Voorzitter Bianca Boonstra met vrijwilligers Maresa van Huizen en Esther van Huizen (achteraan) in de kleding- en speelgoedbank Burgum.

De kleding- en speelgoedbank in Burgum stopt. ‘Je zou denken: in deze tijden zijn we toch nodig?’

Voorzitter Bianca Boonstra met vrijwilligers Maresa van Huizen en Esther van Huizen (achteraan) in de kleding- en speelgoedbank Burgum. Foto: Marchje Andringa

Noodgedwongen sluit de kleding- en speelgoedbank Burgum de deuren. Te weinig mensen maakten de afgelopen maanden nog gebruik van deze voorziening. ,,We denken dat mensen in de tijd dat we door corona dicht waren, zelf hun weg hebben gevonden.”

Normaal zouden vrijwilligers van de kleding- en speelgoedbank in Burgum de zomerkleding al in de rekken hebben gehangen. Maar in coronatijd liep de kledingaanvoer terug, net als het aantal gelddonaties.

En er was nog een ander effect: er kwamen nauwelijks nog klanten om spullen uit te zoeken. Het bestuur hakte daarom de knoop door: de kledingbank sluit de deuren. ,,Je zou denken: in deze tijden zijn we toch nodig? Maar we moeten stoppen, met pijn in het hart”, zegt voorzitter Bianca Boonstra.

Huishoudens met een smalle beurs konden per maand gratis een aantal kledingstukken en speelgoed uitzoeken bij de stichting, die in 2015 werd opgericht. De behoefte was er. In de eerste jaren deden tussen de twee- en driehonderd huishoudens een beroep op de organisatie, ook uit gemeenten waar nog niet zo’n voorziening was. Gezinnen die net boven de inkomensgrens van de voedselbank zaten, en daardoor bij verschillende regelingen buiten de boot vielen, waren ook welkom.

Vorig jaar maakten nog zo’n honderd huishoudens gebruik van de bank. Dat aantal nam af naar vijftig. Na de winkelheropening werden bijna geen klanten gezien. ,,Soms kwam er één iemand langs op een dag of geen.”

Facebook

De maandenlange sluiting vanwege de coronamaatregelen is daar debet aan, constateert Boonstra. ,,We denken dat mensen in die tijd dat we dicht waren, zelf hun weg hebben gevonden. Via Facebook bijvoorbeeld. We zien dat daar veel gratis kleding wordt aangeboden.”

Aan de ene kant is dat natuurlijk mooi, erkent Boonstra. Tijdens de sluiting konden ook geen spullen worden aangenomen, en ook daar bood een site als Facebook uitkomst, denkt ze. ,,Als ik voor mijzelf spreek: als ik de kledingkast leeghaal wil ik de oude spullen ook niet eerst nog een half jaar bewaren voor ik ze weg kan brengen.”

De stichting kreeg in 2015 een eenmalige bijdrage van de gemeente Tytsjerksteradiel om op te starten, maar draaide daarna zonder gemeentesteun. Inkomsten kwamen onder andere van collectes uit de kerk en particuliere giften. Maar ook die inkomsten liepen terug.

Naast het weggeven van kleding en speelgoed werden ook spullen verkocht, als extra inkomstenbron om de onkosten mee te dekken. Ook dat stokte. Boonstra: ,,En toen werd het voor ons een optelsom. We hebben kosten voor het pand, zevenhonderd euro. We kunnen dan wel steeds zeggen: we kijken het nog een week aan, maar op een gegeven moment houdt het op.”

Dubbel gevoel

Een deel van de spullen gaat naar andere kledingbanken. Op 28 en 29 mei houdt het bestuur een totale verkoop in het pand aan de Oppedijk van Veenweg, waarbij ook de vaste inventaris wordt verkocht. Met de opbrengst worden de laatste vaste lasten betaald. Wat daarna overblijft is voor de voedselbank in het dorp.

De sluiting (sinds 1 mei) valt het bestuur, dat uit vijf vrijwilligers bestaat, zwaar. ,,Het is dubbel. Het is mooi dat mensen zelf hun weg hebben gevonden, maar ik denk toch dat er nog steeds mensen zijn die ons nodig hebben. In Sneek is juist net een kledingbank geopend. Zonder corona waren wij waarschijnlijk ook opengebleven.”