Opinie: De bevolkingen van Israël en Libanon verdienen een betere regering

De buurlanden Israël en Libanon zijn in de greep van politieke onrust. De publieke woede richt zich op de politici die etnisch-religieuze spanningen uitbuiten voor hun eigen gewin.

In Libanon en Israël verwijten betogers de politieke leiding corruptie en nalatigheid.

In Libanon en Israël verwijten betogers de politieke leiding corruptie en nalatigheid. Foto: EPA

In een toch al bijzonder jaar is de zomer in Libanon en Israël bijzonder stormachtig. In de straten van onze noorderburen wordt al vanaf het begin van het jaar gedemonstreerd tegen de corrupte en incompetente regering. Covid-19 maakte een toch al precaire situatie alleen nog maar problematischer. En toen was daar vorige week de enorme explosie in Beiroet, die vele mensen doodde en een deel van de stad verwoestte die de afgelopen vijftig jaar al zeer vertrouwd is geraakt met wat verwoesting inhoudt. De publieke woede en onmacht richten zich op alle politici en hoge ambtenaren, om het even wat hun etnisch-religieuze achtergrond is.

De politieke situatie in Israël is ook verre van stabiel. Al maandenlang demonstreren duizenden mensen elke zaterdagavond, en soms ook door de week, bij kruisingen, op bruggen, maar met name bij het huis van de premier in Jeruzalem. Men protesteert tegen het onbegrijpelijke, ineffectieve corona-beleid en de stuurloosheid van de regering. Maar in tegenstelling tot Libanon zijn de boosheid en frustratie van de demonstranten hier niet alleen tegen de regering in zijn geheel gericht, maar richten ze zich daarnaast specifiek op één persoon: de premier. Het enige waar het hem om lijkt te gaan zijn de drie rechtszaken die tegen hem lopen (hij wordt verdacht van omkoping, fraude en misbruik van vertrouwen).

Goedkope sneers

In de drie maanden sinds de regering aantrad zijn de ministers en Knesset-leden van de coalitiepartijen drukker geweest met onderling bekvechten dan met het bestrijden van corona, het heropstarten van de economie, of regeren in het algemeen. Bibi - zoals Netanyahu wordt genoemd - geeft geen enkele leiding, hij lijkt te regeren via goedkope sneers op Twitter en Facebook, en aan te sturen op nieuwe verkiezingen. Commentatoren zijn ervan overtuigd dat Netanyahu, zodra hij op basis van de peilingen de tijd rijp acht, de regering zal doen vallen en nieuwe verkiezingen zal uitschrijven.

Met name de professionaliteit van de minister van Justitie (van Blauw-Wit), die het in tegenstelling tot zijn voorgangster en potentiële opvolgster voor de rechterlijke macht opneemt, stoort hem. De werkelijke zorgen van veel mensen zijn wel het laatste wat de premier momenteel boeit, en duizenden Israëliërs maken hun afkeur daarover luidkeels duidelijk en zichtbaar.

Corruptie

Libanon en Israël zijn buurlanden die sterk van elkaar verschillen. Toch hebben ze meer gemeen dan hun beider inwoners zouden willen toegeven. In beide landen speelt religie een sleutelrol, ook en vooral in de politiek. Hetzelfde geldt voor etnische scheidslijnen. In beide landen benutten politici de etnisch-religieuze spanningen en verschillen voor hun eigen gewin, en voor dat van hun families, en van de groepering of gemeenschap waartoe ze behoren. Dit verklaart grotendeels waarom corruptie zo welig tiert in Israël en Libanon.

Opinie: Ontreddering in Libanon

Dat de ramp in Beiroet kwam door het ontploffen van een opgeslagen lading ammoniumnitraat in de haven is wel duidelijk. Maar waarom die lading daar zo lang kon blijven liggen en hoe het kon ontploffen zal wel nooit helder worden. Zoals wel vaker in Libanon.

Triest - en ironisch - genoeg is een geweldig maar onbenut potentieel de grootste gemene deler tussen de twee landen. Zonder de interne en externe conflicten, en ondanks de afwezigheid van enorme natuurlijke rijkdommen (op wat Israëlisch gas na, een rijkdom die ook merendeels verkwanseld lijkt te worden), zouden Libanon en Israël in elk opzicht een licht voor alle volken in de regio kunnen zijn. In plaats daarvan hoort Israël, om maar aan te geven hoe absurd de situatie is, bij de lidstaten van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling tot de landen met de hoogste armoedecijfers en de grootste inkomensverschillen. Israël is nog geen failed state zoals Libanon, maar de regering in Jeruzalem faalt al jarenlang. Beide landen kunnen en verdienen veel beter. Niet voor niets verlaten veel jonge hoogopgeleide Libanezen en Israëliërs hun geboorteland, vaak voorgoed.

Zonder de interne en externe conflicten zouden Libanon en Israël in elk opzicht een licht voor alle volken in de regio kunnen zijn

Israëliërs zijn meestal niet bang uitgevallen, maar de grootste angst van veel van hen is om voor frayer (sukkel, iemand die over zich heen laat lopen) te worden versleten. Toch ken ik geen land waar procentueel zoveel frayers te vinden zijn als Israël. Israëliërs klagen graag over de idioot hoge kosten van levensonderhoud en de corruptie, maar als ze de kans krijgen om de hoofdschuldigen voor die problemen af te straffen, belonen ze hen wederom. Mede daardoor is er ook al jarenlang geen geloofwaardige oppositie meer.

De politieke verhoudingen in Israël zijn heel constant en stabiel, dat maakt het regeren paradoxaal genoeg nu juist zo moeilijk, en de kans op noodzakelijke veranderingen miniem. In principe kan Bibi ieder half jaar verkiezingen houden en steeds weer een krappe meerderheidscoalitie samenstellen en daarmee doorsukkelen. Alhoewel ik de indruk heb dat de Libanezen minder frayers zijn dan de Israëliërs, is hun politieke situatie niet rechtvaardiger en minder ingewikkeld of star dan die van Israël, integendeel. De regering in Beiroet is nu gevallen, maar de politieke verhoudingen - deels bij wet vastgelegd - zijn daar alleen nog maar precairder dan hier.

Niet voor niets verlaten veel jonge hoogopgeleide Libanezen en Israëliërs hun geboorteland, vaak voorgoed

In het ‘Zwitserland van het Midden-Oosten’ is de kans op daadwerkelijke veranderingen ten goede binnen afzienbare tijd zo mogelijk nog kleiner dan bij ons. Sommige van de zeer diverse problemen die deze twee landen teisteren zijn hardnekkiger dan welk virus dan ook. Hulp, maar vooral belangstelling, steun en advies van buitenaf blijven van vitaal belang, maar uiteindelijk zullen echte oplossingen toch door de mensen in Libanon en Israël zelf gewenst, aangedragen en gerealiseerd moeten worden. Tot die tijd wil ik u slechts vragen om, in een parafrase op Psalm 122:6, te bidden voor de vrede van Jeruzalem én van Beiroet.

Bert de Bruin is historicus, leraar Engels aan het Leo Baeck Education Center in Haifa, Israël, en columnist voor deze krant. Reageren? bertsbril@gmail.com