In de Vroege Kerk waren lofprijzingen heel normaal

‘Lofprijzing in de Vroege Kerk’, rond dat thema worden deze hele week online colleges gehouden en verschijnt er een nieuw boek van prof. dr. Marten van Willigen: Aanbidden met Ambrosius in de Vroege Kerk.

Een mozaïek uit de vijfde eeuw van bisschop Ambrosius (339-397) in de Basiliek van Sint-Ambrosius in Milaan.

Een mozaïek uit de vijfde eeuw van bisschop Ambrosius (339-397) in de Basiliek van Sint-Ambrosius in Milaan. Foto: Shutterstock

Maandag begon de themaweek van de Stichting Bijbeluitleg Vroege Kerk, waarvan Van Willigen de oprichter is. Zijn missie met die stichting: hij wil de schatten uit de Vroege Kerk opdiepen en aanreiken aan een breed publiek. Zeg maar voor de meelevende christenen die nu in de kerk zitten. Het doel: dat voor de christen van vandaag oude Latijnse en Griekse geschriften worden ontsloten, zoals preken, gebeden en liederen uit de eerste eeuwen van het christendom.

Daar blijkt een groeiende belangstelling voor te zijn, ziet Van Willigen, mede omdat de samenleving steeds seculierder wordt. ,,Buitenstaanders begrijpen niet dat er zoveel verschillende kerken zijn met allerlei andere opvattingen. Christenen moeten ook steeds vaker uitleggen wáárom en wat ze geloven. Het is dan – ook voor christenen zelf – mooi dat je kunt wijzen op een gemeenschappelijk fundament dat je hebt. Dat er ook eenheid in denken en geloven was.”

Lofprijzing

Sinds februari 2019 is Van Willigen bijzonder hoogleraar aan de Theologische Universiteit Apeldoorn (TUA), met als specialisatie de Vroege Kerk. Een benoeming die hij kreeg voor vijf jaar. Dat biedt hem de gelegenheid om als classicus bepaalde thema’s breder voor het voetlicht te brengen. Daarbij richt hij zich nu op psalmen en hymnen in de Vroege Kerk.

Waar de psalmen een vaste plek in de kerken kregen, verdwenen de hymnen eigenlijk na de reformatie. ,,De hymne is een lofprijzing die zich heel sterk richt op een bepaalde persoon. Deze persoon kan Christus zijn, of God de Vader. Ook kunnen in één hymne beide goddelijke personen worden geprezen.” In latere tijd komt het ook tot expliciete lofprijzingen op de Heilige Geest.

In de derde en vierde eeuw zijn de hymnen ook gezongen tijdens de samenkomsten van de vroege christenen

De apostel Paulus moedigde de christenen al aan om psalmen, hymnen en geestelijke liederen te zingen. Uit een brief die Plinius de jongere circa 100 na Christus schreef aan keizer Trajanus, blijkt dat de eerste christenen in hun bijeenkomsten in de tijd na de apostelen zijn blijven zingen. ,,In de derde en vierde eeuw zijn de hymnen ook gezongen tijdens de samenkomsten van de vroege christenen en is de hymnen-traditie ook zonder onderbreking doorgegaan.”

Nieuwe impuls

Een nieuwe impuls kwam in de vierde eeuw toen bisschop Ambrosius (339-397) in Milaan en Hilarius (315-368) in Poitiers besloten om de hymnen in de kerkelijke liturgie van het Westen een duidelijke plaats te geven. ,,Zij kunnen gezien worden als leidende figuren die de kerkmuziek en liturgie blijvend hebben beïnvloed. Ze kenden de oosterse traditie ook goed omdat ze beide een periode in het Oosten woonden en zo daar kennismaakten met de liturgie van de Oosterse Kerk.”

Lees ook: Gebedsweek voor Libanon verdrijft de stilte na de klap

Van de hand van Ambrosius zelf zijn veertien hymnen bekend. ,,Maar in Milaan ontstond een hele traditie, ook na Ambrosius, die is vastgelegd in het zogenaamde Corpus Ambrosianum. Met honderden hymnen die dezelfde opbouw hadden als die van Ambrosius.” Uiteindelijk werd in de middeleeuwen de hymne in de getijdengebeden opgenomen en kreeg zij zo een blijvende en vaste plaats in de liturgie.

Breed publiek

Voor zijn boek – van 773 pagina’s uitgegeven door Royal Jongbloed in Heerenveen in het formaat van een Dwarsligger – heeft Van Willigen nu de Latijnse en Griekse teksten van hymnes vertaald naar het Nederlands en voorzien van commentaar. ,,Daardoor is nu voor het brede publiek te lezen hoe en wat er toen gezongen werd.”

Hier heeft men in de zestiende eeuw wel hymnen vertaald, maar bleef alleen de avondzang in de kerkelijke liturgie over

Dat is ook nodig want door de reformatie raakten de hymnen op de achtergrond. Maarten Luther zette zich in om een aantal hymnen te vertalen en ook van een melodie te voorzien zodat ze gezongen konden worden. ,,Maar in de gereformeerde traditie, geïnspireerd door Calvijn, was dit anders. Hier heeft men in de zestiende eeuw wel hymnen vertaald, maar bleef alleen de avondzang in de kerkelijke liturgie over, als bewerking van een Vroegchristelijke hymne.”

Dit betekent niet dat er in de gereformeerde liturgie geen aparte lofprijzing is, maar deze vindt uitsluitend plaats via de bekende 150 Psalmen en bijvoorbeeld de lofzangen van Maria, Simeon en Zacharias, die alleen tijdens het kerstfeest gezongen worden.

Praise and worship

Van Willigen vindt dat een interessant punt ook in het kader van de discussie met de evangelische kerken over lofprijzing en aanbidding (praise and worship), waar dat een duidelijke rol in de samenkomsten heeft. ,,Historisch gezien zou je kunnen zeggen dat het feit dat de lofprijzing in protestantse kerken niet meer expliciet plaatsvindt juist níét klopt, omdat het in de Vroege Kerk heel normaal was. Dat evangelischen zich hier dus voor moeten verdedigden is iets wat eigenlijk niet zou moeten hoeven.”

Lees ook: Vijf jaar Kleiklooster: een stabiele factor in Amsterdam-Zuidoost

Vijfhonderd jaar na de reformatie zouden we ons kunnen afvragen of we de lofprijzing van God in de liturgie misschien niet meer ruimte moeten geven, meent Van Willigen, door bijvoorbeeld tijdens de kerkdienst ook een vroegchristelijke hymne te zingen. ,,Hiermee zou de verbinding met de Vroege Kerk in mijn beleving aanzienlijk worden versterkt. En de naam van de drieenige God zou hierdoor ook in de liturgie structureel worden geprezen. Zoals het in de Vroege Kerk gebeurde.”

Toen Polycarpus op de brandstapel stond, sprak hij nog een hymne uit als loflied voor de Heer

Lofprijzing ging in de Vroege Kerk ook door tot in de dood, zo illustreert Van Willigen met een voorbeeld. De christelijke martelaar Polycarpus (69-156) kreeg als christen onderricht van de apostel Johannes. ,,Toen Polycarpus op de brandstapel stond, sprak hij nog een hymne uit als loflied voor de Heer.”

Inspireren

Van Willigen hoopt dat de themaweek over de Vroege Kerk mensen zal inspireren om zich meer in deze geschiedenis te verdiepen. Wereldwijd zijn er tientallen wetenschappers bezig met het uitdiepen van historische bronnen uit de Vroege Kerk. ,,Elke vier jaar is er een congres in Oxford en jaarlijks een bijeenkomst in Chicago.”

Lees ook: Almatine Leene is de tiende Theoloog des Vaderlands

Van Willigen is nu zelf bezig met het organiseren van een Ambrosius-congres dat van 6 tot en met 8 mei 2021 in ons land zal plaatsvinden. Mede doordat de Theologische Universiteit Apeldoorn veel waarde hecht aan de Vroege Kerk komt dat op academisch niveau ook voor het voetlicht. ,,Daarmee onderscheiden wij ons echt van andere theologische universiteiten in ons land.”

Meer publicaties van Van Willigen zullen dan ook nog gaan verschijnen in de reeks Apeldoornse Studies. Dit is deel 1 van een tweeluik over de Week van de Vroege Kerk Aanbidden met Ambrosius in de Vroege Kerk. M.A van Willigen. Royal Jongbloed, 17,99 euro

Wandelen met de Psalmen op zak en genieten van Gods schepping

Als je in beweging komt met elkaar dan gebeurt er wat. Het is een heel andere dynamiek Ze heeft nu acht kant-en-klare wandelroutes die ze kan aanbieden. Begin dit jaar ontwikkelde ze ook een wandelroute die kerkenraden konden doen. Als alternatief voor de vaak maar passieve visie-sessies in kerkzaaltjes.

Nieuws

Meest gelezen