Camera's met gezichtsherkenning in de openbare ruimte moeten volstrekt uit den boze blijven | Commentaar

De Europese privacywaakhond wil geen enkele vorm van gezichtsherkenning in straten, winkelcentra en andere plekken in de openbare ruimte. Er mag ook geen kunstmatige intelligentie worden ingezet die mensen beoordeelt op basis van etniciteit, geslacht, seksuele voorkeur of andere kenmerken.

Pieter Anko de Vries.

Pieter Anko de Vries. Foto: FD

Als dat wel gebeurt, is de kans groot dat onze samenleving straks een surveillancemaatschappij wordt waar iedereen door niet alleen de overheid maar ook door andere partijen in de gaten kan worden gehouden.

Het afschrikwekkende voorbeeld hiervan is China, waar het gedrag van burgers op elke straathoek door camera’s die mensen herkennen wordt gemonitord. En als bijvoorbeeld een inwoner van Peking zich een paar keer niet aan de verkeersregels heeft gehouden of anderszins niet voldoet aan de manier waarop de staat wil dat burgers zich gedragen, dan kunnen ze strafpunten krijgen die uiteindelijk kunnen leiden tot inperking van hun burgerrechten.

Nu is het gebruik van camera’s in de openbare ruimte, maar ook bij tankstations, stadions en winkels al lang gemeengoed. Daar is op zich niets mis mee. Deze camera’s zien dat er iemand is. Niet zelden hebben dit soort camera’s geholpen bij het oplossen van misdaden en schrikken ze mogelijke criminelen af. Maar als deze camera’s gezichtsherkenning krijgen, dan kan degene die dit soort geavanceerde techniek bedient ook zien wie dat is. Dat maakt van elke Europese burger een wandelende streepjescode van wie alles in de gaten wordt gehouden, waarschuwde Aleid Wolfsen, voorzitter van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) en vicevoorzitter van de Europese privacywaakhond deze week.

Spijker op de kop

En hiermee slaat hij de spijker op de kop. Het is heel belangrijk dat burgers weten welke ingrijpende gevolgen voor de persoonlijke levenssfeer die soort apparatuur kan hebben. Camera’s met gezichtsherkenning zijn een regelrechte aanslag op de vrije samenleving .

Niet alleen omdat de uitkomsten van hun digitale analyses er vaak naast zitten en onschuldige burgers langdurig de negatieve gevolgen ondervinden van een mismatch, maar ook omdat ze discriminatie in de hand werken. Dat geldt ook voor kunstmatige intelligentie die kijkt naar emoties, bijvoorbeeld gezichtsuitdrukking of gedrag en zo denkt te kunnen beoordelen of bijvoorbeeld een werknemer zich niet helemaal lekker voelt.

De voorstellen van de Europese Commissie gaan naar het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie, die ze beoordeelt en behandelt. Het zal nog wel een paar jaar duren voordat de wetgeving in werking zal treden, maar het begin is er. Dat is al winst.

Het is makkelijk om als het om gezichtsherkenning gaat direct ‘Big brother is watching you’ te roepen. Dat is op dit moment te simpel gesteld. Maar het grote gevaar is het sluipenderwijs normaal worden van zaken waarover in eerste instantie de meeste mensen hun schouders ophalen, maar waarvan later blijkt dat niemand ze wil. Bijvoorbeeld gezichtsherkenning bij supermarkten die de camera’s gebruiken om mensen met een toegangsverbod te weren. Dit werd trouwens in Nederland gelukkig snel verboden. De camera’s zijn overal te koop. Strenge wetgeving is dus geboden.