De gevaarlijke route tussen Drachten en Leek van de laatste tram van Fryslân | Serie: Het spoor terug

Verslaggever Geert Veldstra gaat met de fiets en te voet langs de oude tramlijn tussen Lemmer en Groningen. Wat is er nog van het oude spoor te zien en is hier ruimte voor de Lelylijn?

Locomotief op het terrein van Philips.

Locomotief op het terrein van Philips.

Nergens is de tramhistorie duidelijker aanwezig dan bij Philips aan de Lange West in Drachten. Sinds 2013 staat hier weer een echte locomotief.

Kort nadat het spoor van Lippenhuizen tot aan de kruising Folgeren en Folgeralaan bij het voormalige hotel Vreewijk in 1947 werd opgeheven, kwam er een stukje spoor bij in Drachten. Dit had alles te maken met de komst van elektronicafabrikant Philips in 1950. Het nieuwe spoor liep van de oude fabriek aan de Lange West langs de Noorderhogeweg, maakte bij de Kletsterlaan tegenover Renaultgarage ABD een bocht, liep dwars door de huidige nieuwbouwwijk Burmaniapark, om voorbij de kruising met de Folgeren weer een grote bocht te maken en zo uit te komen op het al bestaande spoor dat van hotel Vreewijk naar Groningen liep.

Locomotief

Om deze geschiedenis weer in beeld te brengen, liet de werkgroep Spoorverleden Drachten in 2013 de locomotief plaatsen op het terrein van Philips. ,,Wij zijn treinliefhebbers en wilden graag het spoorverleden weer laten zien”, zegt oud-voorzitter Date de Vries. ,,We hadden ook een tijdje het plan om een oude wagon in het centrum te plaatsen, maar dat is op een lager pitje gezet.”

De Vries heeft gemengde gevoelens bij de komst van de Lelylijn. ,,Als treinliefhebber zou ik het natuurlijk prachtig vinden, en een plek als Drachten hoort ook eigenlijk aan het spoor te liggen. Aan de andere kant is het de vraag of je hier als bewoner ook op zit te wachten. De komst van het spoor gaat gepaard met meer woningbouw, maar ik vind dat Drachten wel groot genoeg is. We hebben alle voorzieningen, het hoeft niet drukker te worden.”

Seinen

De route langs de Noorderhogeweg is grotendeels nog te volgen via een fietspad. Het stopt voorbij Paulusma Reizen aan De Kletten. Aan de overkant van de Noorderhogeweg bij de Renaultgarage is het traject is een schelpenpad geworden waar de nieuwbouwwijk Burmaniapark omheen is gebouwd. Bij de kruising met de Folgeren zijn nog de tramseinen te zien die passanten vroeger waarschuwden.

Aan de overkant van de weg is nu een stukje begroeid niemandsland dat doodloopt. Sommige stukken van de oude route zijn inmiddels bij de tuinen van omwonenden getrokken. Ik moet een stukje omfietsen om voorbij het voormalige hotel Vreewijk weer op het oude traject te komen, dat bijna zeven kilometer recht doorliep over het fietspad naar de huidige recreatieplas Strandheem bij Opende.

Het is een lang recht stuk, maar tussen de lintbebouwing en het smûk skaadzjend beamtegrien van de vele boomwallen niet saai. Bij Strandheem moet ik een stukje omfietsen. De tram reed hier recht langs de plas die ontstond als zandafgraving. Het traject langs het water is nu onderdeel van de camping.

Via de Parkweg kom ik ter hoogte van Café Bos weer op het oude traject, dat nu Natuurpad heet. Een mooi schelpenpad dat tussen de landerijen ligt en langs een stukje van de Jilt Dijksheide loopt, waar een kudde Schotse Hooglanders graast.

Vergeldingsactie

Vlak voor het viaduct onder de A7 staat een monument dat herinnert aan een aanslag van het verzet op 23 november 1944 op de stoomtram. Als vergelding voor deze actie brachten de nazi’s vijf willekeurige gevangenen van het Scholtenhuis naar deze plek, waar ze werden gefusilleerd.

Na een stukje over de Noorderringweg langs de romaanse kerk van Marum vervolg ik mijn weg over het Kerkpad, een wandelpad dat via de Spoorstraat uitkomt achter Horeca Centrum Heerlijkheid, een eufemisme voor een snackbar. In de jaren vijftig en zestig werden hier kolen van de tramwagons gelost en opgeslagen.

Vier stappen

Voorbij restaurant en zalencentrum De Kruisweg kan ik het oude spoor weer volgen over een fietspad dat naast de weg ligt. Vlak voor Nuis stop ik even bij het huisje waar mijn opa en oma woonden. Ik meet de afstand tussen het pad en de voorgevel. Het spoor was slechts vier stappen van het huis verwijderd.

Ze woonden hier met een gezin van negen kinderen, en mijn oma was altijd ongerust over de nabijheid van het spoor. De jongste kinderen zaten vroeger met een touw vast om te voorkomen dat ze te dicht bij de tram kwamen. Helaas werd die tram haar fataal. Op 10 november 1981 zou ze met mijn oom in een oud Dafje het spoor oversteken. Midden op spoor sloeg de motor echter af en het lukte haar niet op tijd de auto te verlaten. De machinist van de tram uit Groningen zag de auto te laat.

De tram reed gemiddeld tussen de 30 en de 50 à 60 kilometer per uur. In de bebouwde kom ging het wel wat langzamer, maar langs het hele stuk van ruim zes kilometer tussen Marum en Tolbert staan tientallen huizen en boerderijen waarbij elke oprit een onbewaakte spoorovergang was. Het was een moeilijk traject en met lading was het voor de machinist extra lastig om op tijd te stoppen.

Ik heb mijn oma nooit gekend, ze werd 58 jaar. Ze was lang niet het enige slachtoffer op dit traject. Vanuit veiligheidsoverwegingen waren er in de jaren zeventig nog plannen om het spoor te verplaatsen naar een nieuw traject parallel aan de A7, maar dat kwam er niet van. Begin jaren tachtig bleek het zogenaamde Philipslijntje de NS al meer te kosten dan het opbracht en in 1985 werd het traject definitief opgeheven.