Overkoepelde titel van de twee boeken luidt: Het evangelie spiritueel gelezen .

Een ‘Bijbelcommentaar’ zal waarschijnlijk niet iedereen enthousiast maken. Maar Grün schrijft heel open en aantrekkelijk. Wat hij te vertellen heeft, is prima geschikt voor een brede lezersgroep. Niet alleen omdat hij altijd begrijpelijk schrijft, maar ook omdat hij heel dicht bij mensen komt, en de vinger legt bij herkenbare angsten en verlangens, bij momenten waarop je vastloopt in het leven. Daarbij gaat het erom, contact te maken met de werkelijkheid van goddelijke barmhartigheid, die in Jezus aanwezig is.

De storm op het meer

Een mooi voorbeeld van de nabijheid die je bij Grün aantreft, is zijn commentaar bij het bekende verslag van ‘de storm op het meer’. Jezus slaapt in het bootje, terwijl de storm opsteekt en discipelen duizend angsten uitstaan. Grün wil die ervaring van kwetsbaarheid helemaal serieus nemen. Als de nood aan de man komt, kan het geloof heel ver weg zijn. Dan kun je denken ‘dat we het helemaal zelf moeten doen’. Per slot van rekening slaapt Jezus, als de discipelen in acute nood verkeren. Maar van de onverstoorbare rust waarin Jezus zich kennelijk bevindt, valt ook iets te leren: ‘Als we ons bij grote angst terugtrekken in de binnenkamer van onze ziel en daar rusten in God, denderen de golven weliswaar over ons heen, maar ze kunnen ons niet verzwelgen.’

Ook bij kleine gebeurtenissen vragen mensen zich af: waar is God? Grün zegt dat we moeten rekenen met de ‘verborgenheid’ van God. Dit houdt geen afwezigheid in, legt hij uit: ‘God bewerkt in het verborgene het heil voor de mensen, onder de schijn van het nietige gaat het grote mysterie van goddelijke redding schuil.’ Om daarin vertrouwen te hebben, moet je innerlijk een staat van ‘bewustheid’ hebben, schrijft Grün. Deze term, ‘bewustheid’, is belangrijk in zijn denkwereld. Hij bedoelt ermee dat je je niet domweg laat meevoeren met de dingen van elke dag of dat je je laat leiden door impulsen en emoties. Dan word je ‘onbewust’: je verliest het contact met je diepste zelf en de verlangens die zich op de bodem van je ziel bevinden. Het is heilzaam om ‘in relatie te zijn met jezelf’. Spiritueel leven is bewust leven. Het is ook de weg naar God, of misschien moet je zeggen: de weg waarop God verschijnt. Want God haakt aan bij ons diepste ik. Je zou kunnen denken dat God in deze optiek zo’n beetje samenvalt met het ik - maar zo ziet Grün het niet. Eerder bedoelt hij dat je als mens tevoorschijn mag komen met wie je ten diepste bent, om je te laten aanraken door de ‘genezende handen’ van Jezus.

Geen ego-spiritualiteit

Er is nogal wat inbreng van psychologie bij Grün aan te treffen. Zo is hij is zeer geïnteresseerd in het werk van de psychoanalytische denker Carl Gustav Jung. Die heeft studies geschreven over de psyche in relatie tot religie. Wat Grün bij Jung herkent, is de fundamentele gerichtheid op God in de mens. Maar Grün vult dit heel anders in dan Jung. Begrijpelijk, want hij is voortdurend in gesprek met de Bijbel en met stemmen uit de geloofstraditie. Dat is zeker ook het geval in dit boek over Matteüs en Marcus. Kenmerkend voor wat hij hier allemaal ter sprake brengt, is deze zin uit de inleiding: ‘De Jezus die een veranderd handelen van ons vraagt, is tegelijkertijd de Jezus die ons lijden op zich heeft genomen en onze ziekten heeft gedragen.’

Geen ego-spiritualiteit dus, bij Grün. ‘Geloof moet uitmonden in daden’, schrijft hij. Maar eventjes de goede dingen doen gaat niet zomaar. Daar is Jezus voor nodig, zoals Matteüs en Marcus hem schetsten, luidt Grüns overtuiging. Wie zich daaraan overgeeft, wordt meegetrokken in een avontuur waarin je ziel opengetrokken wordt: schuld, angst en verwonding worden opgenomen in een beweging naar barmhartigheid en bevrijding.

Het evangelie spiritueel gelezen. Deel I (Matteüs en Marcus). Anselm Grün. Berne Media. 24,95 euro

Nieuws

menu