Verlangen naar een warme maaltijd | Bladspiegel

In het begin van de zomervakantie reed ik naar de Duitse Eifel. We zouden eigenlijk op donderdag of vrijdag vertrekken, maar omdat Nederland rood dreigde te kleuren op de internationale coronakaart gingen we eerder. Dan waren we alvast maar binnen, mochten de regels voor reizigers uit Nederland opeens strenger worden.

Foto:

Foto: FD

Op woensdagavond waren we zo onderweg. De nieuwslezer op de autoradio waarschuwde voor wateroverlast in Zuid-Limburg, maar wij gingen bij Venlo de grens over - geen probleem dus. We stonden er niet bij stil dat we in Duitsland tot de hoogte van Luxemburg zouden afzakken... Het werd een angstige rit door beken die hun weg zochten.

Wij kwamen heelhuids aan, maar in het gebied waar we doorheen reden verdronken bijna tweehonderd mensen. Zaterdag is er een oecumenische herdenkingsdienst in de Dom van Aken, georganiseerd door de Rooms-Katholieke Kerk in Duitsland, de protestantse Evangelische Kirche in Deutschland en de Duitse Raad van Kerken. Onder meer raadsvoorzitter dr. Heinrich Bedford-Strohm, aartspriester Radu Constantin Miron, de voorzitter van de Duitse Bisschoppenconferentie Georg Bätzing en bondskanselier Angela Merkel zijn daarbij aanwezig.

Moddersporen

Terwijl Zuid-Limburg en het Duitse Ahrdal onder water liepen, waren er ook in België ernstige problemen. In Tertio staat een reportage over de situatie in Pepinster, in de provincie Luik. Verslaggever Hilde Ingels werkt met hulpverleners mee, en bezoekt mensen van wie de huizen zijn overstroomd. ‘De moddersporen zijn overal te zien. Het raam aan de straatkant ligt in scherven. Om de stank enigszins weg te krijgen, zijn veel zon en warmte nodig, maar die zijn er deze zomer nauwelijks.’

Niet alleen modder is in de huizen achtergebleven; het water sleurde alles mee dat het tegenkwam. ‘Een man kreeg blokken van 200 kilogram boter in zijn kelder, weggespoeld uit een hoger gelegen boterfabriek. „Hoe krijg ik die hier ooit weg?”, vraagt hij zich af. Dezelfde vraag is te horen bij zijn buurvrouw. Haar kelder ligt vol met stookolie, weggevloeid uit de tank. „Geen idee hoe ik die ooit proper krijg.”’

De sporthal van Pepinster ligt begin augustus vol hulpgoederen. ‘Vrijwilligers in gele hesjes rijden met winkelkarren tussen de rijen poetsgerief, shampoo, blikken ravioli, pampers, dekbedden en lakens.’ Omwonenden hopen er hulp te vinden. ‘„Kan ik hier een warme maaltijd krijgen, alsjeblieft?”, vraagt een mooie geklede, wat oudere vrouw met wanhoop in haar blik.’

Coördinatie ontbreekt

Coördinatie in de hulp ontbreekt. ‘De bewoners hebben al veel vrijwilligers aan de deur gekregen met telkens dezelfde vraag: „Heb je iets nodig?” Nergens is in kaart gebracht wie waar al is langsgegaan. Maar daar klagen de bewoners niet over, ze zijn dankbaar voor de vele hulp.’

In die vele hulp schuilt ook een van de lessen, meent Ingels: ‘Net als tijdens de Covid-crisismaanden ervaart iedereen ook hier en nu welk kapitaal aan solidariteit en vrijwillige inzet ons land heeft.’

‘Het christelijke geloof kent wat de de toekomst betreft een heel pretentieuze gedachte: de toekomst loopt uit op vrede, gerechtigheid, eeuwig leven’, schrijft Stephan de Jong, predikant van Protestantse gemeente Oudemirdum, Nijemirdum en Sondel in het septembernummer van Open Deur .

‘Het christendom koestert de hoop dat God het verdriet niet laat overwinnen, mensen niet in de dood laat en de beulen niet het laatste woord geeft.’ Maar achteroverleunen is geen optie: ‘Dus zullen we drinken en feestvieren, omdat God toch wel voor de toekomst zal zorgen? Dat beweert het christelijk geloof nergens. Integendeel.’

Afwachten is niet voldoende

Ook neerlandica Felicia Dekkers benadrukt in het blad dat afwachten niet voldoende is. ‘Zijn wij niet allemaal ook voor de verre toekomst verantwoordelijk?’ Ze pleit voor wat meer langetermijndenken. ‘Het Bijbelse rentmeesterschap, de natuur, de schepping beheren, dat is niet meer genoeg. Deze tijd vraagt om een radicale verandering.’

We moeten in onze beslissingen rekening houden met de toekomstmogelijkheden tot en met zeven generaties na ons, aldus Dekkers. Eenieder die deze zomer door het water is getroffen onderschrijft dat vast, als de noodhulpverlening maar op orde is.