Israël komt in de problemen als bedrijven en populaire merken zich opwerpen als tegenstander van het land | Commentaar

Israël heeft wereldwijd veel vijanden. Dat zijn meestal staten. Israël moet zich zorgen maken nu ook bedrijven zich als tegenstander opwerpen.

Foto:

Foto: FD

De staat Israël maakt op dit moment niet een makkelijke periode door, vooral als het gaat om het aanzien dat het land in de wereld heeft. Dat is tanende.

Veel westerse landen zien Israël nog steeds als wat het is: een democratische rechtsstaat, een eiland in een zee van autoritair geregeerde, veelal Arabische landen of bedreigd door een land als Iran dat tot doel heeft Israël te vernietigen.

Maar in dit beeld ontstaan scheuren. IJsverkoper Ben & Jerry’s (onderdeel van het deels Nederlandse Unilever) liet vorige week weten te stoppen met de verkoop van zijn ijs in Israëlische nederzettingen in Palestijns gebied. Het bedrijf zegt dat het niet in lijn is met de waarden van de onderneming om zijn waren daar te slijten. Daarmee buigt Ben & Jerry’s, een activistisch onderdeel van de multinational met vergaande autonomie, voor druk van de wereldwijde pro-Palestijnse beweging.

Schouders ophalen

Je kunt natuurlijk de schouders ophalen over deze beslissing en overgaan tot de orde van de dag, maar dat is niet hoe Israël het voelt. De nieuwe regering, die internationale steun goed kan gebruiken, reageerde fel op het besluit van het ijsmerk dat bij jongeren (maar niet alleen) populair is en een hip imago heeft. Israël kent de geschiedenis van Shell, een invloedrijke multinational die tot koerswijzigingen werd gedwongen door veranderingen in de publieke opinie gesteund door bedrijven.

Ongeveer tegelijkertijd kwam het nieuws naar buiten dat technologie van het Israëlische techbedrijf NSO door niet al te frisse regimes wordt gebruikt om burgers met invloed digitaal te volgen. NSO zegt zijn technologie te verkopen aan klanten die de software gebruiken voor het bestrijden van criminaliteit en terrorisme. Het bedrijf kan, terecht, geen verantwoordelijkheid dragen voor wat er verder mee gebeurt. Als iemand een auto-ongeluk veroorzaakt, krijgt de autofabrikant toch ook niet de schuld?

Critici zeggen dat Israël technologie gebruikt om banden aan te knopen

Maar er is meer aan de hand. Het Israëlische ministerie van Defensie moet sinds 2007 toestemming verlenen voor de export van zulke technologie. En dat maakt de zaak pikant. Israël heeft inmiddels een officieel onderzoek aangekondigd. Critici hebben daar weinig fiducie in. Zij zeggen dat Israël de verkoop van deze technologie gebruikt om banden aan te knopen met landen, ook dictaturen . Zo zou Israël er dankbaar gebruik van hebben gemaakt om de relaties met Golfstaten als de Verenigde Arabische Emiraten en Bahrein te verbeteren.

Samenwerking op het gebied van inlichtingen ging vooraf aan de erkenning van Israël door beide staten vorig jaar, een diplomatieke triomf voor Israël. Maar is het terecht dit alleen de Israëlische regering te verwijten? Geldt het niet voor ieder land dat het zijn sterke punten inzet om zijn positie in de wereld te versterken?

De nieuwe Israëlische regering heeft meer prestige dan de vorigen van Netanyahu. Maar de opinie van burgers wereldwijd wordt een grote zorg als meer populaire merken hun handen aftrekken van Israël.