Biden doet een moreel beroep op de EU om China in de hoek te drijven. Maar hoe zuiver zijn de motieven van de Amerikaanse president? | Commentaar

Zijn voorganger Donald Trump zag weinig in internationaal overleg, maar de Verenigde Staten zitten weer om de tafel, zo wordt de Amerikaanse president Joe Biden niet moe te benadrukken op zijn eerste buitenlandse reis als staatshoofd naar Europa.

Niek van der Molen.

Niek van der Molen. Foto: FD

Er zijn wel enige plooien glad te strijken van het tafellaken, voordat de trans-Atlantische relatie - die zwaar te lijden had onder Trump die de NAVO achterhaald noemde en de EU als een rivaal beschouwde - weer nieuw leven kan worden ingeblazen.

De centrale boodschap van Biden op de G7-top dit weekend, tijdens de NAVO-top van gisteren en de EU-top van vandaag is dat de VS weer mondiaal leiderschap willen tonen en samen met de Europese bondgenoten een harde koers tegen China willen varen. China is hard op weg het stokje over te nemen van de VS als leidende economische en politieke supermacht en is dan in staat de wereldorde vorm te geven. Voor Biden staat er niets minder op het spel dan een strijd tussen democratie en autocratie.

Vertrouwen is nog niet terug

Aan Europese kant is er minder enthousiasme om een stevige houding tegen China in te nemen. Allereerst is het vertrouwen in de VS als stabiele bondgenoot nog niet helemaal terug. Trump is weg, maar over anderhalf jaar kunnen de Republikeinen de meerderheid in het Congres hebben en wie weet veroveren ze in 2024 weer het Witte Huis.

Bovendien namen de VS onder Trumps voorganger Barack Obama al een beetje afscheid van Europa met de ‘draai naar Azië’. Daarnaast hebben de Europeanen tijdens de Trump-jaren geleerd niet meer automatisch de Amerikaanse agenda te volgen en is ‘strategische autonomie’ het leidende motief geworden. Bovendien beschouwen veel Europese landen, met name Duitsland en Frankrijk, China niet alleen als een geopolitieke rivaal maar ook als een economische partner.

Gidsland?

Om de Europeanen warm te krijgen voor de slag met China doet Biden een beroep op de EU als waardengemeenschap, zoals het zichzelf graag afficheert. Zijn bezweringsformule is dat de westerse democratieën alleen door samen op te trekken en door het morele voorbeeld te geven autocratische regimes als China en Rusland weerwerk kunnen bieden.

Natuurlijk delen de VS en de EU dezelfde waarden wat vrijheid, democratie en eerbiediging van de mensenrechten betreft, maar het is nog te vroeg om de wispelturige VS op dat vlak als een gidsland te beschouwen. Bovendien laadt Biden de verdenking op zich vooral de morele kaart te trekken om de Europeanen aan zijn kant te krijgen, terwijl er in feite sprake is van een economische machtsstrijd tussen China en de VS.

Laat de EU, zonder kritiekloos de VS te volgen, zelf een duidelijke China-politiek ontwikkelen. Dan kan het beter Amerikaanse druk weerstaan en doet het eindelijk recht aan de ambitie een geopolitieke speler te worden.