Gemeente Ooststellingwerf, alleen aandacht voor biodiversiteit is niet genoeg. Met bloemenranden alleen ben je er niet | Opinie

Het is mooi dat de gemeente werkt aan een Omgevingsvisie. Maar nog belangrijker is dat in de visie en uitvoering zaken concreter worden gemaakt. Nu is het vaag of op velerlei manieren uit te leggen. Op het gebied van biodiversiteit, zeker op het platteland en nabij de dorpen, is ook hier in Ooststellingwerf nog een enorme inhaalslag te maken. Dat schrijft kleinschalig ecologisch ondernemer Sjoerd Bonnema aan het college en de raad.

Samenwerken met de natuur zou voorop moeten staan bij agrarisch ondernemers, vindt Bonnema.

Samenwerken met de natuur zou voorop moeten staan bij agrarisch ondernemers, vindt Bonnema. Foto: Minne Bonnema

Als kleinschalig ecologisch ondernemer doe ik mijn stinkende best om op een zo’n ecologisch mogelijke wijze samen te werken met mijn streekeigen honingbijen en leefomgeving. Maar ook in mijn bedrijfsvoering ga ik steeds weer een stapje verder. Maar ik ervaar in de praktijk en soms aan den lijve dat echt ecologisch ondernemen door intensief agrarisch gebruik van land en bodem steeds moeilijker aan het worden is. Terwijl we bijvoorbeeld toch naar een circulaire land- en tuinbouw en meer biodiversiteit toe willen.

Daar blijkt in onze gemeente nog helemaal geen sprake van ondanks de wens van een wat ver weg klinkende ‘biobased economy’. Ik vraag mij af voor wie eigenlijk. Eerder is er sprake van een omgekeerde negatieve ontwikkeling op het platteland en bij de dorpen. Tot nu toe heeft overigens alleen een delegatie van de PvdA enige belangstelling getoond in mijn manier van kleinschalig ondernemen en mijn visie op biodiversiteit. Periodiek geef ik in een nieuwsbrief wat meer zicht op de huidige realiteit op het platteland binnen uw gemeente. Daar wordt een mens niet vrolijk van en al helemaal niet gezond. En een bestuurder zou daar wakker van moeten liggen.

Niet alleen een bloemenrandje

Biodiversiteit, leefbaarheid, gezondheid en duurzaamheid moet zich natuurlijk niet beperken tot natuurgebieden of een mooi bloemenrandje langs de weg. Binnen de dorpskernen van de wat grotere dorpen zie ik hier en daar positieve ontwikkelingen in het bermonderhoud (door de gemeente). Maar in de kleine dorpen en ook aan de rand van grotere dorpen wordt het grotere biodiversiteitsplaatje volledig uit het oog verloren.

Steeds meer grond/grasland wordt omgezet in aardappelvelden en soms ook bloembollenvelden. Daar worden geen bio-aardappelen of ecobloembollen op gekweekt. Maar wel veel bestrijdingsmiddelen gebruikt, boven en in de grond. Vaak ook nog op moedwillig foutieve en dus illegale wijze toegebracht. Ook op grasland zie ik steeds meer bestrijdingsmiddelengebruik. Soms lopen de dieren vaak nog in het land tijdens de spuitsessies. Economisch gewin staat kennelijk voorop, de rest is kennelijk flauwekul.

Onaangekondigd gaan te veel boeren gewoon ‘los’. Zodoende heb ik al heel wat van mijn vaste bijenvolk standplaatsen op moeten heffen of anderszins schade ondervonden. Dat is toch de omgekeerde wereld. Van een kennis vernam ik nadat ze vroeg waarom de spuitarmen zo hoog staan de boer als antwoord gaf dat hij dan maar één keer over het land hoefde. U kunt wel nagaan, het gif komt dan overal. Concentraties worden opgevoerd en spuitkoppen onjuist afgesteld. Dan blijft namelijk ook de bestrijdingsmiddelenboekhouding kloppen. Het komt in de sloten, oppervlaktewater, drinkwater in onze tuinen en longen. In onze hele ziel en zaligheid.

Ik stel dan ook voor dat het college en de raad zich sterk gaat maken - stimuleren, ingrijpen, vormgeven, handhaven - en zich duidelijk uitspreekt voor meer biodiversiteit, leefbaarheid, gezondheid en duurzaamheid voor iedereen en daar ook daden aan verbindt. Het land mag dan in eigendom of gepacht worden door intensieve boeren, de discussie over voornoemde onderwerpen kunnen we toch beter overlaten aan ervaringsdeskundigen en bewoners met een vaste wil er iets moois van te maken. Ook voor degene die na ons komen.

Tweehonderd meter tussen bollenveld en tuin

Daarom, puntsgewijs, de volgende adviezen:

1. Stel kleinschaligheid voor grootschaligheid.

2. Breng onbespoten producten terug in onze streek, middels verbouw, verkoop en consumptie

3. Dring bestrijdingsmiddelengebruik terug. Een verbod zal nog wel niet haalbaar zijn maar is natuurlijk de beste optie. Benader ook verkooppunten.

4. Leg de aardappel- en bloembollenteelt aan banden, zeker nabij dorpen en woonlocaties. Zorg voor minimale afstanden tussen gewassen waar bestrijdingsmiddelen worden gebruikt, en woonlocaties en hun tuin of erf. Tweehonderd meter lijkt mij een goede afstand, voortkomend uit mijn ervaringen in de praktijk

5. Zorg voor meer educatie en voorlichting over deze maatregelen bij de boeren, maar ook bij de andere bewoners van het platteland. Daar is ook nog veel te winnen. Vergif en lawaaimachines zijn voor de gewone consument nog te gemakkelijk te koop. De kleinschalige eco-ondernemer en pionier wordt nog te vaak als een gek vrouw of mannetje weggezet.

Te zwak en te vaag

In de omgevingsvisie van Ooststellingwerf staat dat er aandacht is voor biodiversiteit. Dat is natuurlijk veel te zwak en vaag uitgedrukt. Voor nog te veel boeren in onze gemeente geldt: ‘Als ik het ene gif niet meer mag gebruiken ben ik wel genoodzaakt een ander gif te gebruiken’. Waarbij ze vaak ook nog de regels overtreden, maar waar bitter weinig op wordt gecontroleerd. Mogelijk vinden de boeren het al een goede stap in de richting. Maar er blijkt niet echt een gedrags- of motivatieverandering uit.

Ik ga voor een leefbaar en gezond platteland. Voor iedereen. Voor alle bewoners en voor alles wat kruipt, vliegt en zwemt. Het kan anders, het moet anders. Veel pioniers, ook in de agrarische sector, hebben in het verleden weerstand geboden aan de zucht naar kwantiteit en schaalvergroting. Zij zijn nu de voorlopers. Geef hen en hun opvolgers de ruimte. In het belang van ons allen.

Gaarne verwacht ik een steekhoudende reactie van B en W en van de gemeenteraad(sleden). Morgen, 10 juli, bent u met de juiste intentie van harte welkom bij de open tuindag.

Sjoerd Bonnema is kleinschalig ecologisch ondernemer te Fochteloo