Er zijn steeds meer Amerikaanse rivierkreeften in de zoetwateren van Fryslân te vinden, inheemse Europese variant neemt af

Ze worden steeds vaker gespot: de Amerikaanse rivierkreeften. Inmiddels komen de exoten in bijna heel Nederland voor. ,,Degene die je het minst ziet, is de oorspronkelijke inheemse kreeft, de Europese rivierkreeft. Dat is een zeldzaamheid’’, zegt Jakob Hanenburg, boswachter van Staatsbosbeheer in Twijzel.

De gestreepte Amerikaanse Rivierkreeft (Procambarus acutus).

De gestreepte Amerikaanse Rivierkreeft (Procambarus acutus). Foto: Marcel van Kammen

Volgens de boswachter heeft de inheemse kreeft last van concurrentie van de exotische soorten. De Amerikaanse rivierkreeften vallen onderling uiteen in verschillende soorten. Zo is er onder meer een gestreepte variant, een gevlekte en een rode. In Fryslân wordt met name de gevlekte soort gezien.

De opkomst van de kreeften is al veel langer aan de gang, maar Hanenburg ziet nu wel een toename. Ze zijn waarschijnlijk enkele decennia geleden ontsnapt uit een aquarium en verspreiden zich nu snel: ,,Het gaat als een vlek over het landschap .’’

Dat valt volgens de boswachter goed te verklaren. Als een dier of plant van een ander continent in een nieuw gebied komt, dan zijn veel van de oorspronkelijke concurrenten er niet meer. Daardoor kan de soort explosief groeien. Na die fase nemen de aantallen weer af en blijft de populatie op een ander niveau aanwezig in het leefgebied. ,,Bij de kreeft zijn we nu aan het begin van de explosieve groei’’, schat Hanenburg in. En dat kan nog wel jaren duren. ,,Geduld is een schone zaak.’’

Schade

Die explosieve groei zou nu wel voor problemen kunnen zorgen: de kreeftjes hebben vermoedelijk een grote impact op de watervegetatie. ,,De kreeften knippen planten los en dat is zeker een probleem. Het begint met vegetatie: dat zorgt voor bescherming en voedsel voor vissen. Het grijpt dus in het ecosysteem in.’’

Het lijkt er daarbij op dat bepaalde soorten meer impact hebben dan andere. ,,De rode Amerikaanse rivierkreeft schijnt de meeste schade aan te richten. Die zit vooral in Noord- en Zuid-Holland, en een paar bij ons. Die kun je ’s avonds ook op straat tegenkomen, want die komen uit het water’’, vertelt Hanenburg.

Integreren

Toch is er ook een keerzijde. Zo zijn er in de leefgebieden hier soorten die profiteren van de komst van de kreeftjes: ,,Er zijn al otters die nu rivierkreeftjes eten.’’

En daarbij zijn ze ook lastig te bestrijden. ,,Dit zijn dingen die je bijna niet kunt keren’’, zegt de boswachter. ,,Als je een of twee exoten ziet, dan moet je er zo snel mogelijk voor zorgen dat je ervan af komt. Maar met tientallen kom je er al niet meer vanaf. Ze gaan nu op in het Nederlandse ecosysteem, net als bijvoorbeeld de Chinese wolhandkrab.’’

Het bestrijden van de exoten is volgens de boswachter bovendien erg duur. ,,Bij de Watercrassula zijn er miljoenen in geïnvesteerd om ervan af te raken, maar dat was niet zinvol’’, herinnert Hanenburg zich. ,,Je moet je afvragen wat het belang is.’’

Ook de Brede waterpest, een andere plant, was in de negentiende eeuw een exoot. ,,Maar die dingen integreren hier in de natuur. Er is ook leven na de invasie. De natuur is een constant proces van aanpassen aan verandering’’, legt Hanenburg uit. En wat betreft de Amerikaanse rivierkreeftjes: ,,Het is een nieuwe werkelijkheid.’’