Christenvervolging: met hoop in het vizier de trom roeren

Afgelopen week verscheen het zoveelste rapport over toenemende christenvervolging. Langzaam wordt het protest daartegen ook luider. Mensen moeten in alle openheid hun geloof kunnen beleiden. En waar dat in alle openheid kan, moeten gelovigen dat vooral ook doen.

Viering op Kerstavond in de Xishiku Rooms-Katholieke kerk in Beijing, vorig jaar. China is een van de landen waar christenen het zwaarst onder druk gezet worden.

Viering op Kerstavond in de Xishiku Rooms-Katholieke kerk in Beijing, vorig jaar. China is een van de landen waar christenen het zwaarst onder druk gezet worden. Foto: EPA

De met regelmaat verschijnende rapporten - afgelopen week weer een van Kerk in Nood - over almaar ernstiger beperkingen van religieuze vrijheid geven een gevoel van machteloosheid. Het is lastig ageren tegen de snel toenemende repressie jegens (vooral) christenen in Zuidoost-Azië, het Midden-Oosten en noordelijk Afrika. Toezien op naleving van artikel 18 van de Universele Verklaring van de Rechten voor de Mens is een plicht van nationale regeringen. En dat wordt lastig in landen waar de overheid zelf religieuze minderheden onderdrukt.

Nieuws

menu