Bouwleges verschillen sterk per gemeente

Wie een huis wil bouwen of verbouwen, moet afhankelijk van zijn gemeente veel of weinig betalen voor de vergunning. De Vereniging Eigen Huis wil af van die verschillen en vooral van de ‘excessen’. Hoogleraar Maarten Allers zegt dat hoge tarieven eigenlijk niet zo erg zijn.

De vergunning voor een gemiddelde verbouwing kost 10.000 euro exclusief btw.

De vergunning voor een gemiddelde verbouwing kost 10.000 euro exclusief btw. FD

De verschillen zijn groot. Voor de vergunning voor een gemiddelde verbouwing (10.000 euro exclusief btw) en een gemiddelde nieuwbouwwoning (175.000 euro) zijn mensen op Ameland het goedkoopste uit van heel Fryslân, met respectievelijk 184 en 2603 euro. Een eiland verderop, op Terschelling, moet voor dezelfde klus juist relatief veel geld naar de gemeente worden overgemaakt: 489 en 6150 euro.

De Vereniging Eigen Huis zette alle bouwtarieven van gemeenten in heel Nederland op een rij en kwam tot de conclusie dat de prijsverschillen nog erg groot zijn. Dat geldt ook voor Friese gemeenten, waar de leges in Weststellingwerf bijvoorbeeld meer dan drie keer zo hoog zijn als op Ameland (586,35 versus 184 euro).

Gemeenten zijn vrij in het bepalen van hun tarieven, al geldt wel dat ze maximaal kostendekkend mogen zijn. Gemeenten mogen dus niet verdienen aan de vergunningverlening.

Het geld kan beter van de veroorzaker komen dan uit de algemene middelen

De Vereniging Eigen Huis stelt dat het legesstelsel leidt tot ‘onrechtvaardige verschillen’. Directeur Rob Mulder pleitte gisteren voor ingrijpen van minister van Binnenlandse Zaken Kajsa Ollongren. Zij zou gemeenten moeten aanspreken die uitzonderlijk veel vragen. Hij noemde als voorbeeld de gemeente Voorschoten (Zuid-Holland), waar de vergunning voor een nieuwbouwwoning 12.000 euro moet kosten.

De Friese gemeenten zijn niet de duursten van het land, wel zijn er ook hier grote verschillen. Uitschieters Terschelling en Weststellingwerf zeiden gisteren niet te kunnen reageren op de vraag hoe zij tot hun tarieven zijn gekomen.

Maarten Allers, hoogleraar economie van decentrale overheden aan de Rijksuniversiteit Groningen, zegt dat het niet erg hoeft te zijn als gemeenten hogere tarieven hanteren. Hij redeneert dat andere inwoners indirect meebetalen in gemeenten die níét alle kosten van de vergunningverlening in rekening brengen. ,,Het geld moet toch érgens vandaan komen. Dan kan het beter van de veroorzaker komen dan uit de algemene middelen.” Hij wijst erop dat dergelijke vergunningen specifiek ten goede komen aan de mensen die ze aanvragen, en dat het dus eigenlijk goed is om ze ook rechtstreeks in rekening te brengen.

Allers wijst er verder op dat gemeenten heel uiteenlopende manieren hebben om de prijs van de vergunningte berekenen. Daardoor kan het zijn, zegt hij, dat de lijst met dure gemeenten heel anders wordt als naar een ander bouwbedrag wordt gekeken.

Relatief goedkoop

Inwoners die vinden dat hun gemeente te veel in rekening brengt, kunnen naar de rechter stappen en zich beroepen op de regel dat gemeenten er niet aan mogen verdienen. De kans van slagen lijkt niet groot: Allers zegt dat - voor zover hem bekend - nog nooit een rechter heeft geoordeeld dat een gemeente te hoge tarieven hanteerde.

Over het algemeen zijn Friese gemeenten overigens relatief goedkoop. Een vergunning voor een verbouwing kost hier gemiddeld 312 euro, die voor een nieuwbouwwoning 4299 euro. Dat is aanmerkelijk minder dan de landelijke gemiddelden van 375 en 4835 euro.