Dit artikel is vandaag gratis

Eindelijk een zelfgemaakte gnocchi. Van pompoen nog wel | Weekendrecept

Gnocchi van pompoen uit het boek Groentekost. Foto: Herman van Hoey

Hoe ik ontdekte dat je gnocchi ook kunt bakken, en daarbij kon pronken met mijn in de vergetelheid geraakte passe-vite.

Zo eens in de zoveel tijd koop ik gnocchi, in zo’n vacuümverpakking uit het pastaschap. Ik bereid het eigenlijk nooit dezelfde dag, wat misschien al veelzeggend is. Pas weken later komt het pakje uit onze kelder, als snelle maaltijd uit de voorraad. Ik kook de gnocchi en serveer ze met boter-kaas-en-peper en wat groente uit de diepvries.

Elke keer weer heb ik een beetje spijt: tegenover ons aan tafel zit de lange-tanden-squad (twaalf en acht jaar), en zelf eten manlief en ik het eigenlijk ook niet met plezier. Het zal mijn rotsvaste vertrouwen in de Italiaanse keuken zijn, waardoor ik toch gnocchi blijf ‘proberen’. Als iets in Italië al honderden jaren op het menu staat, wie zijn wij dan om het niet lekker te vinden?

Gnocchi-geheim

Maar er blijkt een gnocchi-geheim, en dat vond ik in het kookboek Groentekost van Jeroen Meus. Meus behoeft bij u misschien geen introductie, maar ik wist niet wie hij was. De flaptekst van zijn nieuwste vegetarische kookboek gaf geen uitleg en dat zegt wat: dan ben je een grote.

Jeroen Meus is een bekende Vlaming die als televisie-chef al jaren furore maakt met het kookprogramma Dagelijkse kost . Daarin kookt hij dagelijks - oef, respect! - een niet te moeilijk gerecht met zeer aanstekelijk enthousiasme. Ook dit kookboek, met honderd recepten zonder vlees (niet allemaal vol groenten trouwens, maar ik zal niet kniezen), zet aan tot lekker koken.

Pompoen

Ik begon maar eens met de pompoengnocchi. Pompoen is een van mijn groentefavorieten, daarnaast vraagt het recept om een passe-vite. Dan heb je mij om. Niks leuker dan met een lichtelijk gevoel van triomf te denken ‘Heb ik!’, en een in de vergetelheid geraakt keukeninstrument het daglicht te laten zien.

De passe-vite

De passe-vite is uitgevonden door de Belg Victor Simon, die in 1928 patent aanvroeg op zijn eerste model. Hij bracht zijn zeef-met-molen uit onder de merknaam Passe-Vite, wat zoveel betekent als ‘gaat snel’. Door aan de hendel te draaien, pureer je zachte groente of fruit terwijl harde delen achterblijven in de zeef.

Mijn huidige exemplaar komt uit de tweedehandswinkel en is vooral praktisch. Mijn eerste was van mat geworden aluminium, met de woorden ‘passe-vite’ erin gestanst en een felrode houten knop op de hendel. Ik kreeg hem van mijn moeder, ‘voor de babyhapjes, ik heb hem nog gebruikt toen jij klein was’.

Ik had andere ideeën over baby’s en eten - onze kinderen aten van het begin af aan met de pot mee, zachte hapjes uit de vuist - en het grote ding verdween in een kast. Na hem een paar keer ongebruikt mee te verhuizen hebben we weemoedig afscheid genomen van elkaar. Toen koken een serieuzere hobby werd, is er een ander voor teruggekomen; lang niet zo charmant, maar wel vaatwasserbestendig.

Maar goed, de poempoengnocchi smaakte heerlijk. Het geheim? Die passe-vite, dat moet wel. Maar eerlijk is eerlijk: de boter met salie waarin de pompoen-deegkussentjes krokant worden gebakken, die mag er ook wezen.

Gnocchi van pompoen met salie

Recept uit Groentekost van Jeroen Meus

400 gram hokkaido-pompoen (zo’n ronde, feloranje)
200 gram kruimige aardappelen
olijfolie
takje tijm
1 teentje knoflook
theelepel gerookte paprikapoeder
200 gram 00-bloem *
2 eidooiers
50 gram Parmezaanse kaas + extra
flink stuk boter
paar blaadjes salie
kneepje citroensap
peper en zout

* Prima te vervangen door patentbloem

1. Snijd de pompoen in grote stukken, verwijder pitten en schil en leg in een ovenschaal. De rest kun je voor een sausje gebruiken.

2. Was de aardappelen en leg ze ongeschild erbij. Sprenkel olijfolie erover, kruid met peper, zout, een geplet teentje knoflook, gerookt paprikapoeder en tijm. Zet in de oven en rooster in ongeveer 35 minuten op 180 graden, tot alles gaar is.

3. Haal uit de oven, pel de aardappelen (voorzichtig, heet!) en doe ze met de pompoen in de passe-vite. Maal en vang op in een kom. Heb je geen passe-vite, dan kun je alles ook kort stampen (lang stampen maakt taai!) of een aardappelpers gebruiken.

4. Meng kort met de 00-bloem, de Parmezaanse kaas en de dooiers en breng op smaak met peper en zout. Verdeel het deeg in drieën en rol elk deel uit tot een lange rol.

5. Snijd de rollen in kleine stukjes, leg ze los naast elkaar op bord of plank. Kook de gnocchi in twee porties in een ruime pan goed gezouten water. De gnocchi zijn gaar als ze drijven, dat gaat snel. Haal eruit met een roerspaan.

6. Verhit de boter in een ruime koekenpan en bak daarin de gnocchi in twee porties knapperig goudbruin (houd de eerste portie warm in restwarmte van de oven). Snipper de salieblaadjes en strooi over de gnocchi. Maak af met een kneepje citroensap, peper en zout en wat Parmezaanse kaas.

Nieuws

menu