Een zoekende Godfried Bomans had heimwee naar Christus, blijkt uit proefschrift van Harry Broshuis over de katholieke volksschrijver en komiek | Recensie

Het lijdt geen twijfel dat Godfried Bomans een van onze grootste schrijvers is geweest. Als je vandaag een boek van hem openslaat, lijkt hij vaak meteen dichtbij, hoezeer zijn stem ook de klank heeft van een ander tijdperk.

Godfried Bomans.

Godfried Bomans. Foto: Kippa

Er is momenteel veel aandacht voor Willem Frederik Hermans (1921-1995), een van de belangrijkste naoorlogse schrijvers. Hij was een echte literator, vooral groots in zijn romans en verhalen. Godfried Bomans, de schrijver van Pieter Bas (1936) en Erik of het klein insectenboek (1941), was ook een groot schrijver, maar dan van een heel ander type.

Bomans schreef geen romans die uitgroeiden tot literaire klassiekers. Hij was eerder een schrijver die in vele soorten boeken en teksten stem gaf aan zijn tijd en zijn eigen worsteling met de tijd. Hij was ook een komiek, die op tv talloze mensen wist te boeien en op te vrolijken.

Godfried Bomans (1913-1971) groeide op in een katholiek milieu. Hij maakte het tijdperk van het zogenoemde ‘Rijke Roomsche leven’ volop mee, maar was ook getuige van grote veranderingen in het Nederlandse katholieke geloofsklimaat. Je zou hem zelfs de verpersoonlijking van het veranderende geloof kunnen noemen. Een buitengewoon interessant schrijver dus, deze Bomans, en nog altijd aandacht waard.

Katholieke identiteit

Dit laatste heeft ook Harry Broshuis gedacht. Hij bestudeerde Bomans met het oog op zijn katholieke identiteit. Het resultaat is het boek Godfried Bomans en het katholicisme . Dit wetenschappelijke proefschrift bevat een ‘cultuurhistorisch onderzoek’ naar Bomans als ‘representant van het katholieke schrijverstype’. Een terechte invalshoek, want Bomans was een exponent van het katholieke tijdperk in de twintigste eeuw.

Toen hij geboren werd was de katholieke zuilvorming in de opbouwfase. Dat was eind negentiende eeuw al begonnen, en werd in de eerste decennia van de twintigste eeuw met grote ijver voortgezet. Het katholicisme groeide uit tot een volstrekt eigen wereld. Bomans maakte de hoogtijdagen ervan mee, maar na de oorlog ook het begin van de teloorgang ervan.

Frustratie bij progressieve katholieken

Je kunt je Bomans niet voorstellen zonder het Tweede Vaticaans Concilie te noemen. Dat werd gehouden in de jaren zestig van de twintigste eeuw, en het beoogde een revisie van het katholieke kerk-zijn. De focus van het concilie lag bij ‘openheid naar de wereld’ en zelfs bij ‘aanpassing’ van de kerk aan de nieuwe tijd. Nederlandse katholieken hadden de neiging die aanpassing heel radicaal op te vatten, radicaler dan katholieken wereldwijd. Met als gevolg frustratie, juist bij progressieve katholieken.

Bomans had veel affiniteit met het progressieve, maar dan niet in politieke zin. Hij verwoordde in columns, krantenartikelen en in tv-reportages datgene wat aan de basis lag van de drang tot verandering: het onrustig makende besef van velen, dat het aloude geloof als zand tussen hun vingers weggleed. Bomans schreef in een opstel met als titel Is God wel dood? : ‘Ik weet niet wat God is en het leven wordt steeds raadselachtiger. Niemand weet het trouwens meer. Maar juist dit niet weten en die vraag ook openhouden, dat is precies de dampkring waarin God op dit ogenblik leeft.’

Niet rechtlijnig

Uit dit citaat kun je de conclusie trekken dat Bomans meevoelde met mensen die geloven maar moeilijk vinden. Maar je proeft ook een blijvend verlangen, want ‘de vraag openhouden’ heeft ook iets van een belofte. Bomans was dus niet eenzijdig of rechtlijnig, hij verenigde in zichzelf de gelovige en de ongelovige. Dit kun je ook ‘ongrijpbaar’ noemen - en dat kenmerkte hem. Lezend in het boek van Broshuis kom je regelmatig de constatering tegen dat Bomans een raadsel bleef voor mensen om hem heen, hoezeer hij ook in de openbaarheid trad.

In de zes hoofdstukken van zijn studie bespreekt Broshuis allereerst de relatie van Bomans tot ‘het Rijke Roomse Leven’ en het kloosterleven. Daarna brengt hij in kaart hoe Bomans opereerde als onafhankelijk katholiek, en hoe conservatisme en progressiviteit bij hem samengingen. Tot slot komt Bomans in beeld als een ‘twijfelende katholiek’.

Bij dit laatste is het van belang om onderscheid te blijven zien. Bomans twijfelde aan het instituut kerk, had er zelfs stevige kritiek op. De hele organisatie en hiërarchie van het katholicisme maakte hem niet vrolijk. Dat bracht als vanzelf twijfel aan God met zich mee, want voor het katholieke geloofsbesef staat de kerk nu juist bij uitstek voor de aanwezigheid van God op aarde.

Fascinatie voor Jezus

Maar er bleef bij Bomans ook steeds iets achter, ook na alle kritiek. Los van kerkelijke instituties had hij levenslang een fascinatie voor Jezus die toenam bij het ouder worden. Hij had ‘heimwee naar Christus’, schrijft Broshuis. Maar dat was voor hem geen ‘zinloos heimwee’, als naar iets dat domweg voorgoed voorbij is.

De zoekende geest van Bomans bleef een focus op Jezus houden, in wie hij een oorspronkelijke zuiverheid vermoedde. Al die eeuwen van kerkzijn, met alle regels en dogma’s, zouden het zicht op Jezus zoals hij werkelijk geweest is, hebben verduisterd. Vandaar Bomans’ heimwee, die meer dan een vaag gevoel was. In zijn woorden: hij had ‘heimwee naar de echte stem van Christus’.

Biografie

Het is zonder meer positief dat er nu een boek ligt over Bomans, en dan ook nog eens over de katholieke ziel van deze volksschrijver. Er staat veel moois in, maar voor het brede lezerspubliek is zijn technisch-wetenschappelijke aanpak niet altijd prettig.

Niettemin legt Broshuis dingen bloot in Bomans’ leven en werk, die voor een toekomstige biografie van betekenis zijn. Hopelijk vormt Broshuis’ studie dan ook een aansporing voor de Bomans-community om die biografie nu eens te laten verschijnen. Bomans verdient het. En zoekende gelovigen vandaag hebben baat bij iemand als hij, die treffend kon verwoorden wat je allemaal kan laten aarzelen, zonder het verlangen naar de stem van Christus weg te duwen.

Godfried Bomans en het katholicisme . Harry Broshuis. Eburon, 29,95 euro