Lees hier ons Privacy Statement en Cookie Statement
dinsdag 19 juni

Sportdonderdag, 8 september 2011

‘Voor een serieuzer imago van de sport, moet ‘fierljeppen’ als naam verdwijnen’

Fierljeppen is als sport de laatste jaren populairder en professioneler geworden. Maar om nog serieuzer genomen te worden, moeten er zaken veranderen. Dat stelt Henk Schievink, actief ljepper en bestuurslid van het Frysk Ljeppersboun.

Door Gerard Bos
Henk Schievink (32) is behalve bestuurder van het Frysk Ljeppersboun (FLB) ook viervoudig Fries kampioen fierljeppen. De inwoner van Leeuwarden weet dus waar hij over praat als hij zegt: ,,Er zijn veel verbeteringen denkbaar om onze sport een beter imago en meer geld te bezorgen. Er valt namelijk een wereld te winnen voor de fierljepperij.”
Naast kennis van zaken als actief ljepper met zeventien jaar ervaring, heeft Schievink sinds afgelopen voorjaar ook de autoriteit om zich met de praktische invulling van de toekomst van de sport bezig te houden. Hij volgde dit voorjaar Klaas Haanstra binnen het FLB op als bestuurslid PR-zaken. Schievink, opgegroeid in Burgum, werd niet door het zittende bestuur benaderd omdat er toevallig een bestuurszetel vrijkwam. Hij werd gevraagd omdat hij binnen de Friese fierljepwereld wordt gezien als een exponent van een nieuwe generatie, met een frisse en moderne kijk op de toekomst van de van oudsher Friese cultuursport.
,,Verandering is goed, zolang het vooruitgang betekent”, stelt Schievink. ,,Deze sport heeft veel te bieden. Aan sporters zelf, aan de toeschouwers, maar ook aan bedrijven. Aan potentiële sponsoren dus. Met z’n allen valt er veel te bereiken. Maar dan moet er wel wat gebeuren, hier en daar.”
Wie Schievink kent, weet hoe hij die woorden bedoelt. Niet om een coup op poten te zetten, niet om te stoken, niet om dwars te liggen. Wél als vaandeldrager van een nieuwe generatie fierljeppers. Een generatie die denkt in mogelijkheden in plaats van moeilijkheden, bij wie het glas halfvol is en niet halfleeg. En die progressief denkt in plaats van conservatief.
Het fierljeppen maakte de afgelopen vijf jaar een enorme vernieuwingsslag. Het begon met een generatie topspringers als Bart Helmholt, Hannes Scherjon, Thwis Hobma, de gebroeders Galama en ook Schievink zelf. Zij benaderden de sport professioneler dan ooit. Ze vonden enkele gelijkgestemden binnen allerlei geledingen van de sport en met vereende krachten werd een moderniseringsslag gemaakt.
Zo ontwikkelde het Frysk Ljeppersboun (FLB) samen met studenten van de TU Delft een carbonpolsstok, lichter dan de traditionele stok van aluminium en dus geschikt om nog verder mee te springen. Ook kwam er digitale meetapparatuur en werden er speciale strakke, aerodynamische fierljepoutfits ontwikkeld. Daarnaast kwam er de mogelijkheid voor persoonlijke sponsoring.
Dat laatste kwam begin 2010 pas na veel discussie tot stand. Het wel of niet mogelijk maken van privésponsoring zorgde voor een botsing tussen twee culturen.
Binnen de anders zo hechte Friese ljepperij werd pijnlijk duidelijk dat er een jong, progressief denkend deel was en een ouder, meer op traditie gericht, conservatief denkend deel. Waar het ene deel onder aanvoering van topljepper Bart Helmholt zich kon ergeren aan een typering als ‘cultuursport’, koesterde een ander deel onder aanvoering van FLB-voorzitter Jelle Roorda dat juist enorm: bijdragen aan en het in stand houden van de Friese cultuur - en bijbehorende subsidies - was belangrijk voor de sport.
In Schievink heeft het meer progressieve deel van de Friese fierljepsport een luide stem gekregen in het bondsbestuur. Hij wil naar eigen zeggen motiveren, inspireren en innoveren. En hij niet alleen. ,,Met de ‘werkgroep sponsoring’, in 2009 opgericht om de mogelijkheden voor privésponsoring te onderzoeken, hebben we de laatste twee jaar veel ideeën bedacht.”

Geld

Het belangrijkste van allemaal? Schievink: ,,Geld genereren. Via marketing, via sponsoring. De mogelijkheden zijn eindeloos.” Hij geeft een voorbeeld. ,,Vorige maand organiseerden we bij het FK fierljeppen in Winsum een ‘netwerkbijeenkomst’. Elk van de zeven FLB-afdelingen (Buitenpost, Burgum, Grijpskerk, It Heidenskip, Joure, Winsum en IJlst) werd gevraagd twee van haar sponsoren op te geven die daar interesse voor zouden hebben. Daarnaast werden verschillende bedrijven benaderd die vanuit ons oogpunt iets zouden kunnen betekenen voor het fierljeppen én voor elkaar. Een beetje zoals zakenclubs in het betaalde voetbal.”
Het FLB heeft op dit moment in ROC Friese Poort een hoofdsponsor die voor een groot deel van de inkomsten zorgt. Schievink: ,,Maar je moet als sport nooit te afhankelijk worden van een sponsor. Als we nog meer sponsoren vinden, kleine sponsoren bijvoorbeeld, dan zijn er ook meer achtervangers voor als de hoofdsponsor een keer stopt. Het is belangrijk dat we geld genereren via sponsoring en niet te veel teren op subsidies voor het promoten van de Friese cultuur.”

‘Fierljeppen’ weg als naam

Sterker nog, Schievink meent dat fierljeppen af moet van zijn imago van ‘cultuur’ of ‘folklore’. En hij komt met een niet-lichtzinnig idee: ,,De Polsstokbond Holland (in Utrecht en Zuid-Holland wordt ook actief aan fierljepsport gedaan, red.) noemt de sport niet ‘fierljeppen’, maar ‘polsstokverspringen’. Dat is voor iedereen in Nederland een stuk begrijpelijker.”
Hij vervolgt: ,,Ik heb de indruk dat bij fierljeppen automatisch gedacht wordt aan boeren, aan slootje springen, aan alleen maar Fryslân. Terwijl de sport zoveel meer is en zoveel verder reikt. De naam ‘fierljeppen’ zou marketingtechnisch moeten verdwijnen. De sport zou ook in Fryslân en de rest van de wereld ‘polsstokverspringen’ moeten heten. Zoiets zal ongetwijfeld tegen het zere been van veel Friezen zijn, maar als we de naam veranderen, zal de sport serieuzer genomen worden. Het is de moeite waard om daar eens over te discussiëren.”
Samenwerking met de Polsstokbond Holland is daarbij van belang, meent Schievink. De tijd van ruzie en conflicten, zoals die er de afgelopen decennia meermaals waren, moet voorbij zijn. ,,Geen egostrijd meer.”

Landelijke aandacht

,,Steeds meer mensen beginnen over een nationale competitie. Misschien zou het een goed idee zijn om daar eens mee te beginnen. Wedstrijden op zaterdagmiddag, een paar per seizoen. Zodoende zou je de sport nationaal gezien beter op de kaart zetten. Er zou meer landelijke aandacht voor komen. De grotere bekendheid zorgt voor een beter imago.”
Samenwerking zou er ook op technisch gebied moeten komen. ,,Dit is de tijd van internet. De mogelijkheden zijn eindeloos. Beelden van live-streams, zodat mensen op internet kunnen meekijken met wedstrijden. Live-scores ook op de website. En dan niet zoals het nu is, dat we een sport zijn met twee websites, een van de Friese bond en een van de Hollandse bond. Nee, één sport, één naam, één website.”
En zo, stelt Schievink, zijn er nog veel meer ideeën te bedenken. ,,Maar hoe je het ook wendt of keert, je komt steeds uit bij geld. Want daar valt en staat alles mee”, beseft het FLB-bestuurslid. ,,Daarom zijn die netwerkbijeenkomsten ook een goed idee. We proberen als fierljepsport tenminste iets. Dat is mooi, want cliché of niet: stilstand is toch echt achteruitgang. Dat geldt zéker voor de sport.”

Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

sport
Familieberichten
Advertenties