Lees hier ons Privacy Statement en Cookie Statement
woensdag 20 juni

Geloof & Kerkwoensdag, 12 september 2007

Predikantenconferentie Confessioneel Gereformeerd Beraad
‘Judas-evangelie nooit in canon’

Nijkerk - Apocriefe evangeliën zoals het Evangelie van Judas, Filippus en Maria Magdalena hadden ,,geen schijn van kans” om ooit in de canon van de Bijbel opgenomen te worden. Dat betoogde de Kamper PthU-hoogleraar dr. Riemer Roukema dinsdag in Nijkerk op de predikantenconferentie van het Confessioneel Gereformeerd Beraad (CGB).

DIRK VISSER
Aangewakkerd door de media is er in deze tijd weer veel sympathie voor de gnostiek, aldus Roukema. Hij geeft de laatste tijd veel lezingen in het land over de gnostiek en de apocriefe (niet in de bijbel opgenomen) evangeliën van Thomas en Judas. ,,Ik kom bij remonstranten, in een vrijzinnig hervormd dorp in Friesland en bij gewone PKN-gemeenten. Meestal sta ik ten opzichte van mijn gehoor aan de orthodoxe kant in die zin dat we serieus moeten nemen wat de kerk van alle eeuwen heeft besloten en vastgelegd.”
De selectie van de canon, waarvan omstreeks het jaar 200 de contouren reeds zichtbaar waren en die omstreeks 400 is vastgesteld, staat in deze tijd onder heftige kritiek. Tegen alle tendensen in heeft de kerk gekozen voor de breedheid van de canon van het Nieuwe Testament. Daarmee drukte de kerk uit: verscheidenheid mag. Maar wat was de norm voor het opnemen van authentieke, gezaghebbende geschriften? Juist in de eerste eeuwen was de Schrift, waar de protestanten zich graag op beroepen, nog geen afgerond geheel. De norm lag in de zogenaamde Regel van het Geloof.
Die komt in grote lijnen overeen met de Apostolische Geloofsbelijdenis uit de 4de en 5de eeuw, waarover dr. Liuwe H. Westra, PKN-predikant in Lollum-Waaksens, een ,,bijzonder knap” proefschrift heeft geschreven, aldus Roukema.De vroege kerk geloofde dat Jezus in de lijn van het Oude Testament stond. Jezus kwam voort uit Israël. Dat was tegen de gnostiek geformuleerd, die zeer kritisch tegenover het Oude Testament stond. Deze gang van zaken staat de laatste tijd heftig onder kritiek, vooral in literatuur uit de Verenigde Staten. Volgens die opvatting is de canon de geschiedenis van de overwinnaars die met hulp van keizer Constantijn hun wil hebben opgelegd.

Dan Brown

In dit verband verwees Roukema onder meer naar De Da Vinci Code van Dan Brown en de opvattingen van de Nederlander Jacob Slavenburg. Vanuit die hoek wordt de suggestie gewekt dat de gnostieke evangeliën minstens zo betrouwbaar zijn als de canonieke evangeliën en misschien nog wel betrouwbaarder. De evangeliën van Thomas, Filippus, Maria Magdalena en Judas zouden eigenlijk de ware boodschap bevatten. Dit is nonsens, zei Roukema. De apocriefe evangeliën hadden ,,geen schijn van kans” om in de canon opgenomen te worden. Ze waren niet katholiek, zei Roukema. Ze bestempelden zichzelf ook als apocrief, hetgeen geheim betekent. De kerkvaders hebben het evangelie van Thomas wel genoemd, maar ze hebben het afgewezen. Ook het evangelie van Filippus, dat niet eens in de literatuur wordt genoemd, werd afgewezen omdat de vroege kerk wist dat het niet van de apostelen kwam.
Het evangelie van Judas, dat vorig jaar in een Koptische versie openbaar werd, is ,,evident anti-katholiek. Alle geklaag dat dit evangelie in de canon had moeten worden opgenomen, is onzinnig”, aldus Roukema. Dat het evangelie van Judas zo’n grote bekendheid in het Westen heeft gekregen, zegt volgens hem veel over de Westerse cultuur. Volgens de gelovige kijk is het de werking van de Heilige Geest die de canon heeft vastgesteld.
Roukema’s voor-voorganger, prof. dr. Herman Ridderbos, heeft wel eens geschreven dat Jezus tijdens zijn leven deze canon had gewild. Dat ging Roukema te ver. Samenvattend zei hij: de canon is breed, is katholiek, is voor heel de kerk, maar heeft zijn grens.

Belijdenissen

Belijdenissen reageerden altijd op misstanden van hun tijd. Dat geldt ook voor de gereformeerde confessies, zei Roukema. De vraag is of de gereformeerde belijdenissen nog antwoord geven op de vragen van deze tijd. Hij verwees naar drie onderwerpen. In de eerste plaats Christus’ dood als genoegdoening voor Gods toorn. Deze visie in de gereformeerde belijdenissen is een reactie op de rooms-katholieke opvatting. In hoeverre, vroeg Roukema zich af, is de gereformeerde opvatting in dit opzicht breed of heeft zij gekozen voor één spoor, namelijk Gods toorn die gestild moet worden.
In de tweede plaats komt de vraag aan de orde wie tot de algemene katholieke kerk behoren. Herman Bavinck had in zijn inaugurele rede (De Katholiciteit van Christendom en Kerk) in 1888 een brede kijk op katholiciteit. De terugtrekking in eigen kring was volgens hem een vorm van piëtisme. Hij zag in eigen kring kerkscheurende tendenzen die teruggingen op de Nederlandse Geloofsbelijdenis. Is de versnippering van het gereformeerd protestantisme ‘katholiek’ of heeft de gereformeerde stroming inderdaad kerkscheurende trekken, vroeg Roukema.
Het derde onderwerp, dat Roukema in dit verband aanroerde, was de overeenkomst tussen de Dordtse Leerregels en de gnostiek. De gereformeerde leer van de uitverkiezing heeft iets gnostisch, aldus de Kamper hoogleraar. In de gnostiek is het heil voor een uitverkoren groep. In de Dordtse Leerregels is het God die verkiest. Het geloof overkomt ons. Er is geen vrije wil. Roukema noemde dat ,,hard geformuleerd”, hoewel het op Romeinen 9 is gebaseerd. Maar er is ook Romeinen 9 en 10. En in 1 Timoteus 3 en 4 staat dat God wil dat álle mensen behouden worden.

Reageer op dit artikel | Aantal reacties 1


Reacties:

In reactie op dit artikel heb ik aan de redactie van het Friesch Dagblad
onderstaande brief geschreven, die op 14 sept. is geplaatst:

In het verslag van mijn lezing voor het Confessioneel Gereformeerd Beraad
stond dat de Dordtse Leerregels inzake de leer van de uitverkiezing iets
gnostisch hebben (12 sept.). Dat heb ik inderdaad gezegd, omdat zowel
volgens deze Leerregels als volgens gnostici het heil voor een beperkte,
uitverkoren groep is bestemd. Er staat ook dat ik in dat verband heb
gezegd: "Het geloof overkomt ons. Er is geen vrije wil", en dat ik dat
"hard geformulëerd" heb genoemd. "Hard geformuleerd" vind ik echter het
besluit van verkiezing en verwerping, waarvan de Leerregels spreken. Maar
dat het geloof ons als genade overkomt en niet van onze vrije afhankelijk
is, heb ik in mijn lezing de diepste bedoeling van de Dordtse Leerregels
genoemd, waarmee ik van harte instem. Voorts heb ik gezegd: er is niet
alleen Romeinen 9 (over Gods verkiezing), maar ook Romeinen 10 en 11
(waar het gaat over Gods ontferming). En in 1 Timoteüs 2 vers 3 en 4
staat dat God wil dat alle mensen behouden worden. Dit alles stond in
verband met mijn vraag in hoeverre de gereformeerde belijdenisgeschriften
"katholiek" zijn (in de brede betekenis van het woord).

Riemer Roukema

Riemer Roukema, Zwolle - dinsdag, 18 september 2007


Geloof & Kerk
Familieberichten
Advertenties