Het broeit in mij: waarom zou ik iets doen als er op de schaal waar het ertoe doet, niets gebeurt? | Column Ingrid van de Vegte

De stelselmatigheid waarmee overheden burgers slecht behandelen is inmiddels evident. Dat heeft zo langzamerhand ook het vertrouwen van Ingrid van de Vegte aangetast. ‘Er vinden geen nette afwegingen plaats, er is geen visie op de toekomst, op de ruimteverdeling, op de publieke zaak.’

De Formule 1 op Zandvoort.

De Formule 1 op Zandvoort. Foto: ANP

Graag ben ik redelijk en leg ik de wereld uit aan minder redelijken of minder ingewijden. Ik verdedig de overheid, de democratie, de belasting, beleid en regelgeving. Ik houd niet van opruiende ontevreden mensen. En toch broeit het ook in mij.

Ik vermijd geklaag over de overheid, zeg dat wie veel belasting betaalt ook goed verdient, verwijs mensen naar andere landen of adviseer in noodgevallen een enkeltje Syrië, Brazilië of Polen als mensen zich te buiten gaan in het duiden van Nederland als politiestaat, piratenland, het wilde westen of elitair corpsbollenveld.

De nodige rationaliteit om bij alles wat je persoonlijk kan treffen te kunnen blijven vergelijken en relativeren, geeft rust en dat houdt mij meestal tevreden. Zoals trouwens de meeste mensen, als je dat onderzoekt. Want met zo’n onderzoek druk je veelal op hun redelijkheidsknop en dan snappen mensen best dat er hier niet zo heel veel te zeuren valt, after all.

Hadden ze gelijk?

En toch broeit het ook in mij. Raak ik mijn immuniteit kwijt tegen wantrouwen, slechte bedoelingen en bijpassende waarnemingen? Zijn die waarnemingen van anderen relevanter dan ik voor mogelijk hield? Hadden ze al die jaren gelijk met hun afkeer van overheid, elite, grote bedrijven?

De stelselmatigheid waarmee overheden burgers slecht behandelen is inmiddels wel evident. Uitvoeringsorganen en ministeries leren slecht van fouten en lijken slechts bezig met politiek gewin, c.q. de eigen positie. De vraag is vooral: hoe springt onze dienst hier het best uit; in plaats van: hoe zijn we het beste dienstvaardig.

Aangetast vertrouwen

Dat heeft ook mijn vertrouwen aangetast. Eerder zag ik het lobbyen rond de politiek als iets dat overal gebeurt en altijd mooi ingebed in het Nederlandse polderen, waarmee we uiteindelijk allemaal beter af zijn. Dus verdedigde ik vaak traag en weinig doeltreffend beleid: ‘in je eentje ga je sneller en samen kom je verder’.

Alsof mij nu pas de schellen van de ogen vallen, zie ik de veel te grote invloed in de polder van grote bedrijven en gevestigde belangen die elke transitie vertragen en alleen als het echt niet anders kan en mèt overheidsmiljarden voor afkoop en innovatie nog gaan transformeren.

Voor veel goede verduurzamingsmaatregelen is een ruime meerderheid van de bevolking te vinden, maar niet bij de gevestigde belangenbehartigers. Dit is onze BV Nederland, waar een cultureel evenement in de Vlielandse duinen een gevaar voor de volksgezondheid is, terwijl bij een massaal bezochte fossiele autorace de bedrijfsbelangen voorop staan.

Er vinden geen nette afwegingen plaats, er is geen visie op de toekomst, op de ruimteverdeling, op de publieke zaak. Geen moedige besluiten om nieuwe wegen in te slaan, geen eensgezinde samenwerking, geen erbarmen met de mensen die meer overheid nodig hebben dan multinationals.

Waarom zou ik iets doen?

Hoe kan ik die overheid nog verdedigen, uitleggen en ondersteunen met kennis en medewerking? Juichen bij kleine stapjes en mijn eigen gedrag aanpassen, dat hield tot nu toe de stemming erin. Niets gaat vanzelf en richt je op waar je invloed op hebt, was mijn adagium. Maar inmiddels ervaar ik wat populisten uiten: waarom zou ik iets doen als er op de schaal waar het ertoe doet, niets gebeurt?

Hufterig en onverantwoordelijk gedrag van de rijken der aarde, gestimuleerd door corrupte en/of lobbygevoelige regimes, dictatoriaal, of overgevoelig voor populistische massa’s, voedt het gevoel van onrechtvaardigheid en maakt immuun voor overheidscampagnes om ons gedrag te veranderen en daagt velen uit om tegen te stemmen. Nog één keer ‘een beter milieu begint bij jezelf’, of ‘de supermarkt verkoopt wat je zelf wilt’ en ik sta niet meer voor mezelf in. Voor mijn redelijke zelf.

Ik wil mijn redelijkheid niet kwijt, maar zie de onmacht toenemen, ook in mijn eigen bubbel. Het vertrouwen in het democratisch afrekenen met het huidige uitgeholde landsbestuur slinkt. Peilingen en verkiezingen zijn niet hoopgevend.

Mijn hoop is gevestigd op de jongeren en de ouderen. De jongeren denken na over de toekomst en zien de transities als vanzelfsprekend en urgent. De ouderen zijn ongevoelig voor lobby’s en politiek en weten hun inzichten her en der goed in te brengen.

Helaas is de middengroep aan zet en daar regeert de angst voor verlies, verlies van kiezers de enorme welvaart en status. Te veel belangen.

Reageren? Mail naar: ivandevegte@fsp.nl