Opinie: Biologische boer betaalt al te lang het gelag

Al tientallen jaren worden de biologische boeren in het landbouwbeleid over een kam geschoren met hun gangbare collega’s. Het is tijd om met twee maten te meten: de bioboer heeft al strenge regelgeving en hoeft niet nog eens gekort te worden.

Eerlijker maatregelen die bovendien stimulerender moeten zijn om over te schakelen op extensieve landbouw zouden eurocommissaris Frans Timmermans als muziek in de oren moeten klinken.

Eerlijker maatregelen die bovendien stimulerender moeten zijn om over te schakelen op extensieve landbouw zouden eurocommissaris Frans Timmermans als muziek in de oren moeten klinken. Foto: AFP

In de hoek van de biologische landbouw is men van mening dat ze al veertig jaar het gelag moeten betalen van de tekortkomingen van de gangbare/intensieve landbouw. Dit is een pijnlijke constatering, die niet bedoeld is als veeg uit de pan, maar als bouwsteen voor een duurzame toekomst en landbouw.

Ik heb wat reacties van met name biologische/extensieve boeren vanaf de periode van de superheffing op een rij gezet.

1. 1984. Superheffing 8 procent korting op het quotum, veroorzaakt door de intensieve melkveehouderij, maar biologisch moest ook inleveren. En een boer met extra stalruimte kreeg extra quotum, maar boer met extra land niet. Gevolgd door nog eens een generieke korting van zo’n 4 procent, met dank aan de intensieve melkveehouderij, of een fout voorlichtingsbeleid van de overheid.

2. Eind jaren tachtig. Vijf jaar lang een cent korting op de literprijs als gevolg van overproductie. Dit gold ook voor de biologische melk, hoewel daar nooit overproductie is geweest.

3. Eind jaren negentig. De overheid wil biologische productie stimuleren, een goed initiatief, maar de wijze van steun aan de omschakelboeren was niet evenredig aan de steun voor bestaande biologische boeren.

4. 2007. Melkpremie-inkomenssteun. 3,5 cent per liter, maar de melkfabriek trekt dit van de literprijs af, de bank vertaalt dit naar een vaste inkomenssteun, en die financiert per hectare. Dit geeft intensieve boeren (25.000 liter melk per hectare, inclusief hectares aangekocht voer), de mogelijkheden tot 875 euro per hectare financiering en een biologische boer (5500 liter per hectare) slechts 190 euro. En boeren die meer dan een miljoen financiering hadden kregen euriborrente, 1 procent korting. Wederom een vorm van positieve discriminatie, terwijl we het tegenovergestelde willen.

5. 2016. Hectarepremie en voor bioboeren automatisch de vergroeningstoeslag, hiep hoi. Deze wordt echter door de intensieve landbouwlobby genuanceerd tot een overgangsregeling in vijf jaar, van premie op liters melk naar premie op hectares. En dus in 2020 pas gerechtigheid voor de bioboeren.

6. Fosfaatreductieplan. De grootste overschrijders mochten er tien maanden over doen, en de kleinste overschrijders moesten het in twee maanden doen. Dus weer bescherming voor de veroorzakers en een onevenredige straf voor die boeren die het al goed deden.

7. 2018. Fosfaatrechten, wederom een gevalletje positieve discriminatie van intensieve boeren. Zij krijgen meer fosfaatruimte per koe, en de vrijkomende fosfaatruimte van de extensieve boeren. Dat betekent dat de fosfaatkosten per liter melk bij extensieve boeren hoger zijn.

8. Natuurbeschermingswetvergunning en stikstofuitstoot. In de berekeningen wordt bij hoogproductieve koeien niet meer ammoniakuitstoot berekend. 720 uur weiden geeft reductie op ammoniakuitstoot, maar de bioboer/kringloopboer die vijf tot acht keer zo veel weidegang toepast, krijgt niet evenredig zo veel korting/aftrek op de ammoniakuitstoot.

9. 2020. Er is een nieuwe regel dat intensieve boeren steun krijgen om meer grond te verwerven om extensiever te worden. Wederom een vorm van oneerlijk beleid, indirect een stimulans om door te gaan met groei, en het is een inefficiënt beleid om je doel te bereiken.

10. Boeren mogen maximaal drie Groninger molentjes met een hoogte van vijftien meter. Het aantal molens wordt echter bepaald door de hoeveelheid stroom die het bedrijf de afgelopen jaren heeft verbruikt. Dus een intensieve boer met bijvoorbeeld melkrobots en weinig weidegang krijgt weer een beloning en een efficiënte energiezuinige boer is weer de Sjaak.

Geen calimerogevoel

Deze tien punten zijn niet bedoeld om een calimerogevoel bij de biologische boeren te activeren, maar als oproep tot het maken van andere en meer logische afwegingen. Beleid, belangenvertegenwoordiging en uitvoering is de afgelopen veertig jaar altijd vertaald in het voordeel van de intensieve veehouderij, terwijl het doel extensivering betrof, en de reeds extensieve boeren onevenredig hard het gelag moesten betalen.

Zo maken we ons extra sterk voor dat deel van de sector die haar tol al ruimschoots heeft betaald

Laten we nou bij de uitwerking van de fosfaat- en stikstofproblematiek niet weer dezelfde fout maken. Daarom roep ik de provinciale overheid, alle agrarische belangenorganisaties, het waterschap, maar ook de natuurbeschermingsorganisaties op om het verleden achter zich te laten, en onze positieve Friese eigenzinnigheid bij de rijksoverheid te verzilveren. Zo maken we ons extra sterk voor dat deel van de sector die haar tol al ruimschoots heeft betaald.

Met andere woorden: meten met twee maten, biologische landbouw heeft haar eigen strenge duurzaamheidsregelgeving en hoeft dus niet nog eens een keer gekort te worden op basis van de omissies van de gangbare/intensieve landbouw. Dat is veel eerlijker en werkt ook nog eens stimulerend voor de omschakeling naar biologisch/kringloop. Dit moet minister Carola Schouten en Eurocommissaris Frans Timmermans als muziek in de oren klinken. Het beleid is al klaar, dus uitvoeren maar.

Nico Minnema is van Successie Natuurzaken, een adviesbureau op het gebied van natuur en ecologie.

Biologische landbouw, aparte sector die apart benaderd moet worden

De invoering van de fosfaatwetgeving heeft tot grote problemen in de sector geleid, zegt de voorzitter. ,,Een kwart heeft er enorm last van gehad en 5 procent gaat het met de huidige opzet niet redden."